Landuyt en Onkelinx spelen leerling-tovenaar

De regeringen van ons land moeten bij het uitstippelen van hun beleid en het ontwerpen van maatregelen er toch eens mee leren leven dat we in dit land toch nog een grondwet hebben. Krachtens die grondwet bestaat er een verdeling van bevoegdheden tussen de federale staat (België) en de deelstaten (gemeenschappen en gewesten). Men kan dat betreuren, of onpraktisch vinden, maar zo is het nu eenmaal. Andere grondwettelijk principes betreffen de rechtstaat en de scheiding der machten; concreet houdt een en ander in dat de regeringen en de overheid in het algemeen, niet boven, maar onder de (grond)wet staan. Als men grondwet of wet wil wijzigen, bestaan daartoe geëigende wetgevende kanalen.Waarom deze evidenties in herinnering brengen? Wel, omdat zowel de federale als de Vlaamse regeringen ervan uit gaan dat, voor zover zij maar overeenkomen, de grenslijn tussen de federale en de deelstaatbevoegdheden verlegd kan worden; concreet betekent dit het opgeven van deelstaatbevoegdheden ten gunste van het federale niveau. Maar ook inzake reeds lang verworven deelstaatbevoegdheden, knaagt het federale niveau aan de bevoegdheden van Vlaanderen. En de Vlaamse regering denkt dat ze vrij over de Vlaamse bevoegdheden kan beschikken en namens Vlaanderen dus ook afstand kan doen van sommige van haar bevoegdheden.We vernemen uit de pers dat Landuyt en Onkelinx een overeenkomst hebben bereikt om CAOs te behandelen alsof het internationale verdragen zijn. Dit betekent dat als het om een gemeenschaps-of gewestaangelegenheid gaat, de algemeen verbindende verklaring van de CAO verder tot de bevoegdheid behoort van de federale minister van Arbeid, maar dat tevens de handtekening vereist is van de bevoegde deelstaatminister. Anders gesteld, er komen dus geen aparte Vlaamse CAOs, maar de tijd van uitsluitend federale CAOs is dan ook voorbij. Over een en ander zouden de federale en deelstaatregering(en?) een samenwerkingsovereenkomst sluiten. Dat het vraagstuk niet theoretisch is, bleek onlangs nog naar aanleiding van de tribulaties rond de Waalse aanvechting van de Vlaamse (gewestelijke) bijkomende premies voor wie tijdskrediet opneemt. Deze premies zijn gekoppeld aan overeenkomsten die gemaakt worden tussen Vlaamse werkgevers en vakorganisaties. En collectieve arbeidsovereenkomsten, zo luidde het van Waal-federale zijde, zijn arbeidsrecht en arbeidsrecht is federaal. Zijn sociale verhoudingen in principe een federale materie, dan doet dit geen afbreuk aan het gegeven dat het federale niveau alle zeggenschap verloren heeft om inhoudelijk een bindende regeling uit te vaardigen. Handelt een CAO gesloten volgens de federale CAO-wet over zo een materie, dan kan in ieder geval de federale minister geen algemeen verbindend verklaring aan zo een CAO verbinden: een KB kan niet inhoudelijk handelen over gemeenschaps-en gewestaangelegenheden. Men mag niet vergeten dat een algemeen verbindende verklaring niet automatisch bij de aanvraag door een van de CAO-partijen geschiedt, maar een beleidsbeslissing inhoudt: de minister beslist of hij/zij het opportuun vindt dat wat tussen werkgevers-en werknemersorganisaties afgesproken werd, ook geldt voor werkgevers(organisaties) die niet de CAO mee-ondertekenden. Welnu inzake gemeenschaps-en gewestaangelegenheden ligt dit opportuniteitsoordeel uitsluitend bij de deelstaatminister.We zijn dan ook van oordeel dat dringend werk gemaakt moet worden van een decretaal kader voor de algemeen verbindend verklaring van CAOs of onderdelen van CAOs die over gewest-en gemeenschapsaangelegenheden handelen. Alleen zo wordt de grondwettelijke ordening gerespecteerd.De oplossing die nu wordt aangevoerd slaat nergens op. De deelstaatminister heeft krachtens de federale CAO-wet geen bevoegdheid inzake de algemeen verbindende verklaring en kan die ook niet krachtens een samenwerkingsovereenkomst verkrijgen. De federale minister heeft geen bevoegdheid in te grijpen op gemeenschaps-en gewestterrein, en heeft dus evenmin de bevoegdheid om CAOs algemeen verbindend te verklaren in deze aangelegenheden. Zolang het Vlaams Parlement in geen decretaal kader voorziet, kunnen geen CAOs over gemeenschaps-en gewestaangelegenheden algemeen verbindend verklaard worden. Zo simpel is het. De N-VA zal dan ook een desbetreffend voorstel van dekreet eerlang indienen.De Vlaamse regering en zijn minster van Arbeid slagen er blijkbaar keer op keer niet in om nog maar gewoon invulling te geven aan de bevoegdheden die ze hebben. Kunnen ze het simpelweg niet aan of ontbreekt het hen aan enig greintje Vlaams zelfrespect? Wat er ook van zij, de N-VA blijft de Vlamingen oproepen om zich te verzetten tegen de gestadige aanvreting van Vlaamse bevoegdheden door het federale niveau; stilaan dreigen we een grotere refederalisering in de feiten mee te maken, dan wat we op papier in het laatste decennium aan autonomie voor Vlaanderen gewonnen hebben.Danny PIETERSDe auteur is kamerlidvoor de N-VA