Advertentie
Advertentie

Krachtige ingreep

De Europese Centrale Bank (ECB) verbaasde gisteren de financiële markten met een onverwacht grote renteverhoging. Ze trok haar basisrente met een half procentpunt op, terwijl bijna iedereen een verhoging met een kwart procentpunt had voorspeld.De verstrakking van het monetair beleid was nodig om de geloofwaardigheid van de ECB niet in het gedrang te brengen. Vooreerst blijft de groei van de geldhoeveelheid versnellen. De afwijking tegenover de nagestreefde geldgroei van 4,5 procent wordt steeds groter. Bovendien ziet het er naar uit dat de inflatie dit en volgend jaar zowat 2 procent zal bedragen, vooral als gevolg van de olieprijsstijging en de daling van de euro. De ECB moet volgens haar statuten prijsstabiliteit nastreven en ze definieert deze doelstelling als een inflatie van minder dan 2 procent op middellange termijn.Waarom opteerde de ECB voor een vrij agressieve renteverhoging? Waarschijnlijk is er een verband met de andere belangrijke beslissing van gisteren, de vervanging van de vaste door een variabele rente. De grote renteverhoging vermindert de nood aan een bijkomende ingreep in de nabije toekomst. Dit vermindert de onzekerheid en maakt de invoering van een variabele rente makkelijker. Misschien liet de ECB zich ook inspireren door de Amerikaanse centrale bank. De Fed verhoogde enkele weken geleden haar basisrente eveneens met een half punt. Door dit voorbeeld te volgen, houdt de ECB het renteverschil tegenover de VS stabiel en dit is goed nieuws voor de euro.Voorts zijn er natuurlijk economische overwegingen. De eurozone stevent af op een economische groei van ruim 3 procent, zowel in 2000 als in 2001. Dit is beduidend meer dan de groei die op lange termijn houdbaar is. De hoge bezettingsgraad van de productiecapaciteit en het toenemend aantal knelpuntberoepen wijzen erop dat er flessenhalzen ontstaan, die een opwaartse druk uitoefenen op de prijzen.Er is echter weinig kans dat de vijf renteverhogingen sinds november snel tot een forse groeivertraging leiden. De kortetermijnrente is met 4,25 procent nog steeds relatief laag. De VS, waar de korte rente 6,5 procent bedraagt, en Europa op het einde van de jaren 80 toonden aan dat een hoge korte rente en hoge groei niet noodzakelijk tegenstrijdig zijn. Voorts is de lange rente belangrijker dan de korte en die steeg minder. Ten slotte speelt ook de wisselkoers een rol. De euro is ondanks zijn recente herstel nog steeds ondergewaardeerd en blijft de economische groei stimuleren.Een en ander betekent niet dat de renteverhoging niemand pijn doet. Een belangrijk slachtoffer is Johan vande Lanotte, de minister van Begroting. Aangezien de Staat een kortlopende schuld heeft van ongeveer 1.500 miljard frank, verhoogt de ECB-beslissing de rentelasten met 7,5 miljard op jaarbasis. Gelukkig anticipeerde de regering op renteverhogingen bij de opstelling van de begroting 2000.Overigens had de ECB nog een boodschap in petto die de regering-Verhofstadt zeker interesseert. Voorzitter Wim Duisenberg riep de Europese regeringen op geen procyclisch begrotingsbeleid te voeren. In mensentaal wil dit zeggen dat het nu niet het goede moment is om de belastingen te verlagen. Maar er is weinig kans dat de Belgische politici bereid zijn de geplande belastingverlaging uit te stellen. Wouter VERVENNE