Advertentie
Advertentie

Met de scheutisten in het geheugen

In Yinchuan, de hoofdplaats van een hoofdzakelijk islamitische provincie in het westen van China, staat te midden van de moskees een kerk. Bisschop Johannes Baptist Liu telt 2.500 christenen in zijn stad van 5,3 miljoen inwoners. Vlaamse scheutisten stichtten de parochie in 1923. De bisschop leeft in vrede met zijn moslimburen en met de Chinese overheid. De ondergrondse kerk hoeft voor hem niet. Wie de spelregels volgt, wordt met rust gelaten. Maar bisschop Liu heeft een droom. Hij hoopt het aanknopen van diplomatieke betrekkingen tussen Peking en het Vaticaan nog te mogen meemaken.De kerk van Yinchuan is niet gemakkelijk te vinden. Ze is gebouwd tussen twee parallel lopende straten en omringd door winkels en andere gebouwen. Vanop de Chengtian of Westerse Pagoda zijn de twee torens van de kerk echter een opvallende verschijning in het panorama van de stad. De kerk is sober ingericht. Geen kleurige glasramen of beeldhouwwerken. Alleen enkele schilderijen, een eenvoudig altaar en enkele kandelaars zorgen voor een religieuze sfeer. De parochianen belijden des te enthousiaster hun geloof.Yinchuan wordt in reisgidsen over China slechts terloops vermeld. Ten onrechte. Het ligt in een mooie streek, niet ver van de Gele Rivier. De stad is hoofdplaats van de Autonome Regio Ningxia. Behalve vier stadsgewesten en 23 provincies (officieel inclusief Taiwan) telt China ook vijf zogenaamde autonome regios, waar andere volkeren dan de Han-Chinezen ofwel de meerderheid, ofwel een belangrijk deel van de bevolking uitmaken. In Ningxia wonen er veel Huis, een moslimvolk van Turkse oorsprong.Al van in de 18de eeuw zijn scheutisten actief in een gebied dat ze Mongolië noemen en dat zich uitstrekt van het uiterste westen van China tot bijna aan de kust ten noordoosten van Peking. Het gebied werd herhaaldelijk opgedeeld in kleinere religieuze districten. In maart 1922 werd het nieuwe apostolisch vicariaat Ningxia opgericht met een oppervlakte van 200.000 vierkante kilometer. Monseigneur Frederix werd tot apostolisch vicaris benoemd, Leo de Wilde was provinciaal overste van de scheutisten. Tien jaar later werd een klooster van de Kanunnikessen missionarissen van Sint-Augustinus gesticht.In juni 1946 benoemde Paus Pius XII Carlo van Melckebeke tot bisschop van Ningxia. Die richtte er middelbare scholen op en experimenteerde met landbouwcoöperaties. Het bisdom Ningxia telde toen 25 Chinese, 23 Europese en 3 Mongoolse priesters, 60 Chinese en 7 Europese zusters en 30.000 gedoopten.Maar dan ging het bergaf. Communistische guerrillatroepen leverden strijd met de nationalisten en met het moslimleger van krijgsheer Ma Hongkui. De scheutisten zagen zich gedwongen zich langzaamaan terug te trekken. R. Van Hyfte, de laatste scheutist in Ningxia, verliet de streek op 20 december 1953, meer dan vier jaar nadat Mao Zedong in Peking de volksrepubliek had uitgeroepen.De parochie van bisschop Liu (Liu Jingshan) in Yinchuan herbergt vandaag 2.500 van de 7.000 christenen in de autonome regio. De 87-jarige bisschop is afkomstig uit Xian en werd in 1947 directeur van een seminarie in Binnen-Mongolië.Na Maos overwinning op de nationalisten raakten de Chinese christenen in de verdrukking. Bisschop Johannes Liu werd op 24 december 1951 veroordeeld tot 15 jaar dwangarbeid in een werkkamp. In 1966 moest hij vrijkomen, maar dat jaar begon de Culturele Revolutie. Hij bleef noodgedwongen in het werkkamp. In 1970 verhuisde hij naar een productiebrigade in Binnen-Mongolië. Pas in 1979 werd hij vrijgelaten, maar alles was verwoest, er was geen kerk meer om de mis te celebreren. Samen met vier oude priesters begon hij op 250 kilometer van Yinchuan opnieuw te prediken.In 1983 kwam er eindelijk verbetering in de toestand. De Chinese overheid gaf Johannes Liu de toestemming om naar Yinchuan te vertrekken en gaf hem 600.000 yuan (79.022 euro) om er een kerk te bouwen. Hij ontving ook financiële bijdragen uit België.Naast de kerk in Yinchuan zijn er vandaag nog negen andere kerken in zijn ambtsgebied.In Ningxia zijn er weinig ondergrondse kerkgemeenschappen. Bisschop Liu ziet er het nut niet van in. Gebedsplaatsen moeten geregistreerd worden bij de overheid, maar voor het overige legt die hem niets in de weg. Hij wordt erkend door de officiële Chinese kerk, maar is eveneens trouw aan Rome. Hij ziet hierin geen tegenstelling. Alleen katholieken die blijven weigeren zich te registreren bij de Chinese Katholieke Patriottische Vereniging raken soms in de problemen met de politie.Op uitnodiging van de Ferdinand Verbieststichting bracht bisschop Liu enkele jaren geleden een bezoek aan Antwerpen, Leuven en Luxemburg. Rome stond niet op zijn reisprogramma, want dat zou te delicaat zijn. Hij wil de Chinese overheid niet onnodig voor het hoofd stoten. Leven en laten leven kenmerkt ook de relaties met zijn islamitische buren.Bisschop Liu heeft nog een intieme wens. Hij hoopt het aanknopen van diplomatieke betrekkingen tussen China en het Vaticaan nog te mogen meemaken. Begin dit jaar was er nieuwe hoop met het bezoek van kardinaal Roger Etchegaray, een nauwe medewerker van de paus, aan Peking. Maar toen het Vaticaan op 1 oktober op voorstel van de Taiwanese kerk 120 Chinese christenen en buitenlandse missionarissen heilig verklaarde, reageerde de Chinese regering woedend. Ze beschuldigde de missionarissen ervan misdaden te hebben gepleegd en eerder in de hel dan in de hemel thuis te horen. De vurige wens van de bisschop zal nog niet onmiddellijk in vervulling gaan. MLMet dank aan Staf Vloeberghs, secretaris van de Ferdinand Verbieststichting in Leuven,voor historische achtergrond-informatie over het werk vande scheutisten in de streek.