Advertentie
Advertentie

Met de voet vooruit

Between Earth and Heaven, de nieuwste tentoonstelling van conservator Willy van den Bussche in het Museum voor Moderne Kunst in Oostende wil een steen in de kikkerpoel gooien. Meer bepaald in de poel van wat Van den Bussche het Systeem noemt, het gesloten en elitaire wereldje van de actuele kunst dat volgens hem dicteert wat kunst is, wat ze waard is, wat er over gezegd en geschreven moet worden en wie er in mag meedraaien. Van den Bussche verwijt dat wereldje veel, favoritisme en elitarisme bijvoorbeeld, maar vooral dat het de fenomenen esthetica en vakmanschap in de prullenmand heeft gegooid, ten voordele van concept, discours en andere cerebrale meta-begrippen.Willy van den Bussche heeft zijn werk grondig gedaan: hij stouwde het hele museum vol met niet minder dan driehonderd beelden en schilderijen van een honderdtal kunstenaars, die een overzicht moeten bieden van de nieuwe klassieke bewegingen in de actuele kunst. Want de classicistische en realistische roots die onze kunst kenmerken en die de jongste decennia botweg genegeerd werden, dienen herontdekt.Het Oostendse museum werd voor deze tentoonstelling, die overigens tot in september duurt en dus deze lente en zomer een toeristische trekpleister wil worden aan de kust, helemaal leeg gehaald: de vaste collectie werd opgeborgen en overal zijn grote muurpanelen opgesteld om de vaak monumentale werken zo goed mogelijk tot hun recht te laten komen. Wie er in rondloopt, schrikt zich een Hoetje: zoveel draconische lelijkheid en pompeuze kitsch werd er in jaren niet meer bijeen verzameld. Voor de duidelijkheid: dit is niét zomaar negatief bedoeld, want het is één van de statements die Van den Bussche wil maken. Er zit veel humor en cynisme in deze werken, die zich op deze manier willen afzetten tegen de dogmas van de heersende actuele kunst.Deze kunstenaars staan met de voeten op de grond en dromen in hun artistieke activiteit weg naar het paradijs, aldus Van den Bussche. De Oostendse conservator koppelt de herontdekking van het klassieke op die manier aan de notie utopie: het is de schemerzone waarin elke fantasie die de kunstenaar koestert, werkelijkheid wordt. Om dat te bereiken moet je techniek en vakbekwaamheid hebben, het laatste statement dat Van den Bussche wil maken. En zo krijg je tientallen werken, die qua technisch kunnen hun mannetje staan, maar die tegelijk duidelijk maken waarom de kunst sinds halverwege de 19de eeuw andere paden begon te zoeken: verf, wellicht de moeilijkste en boeiendste materie die ooit werd uitgevonden om een artistieke opvatting te ver-beelden, kan vlak, zielloos en eendimensionaal zijn, als de kunstenaar niet verder geraakt dan een, al dan niet ironisch, esthetiserend commentaar op het actuele (kunst)gebeuren.Sint-Petersburg en RomeDe werken werden gekozen door Van den Bussche zelf, door de Britse kunsthistoricus Edward Lucie-Smith, die bekend staat voor zijn voorliefde voor het Nieuw-Classicisme, en door Ekaterina Andreeva en Agnes Rammant. Laatstgenoemden nemen het neo-academisme voor hun rekening, zoals dat sinds 1989 gegroeid is vanuit de Academie van Sint-Petersburg. Talloze schilders uit die beweging zijn present op de tentoonstelling, net als de Italianen uit de Transavanguardia- en de Nuovi-Nuovi-scholen, plus nogal wat Chinezen, die heden ten dage in alle grote hedendaagse tentoonstellingen worden opgevoerd. Overigens zit bij deze Chinezen effectief boeiend werk, precies omdat zij vanuit hun culturele positie ongenadige kritiek en cynisch pop-artcommentaar kunnen leveren op wat er in het westerse kunstwereldje allemaal in trek is (en op wat er in hun eigen systeem allemaal misloopt).Van den Bussche zou Van den Bussche niet zijn als hij in die overdaad aan aanbod ook niet enkele kunstenaars presenteert die in het hedendaagse actuele discours effectief onterecht genegeerd worden. De Belgen Michel Buylen en Paul de Vylder bijvoorbeeld, de Brit Harry Holland, de Amerikaan Joel-Peter Witkin en nog wat anderen. Anderzijds vraag je je af wat Jan Fabre en Wim Delvoye in deze tentoonstelling doen, want hun werk is veel méér dan een eenzijdige hommage aan de nieuwe klassieke bewegingen in de hedendaagse kunst. Tenzij het feit dat zij hun geconcipieerde werken - deels - laten uitvoeren door ambachtslui een sneer is in hun richting. Erger is het feit dat een kunstenaar als Philip van Isacker, die het klassieke slechts als een kleine schakel gebruikt in een heel eigen kunstopvatting, hier losweg als een klassiek kunstenaar wordt opgevoerd.Hoe dan ook, Willy van den Bussche heeft een krachtig tot oorverdovend statement gemaakt en er zal veel volk naar Oostende komen kijken. De vraag is of deze tentoonstelling daadwerkelijk een nieuw inzicht reveleert, dan wel het failliet bevestigt van een kunstvorm die niet veel meer te vertellen heeft dan dat het vroeger zoveel beter was. Tijd-Cultuur én de Zaterdag-Tijd gaan de volgende weken ruimte bieden om de merites van Between Earth and Heaven grondig(er) door te lichten.Marc RUYTERSBetween Earth and Heaventot 2 september in het Museum voor Moderne Kunst, Romestraat 11, Oostende. Open alle dagen van 10 tot 18 uur, gesloten op maandag. Toegang: 300 frank. De catalogus, uitgegeven bij Lannoo, kost 1.295 frank. Info: 059/50.81.18.