Advertentie
Advertentie

KMO willen betere rendabiliteit

De KMOs in de technologiesector groeien vooral om de rendabiliteit van de onderneming te verbeteren. Ook de wil om te overleven of om de productiecapaciteit optimaal te benutten, zijn belangrijke groeimotoren. Dat blijkt uit een enquête van de werkgeversfederatie Agoria die 1.223 bedrijven met 169.000 werknemers vertegenwoordigt, waarvan 932 KMOs (76%) met 30.000 werknemers (18%). Agoria voerde de enquête uit bij haar leden naar aanleiding van haar eerste KMO-Forum.KMOs worden ook belemmerd te groeien. Het onderzoek wijst uit dat vooral de toenemende reglementering, het gebrek aan gekwalificeerd personeel, de financieringsproblemen en de sociale drempels KMOs doen afzien van groeiplannen. Sociale drempels houden in dat een KMO met minder dan 50 of 100 werknemers allerlei bijkomende verplichtingen moeten naleven zoals een comité voor preventie op het werk of een ondernemingsraad oprichten. Zij verkiezen daarom vaak niet te groeien en niet boven de grens van 50 of 100 werknemers uit te stijgen.Om de groei van KMOs te bevorderen, moet het ondernemingsklimaat goed zijn, vinden de meeste ondervraagde KMOs. Ze zijn ook sterk gewonnen voor een verlaging van de vennootschapsbelasting en een vermindering van de reglementering en administratieve vereenvoudiging. Verhoging van de sociale drempels is een andere stimulans, net als meer onderhandelingsvrijheid en meer vrijheid bij de opstelling van arbeidscontracten.Agoria analyseerde ook de jaarrekeningen van de grote ondernemingen en de KMOs die lid zijn van de vereniging. In de groep KMOs bleef de werkgelegenheid tussen 1996 en 2000 bij 46 procent van de bedrijven stabiel. Bij 19 procent deed zich een daling voor en bij nog eens 19 procent was er een lichte groei. De overige 15 procent kende een sterke groei van de werkgelegenheid. De andere ondernemingen lieten een verdeeld beeld zien. De werkgelegenheid bleef stabiel bij 26 procent van de bedrijven, zakte bij 28 procent, kende een lichte groei bij 17 procent en een sterke groei bij de resterende 26 procent. De stabiele werkgelegenheid bij de KMOs geeft aan dat KMOs minder kwetsbaar zijn voor de conjunctuur. Sommige functies worden maar door één persoon uitgeoefend, zodat ontslag moeilijk is zonder de activiteiten in het gedrang te brengen. Ook voor het eigen vermogen, de omzet en de kasstroom is de KMO een toonbeeld van stabiliteit met percentages van respectievelijk 56, 54 en 57 procent. Bij een kwart van de KMOs is er lichte groei. De sterke groei van eigen vermogen, omzet en kasstroom doet zich vooral voor bij de andere ondernemingen, die op respectievelijk 26, 26 en 29 procent uitkomen, tegenover 15, 6 en 8 procent van de KMOs.Over de periode 1996-2000 halen de KMOs een gemiddelde groei van de werkgelegenheid van 2 procent per jaar, tegenover -0,3 procent voor de grote bedrijven. Het eigen vermogen steeg slechts met gemiddeld 1 procent per jaar, tegenover 6,2 procent voor de andere bedrijven. De KMOs boekten een gemiddelde omzetstijging per jaar van 7 procent, tegenover 5,5 procent voor de andere bedrijven, maar de kasstroom groeide niet, tegenover 7,3 procent voor de andere bedrijven. KB