Liederen van Kurt Weill

De herdenking van Kurt Weill (1900-50) verdient, zeker door de concurrentie met het Bachjaar, onze aandacht. Ditmaal presenteert de Beethoven Academie onder leiding van Christopher Hogwood Weills tweede symfonie en liederen van Kurt Weill met Mireille Capelle als soliste. In 1933, vlak voor zijn vertrek uit Duitsland, begon Kurt Weill aan zijn tweede symfonie te werken. Het werk vertoont veel overeenkomst met de Russische symfonieën die Shostakovich en Kabalevsky in die tijd componeerden. Dat Weill vaak balanceerde tussen ernstige en lichte muziek blijkt uit zijn liederen, die vaak afkomstig zijn uit zijn werk voor het muziektheater. In vele gevallen zijn die songs ondertussen in het collectieve geheugen gegrift: Le Grand Lustucru, Surbaya Johnny en Ballade von der sexuellen Hörigkeit op tekst van Brecht, worden door de mezzosopraan Mireille Capelle en de Beethoven Academie uitgevoerd in een orkestratie van Luciano Berio. De combinatie van deze zogenaamde entartete Musik van Kurt Weill met klassiekers is een recept dat Christopher Hogwood al enkele jaren toepast en dat nog steeds werkt. Ditmaal worden Mozarts symfonieën nrs. 32 en 38 met de muziek van Kurt Weill gecombineerd. De Singel (Antwerpen) do 30 mrt, 20 uur 03/248.28.28Stadsschouwburg (Kortrijk) ma 3 apr, 20.30 uur 056/21.45.76Aula Pieter de Somer (Leuven) di 4 apr, 20.30 uur 03/226.35.11Koninklijk Conservatorium (Brussel) wo 5 apr, 20 uur 02/507.82.00Ars NovaHet Ensemble Ars Nova en Fala Musica brengen samen een programma dat een excentrieke ontmoeting moet worden tussen oud en nieuw. De Ars Nova, een revolutionaire muziekstroming op het einde van de 14de eeuw, wordt naast hedendaagse muziek geplaatst. Het Nederlandse oudemuziekensemble Fala Musica koos voor dichter-componist Guillaume de Machaut, met onder meer Hoquetus David, een werk waarin de hiktechniek als stijlmiddel wordt gebruikt. De hedendaagse Britse componist Harrison Birtwistle nam deze techniek als inspiratiebron voor een boeiende nieuwe compositie. Ook Oliver Knussen, artistiek directeur van het London Sinfonietta, gebruikt bestaand materiaal in zijn werk, terwijl Salvatore Sciarrino en Henri Pousseur een heel nieuw licht laten schijnen op het oude muzikale erfgoed.Basiliek (Grimbergen) do 30 mrt, 20.15 uur 02/263.03.43VRT-orkest creëert Tan DunDe Chinees-Amerikaanse componist Tan Dun brengt, tussen 3 en 7 april, samen met het Vlaams Radio Orkest de wereldpremière van de integrale Resurrection Cycle. Tan Dun (1957), geboren in de Chinese provincie Hunan, kwam pas voor het eerst in contact met de westerse klassieke muziek op het einde van de jaren 70. Hij bracht zijn kindertijd door bij zijn grootmoeder op het platteland, waar hij de sjamanistische cultuur beleefde. Midden de jaren 70 werd hij, gedurende de culturele revolutie, verplicht te werken tussen de boeren in de rijstvelden. Even later werd hij lid van het lokale operagezelschap als violist en schrijver van arrangementen. Vervolgens studeerde hij acht jaar aan het Conservatorium van Peking. In 1986 kreeg Tan Dun een beurs om te studeren aan de Columbia University in New York.Zijn oeuvre bestaat uit operas en werken voor verschillende klassieke ensembles, experimentele werken en composities voor Aziatische instrumenten. Een van zijn belangrijkste werken is de Resurrection Cycle, een tetralogie waarvan de verschillende delen geschreven werden in 1990,1993,1996 en 1999. De Resurrection Cycle is een multimediaal gebeuren waarbij een globale visie op de wereld van de kunsten en op de leefwereld van de mens in de 20ste eeuw centraal staat. De cyclus bestaat uit vier Musical Theatres. Tan Dun brengt Oost en West bij elkaar: hij combineert het theatrale ritueel uit de Chinese muziek met het westerse concertgebeuren, avant-garde met oude vormen van spiritualiteit, computergestuurde muziek met de stilte van de natuur. Bijloke (Gent) ma 3 apr, 20 uur 09/266.70.40Paleis voor Schone Kunsten (Brussel) di 4 apr, 20 uur, 02/507.82.00De Spil (Roeselare) do 6 apr, 20 uur - 051/26.57.00Van Stravinsky tot AdamsHet Symfonieorkest van Vlaanderen heeft de goede gewoonte geregeld te peilen naar de muzikale interesses van zijn trouwe publiek. Uit een beperkte lijst composities mag het publiek zijn favorieten selecteren en de meest geliefde composities worden tijdens een concert gepresenteerd. Het orkest paste dezelfde formule nu ook toe op een integraal 20ste-eeuws programma. Ongetwijfeld met de bedoeling om ook met dit minder populaire repertoire de zalen te kunnen vullen. En dat zal ongetwijfeld wel lukken, want de keuze van het publiek viel niet meteen op avant-gardistische werken of op moeilijk te doorgronden partituren. Het meest traditionele werk is wellicht het vioolconcerto van Khatchaturian. Daarnaast staat Stravinskys Vuurvogelsuite en Brittens The Young Persons Guide to the Orchestra, een werk dat eigenlijk bedoeld was om elk instrument van het orkest aan een jong publiek voor te stellen, maar dat ondertussen tot een klassieker uitgegroeid is. Ten slotte staan ook de Chairman Dances van John Adams uit 1985 op het programma. Aanstekelijke repetitieve muziek voor een breed publiek. Muziekconservatorium (Brussel) do 30 mrt, 20 uur 050/84.05.87O.L.V.-kerk (Sint-Niklaas) za 1 apr, 20 uur 03/766.39.39De Singel (Antwerpen) ma 3 apr, 20 uur 050/84.05.87Bijloke (Gent) vr 7 apr, 20 uur 09/266.70.40Stadshal Belfort (Brugge) za 8 apr, 20 uur 050/84.05.87Casino (Blankenberge) za 15 apr, 20 uur 050/84.05.87Cross-overCross-over is een begrip dat niet meer weg te denken is uit tal van hedendaagse kunstvormen. Het Prometheus Ensemble toont de komende dagen in hun concertprogramma Red Run dat het cross-overfenomeen geen exclusiviteit is van de laatste tien jaar. Een terugblik naar de jaren 20 en 30 leert dat ook toen de kunstenaarswereld een smeltkroes was van dichters, schilders, cabaretiers en jazzartiesten. Dit had onvermijdelijk ook zijn invloed op de klassiekemuziekwereld: boogie-woogie, ragtime en blues werden door componisten zoals Stravinsky en Britten gretig geïntegreerd in hun muziek. Instrumenten zoals de saxofoon, de klarinet en de piano bepalen dan ook duidelijk de kleur van deze muziek. Goebbel en Kagel plaatsen deze invloeden in een hedendaags perspectief, een eigentijdse confrontatie tussen klassiek en jazz. Academiezaal (Sint-Truiden) do 30 mrt, 20.15 uur 011/69.39.90C.C. Den Horinck (Asse-Zellik) vr 31 mrt, 20.30 uur 02/466.78.21C.C. (Genk) wo 5 apr, 20.15 uur 089/30.93.11Foyer Stadsschouwburg (Sint-Niklaas) vr 7 apr, 20 uur 03/766.39.39Vooruit/Domzaal (Gent) za 8 apr, 20 uur 09/267.28.28Matthäus-Passion Traditiegetrouw brengen koor en orkest van het Lemmensinstituut in deze tijd van het jaar uitvoeringen van passiemuziek. In het Bachjaar dirigeert algemeen directeur Paul Schollaert zijn ensembles in Bachs Matthäus-Passion. Schollaert staat bekend als een uitstekende koorleider met een grote voorliefde voor het werk van Johann Sebastian Bach. Zijn keuze om de twee orkesten en koren in deze passie gescheiden op te stellen is misschien niet helemaal historisch verantwoord, maar het levert een ongewoon klankspektakel op. Paul Schollaert zorgt keer op keer voor een doorleefde vertolking van de Matthäus-Passion en kan daarvoor een beroep doen op studenten en op docenten van het Lemmensinstituut: Elisabeth Hermans, Dina Grossberger, Gerda Lombaerts, Jan Caals, Robert Luts, Dirk Snellings, Lieven Termont en Johan Uytterschaut zijn de vocale solisten.Concertzaal (Lemmensinstituut) do 30 mrt, 19 uur en za 1 apr, 11 uur 016/23.39.67Sint-Pieter en Pauwelkerk (Mol) wo 29 mrt, 19 uur 014/31.64.07Sint-Pieterskerk (Puurs) vr 31 mrt, 19 uur 03/890.73.31Samenstelling Tom EELEN