Advertentie
Advertentie

Leo Tindemans,

oud-premier, over de herverkaveling in de politiekIk ben geen doemdenker, maar ik vind dat echt een ziekte van de democratie. Psychologen beweren dat het gemiddelde peil van een kiezer in België dat van een veertienjarige is. Dan moet je je toch afvragen welke kwaliteit van bestuur je straks krijgt, als die kiezer tussen al die verschillende partijen en partijtjes moet kiezen. Hoe kun je dan nog een regeringsprogramma bij elkaar puzzelen? Hoe kun je nog een regering vormen? Een van mijn leermeesters was Max Weber, die zei: het parlement is een bouillon de culture, waaruit men de besten moet selecteren om de regering te vormen. KnackArnold Heertje, hoogleraar economie aan de Universiteit van Amsterdam, over de euroDe euro was, is en wordt een groot succes; Duisenberg was, is en wordt een groot president van de Europese Centrale Bank. Het Europese monetaire stelsel heeft in de achter ons liggende maanden zijn enorme betekenis voor stabiliteit in de wereldeconomie bewezen. Men moet er niet aan denken wat er zou gebeurd zijn als in Europa na 11 september nog het oude systeem zou functioneren. Alle tegenstanders van de euro zouden nu met het schaamrood op de kaken hun ongelijk moeten bekennen. Maar zij houden zich stil en schuil. Natuurlijk geven wij eigen nationaal beleid op ten behoeve van een Europese monetaire en financiële politiek. Maar dat is toch wat wij willen? Uiteindelijk zijn wij op weg naar één wereld. Daarin past ook één Europa met vergaande politieke, militaire en financiële bevoegdheden. We mogen blij zijn dat de twee dictators van de wereldeconomie, Duisenberg en Greenspan, nu aan het roer stonden. Zij verstaan elkaar, spreken met elkaar, stemmen het beleid op elkaar af en dragen zorg voor rust en stabiliteit. De discussie over het afschaffen van de euro staat op één lijn met het voorstel bezwaren te maken in het parlement middels een motie tegen een fikse regenbui. Even zinloos als kortzichtig. De VolkskrantLeo Kirch, Duits mediamagnaat, over zichzelfIk doe al 47 jaar zaken. Al bijna 40 jaar lang zegt men dat ik dood ben. Er is een oude grap en die gaat als volgt: een man zegt tegen zijn vriend: Oh nee, ik ben dood. Zijn vriend troost hem: Het kan erger. Je zou failliet kunnen zijn. Wel, ik heb mijn eigen versie: ze zeggen dat ik failliet ben. Maar ik ben tenminste niet dood. Financial Times