Mijn vader Leopold III

De vloed van Leopolddocumenten lijkt niet op te drogen. Nu is zijn dochter Esmeralda, de journaliste, aan de beurt. Zij heeft een kijkleesboek samengesteld, over de tientallen reizen van haar vader naar verre buitenlanden en de vele fotos die hij bij die gelegenheid maakte. Terloops worden ook snapshots van de familie vrijgegeven.Het fotogedeelte is behoorlijk boeiend voor wie zich op een of andere wijze voor dit deelsegment van onze royals interesseert. Het zal wellicht saai en conformistisch zijn voor wie het als een totale buitenstaander bekijkt. Toch blijkt dat Leopold een verdienstelijke amateur-fotograaf was.De inleiding van Esmeralda maalt niet om een foutje meer of minder. Je kunt het geschiedvervalsing noemen, of Hineininterpretierung, of vaderliefde. De dag van het huwelijk van Leopold met Lilian wordt gesitueerd op 11 september 1941. Onvermeld blijft het feit dat dit een kerkelijk huwelijk was, totaal ongrondwettelijk en dus in feite niet bestaand. De Belgische wet bepaalt namelijk dat het burgerlijk huwelijk het enige wettige is en dat het voor het eventuele kerkelijke moet komen. Een ander voorbeeld. Bij de verhuizing van Leopold en Lilian na het huwelijk van Boudewijn en Fabiola liet mama de deurklinken van Laken namaken om ze in Argenteuil te gebruiken, opdat mijn vader zich niet al te ontheemd zou voelen. Dat is op zich al een hilarische mededeling. Maar bovendien is het ongetwijfeld een falsificatie. Vooraanstaande politici hebben getuigd dat de sfeer tussen vooral Fabiola en Lilian zo gespannen was, dat de laatstgenoemde zoveel mogelijk onmisbare meubelstukken naar Argenteuil liet slepen, inclusief deurklinken, leren we nu. Toen het jonge paar Boud en Fabi van de huwelijksreis terugkeerde, moesten ze in een lege woonkamer op hun koffers kamperen omdat stoelen en zetels verdwenen waren. Gaston Eyskens, de toenmalige premier, was ten zeerste geschokt. Wellicht was dit verhaal de liefhebbende dochter nog niet bekend?Overigens is het tweede tekstdeel, dat voor een stuk nog door Leopold in samenwerking met Esmeralda werd geredigeerd, van een grote knulligheid. De ontslagen koning blijkt zijn grote liefde Lilian Baels, voor wie hij het lot van land en volk op het spel had gezet, consequent mama te noemen. En zijn stijl is door de professionele journaliste ook niet echt opgefrist: Tijdens een uitstap te paard, terwijl ik van kop tot teen als cowboy was uitgedost, ontdekte ik van dichtbij de wilde schoonheid van de streek. Prinses Esmeralda van België - Mijn vader Leopold III - 2001, Tielt, Lannoo, 174 blz.,29,95 euro, ISBN 90-209-4758-3.Mijn naam is haasEponiemen zijn woorden waar een mens in zit, woorden waarin eigennamen een soortnaam zijn geworden. Soms zijn die woorden opvallend en bekend. Soms weet niemand, behalve Marcel Grauls van Het Belang van Limburg, waar ze vandaan komen. Barema, dahlia, echo en pamflet zijn eponiemen. Dat weten wij nu samen met hem.Grauls is altijd al bezeten geweest door taal en heeft diverse populaire lexicons op zijn naam, ook over eponiemen. Dit boek is een uitgebreide versie van zijn Bintje & kalasjnikov in combinatie met De uitvinders van het dagelijks leven. Ongetwijfeld is de schrijver aan het sparen voor een nog uitgebreider editie.Het is lekker leesvoer. En leerzaam, althans voor wie zich iets aan encyclopedische kennis gelegen laat. Wie wil niet alles weten over de Bolkestein-doctrine, de Dow-Jonesindex, de G-plek en het eddyisme? Natuurlijk is het af en toe ook niet relevant. Anderhalve pagina over de jacuzzi? Ammehoela (p.16). Het langste item, tweeëneenhalve pagina, gaat over de turingmachine, een virtuele computer, en dat blijkt dan weer ongemeen boeiend te zijn. Meneer Turing werd overigens bijna even bekend door zijn homoseksuele geaardheid als door zijn uitvindingen.De auteur verklaart niet wanneer of waarom eponiemen met een hoofd- of kleine letter worden geschreven. Daar zijn de taalboekjes voor. Als we ervan uitgaan dat hij het zelf goed heeft opgezocht, hebben we hier ook de juiste spelling van meer dan achthonderd Nederlandse woorden.Marcel Grauls - Mijn naam is Haas/ Hoe historische figuren in het woordenboek belandden - 2001, Leuven, Van Halewyck,422 blz., 24,74 euro, ISBN 90-5617-327-8.Talk/showHet valt haast niet te geloven, maar op de Nederlandse televisie zijn er nog meer praatprogrammas dan bij ons. In tien jaar tijd is het aantal verdubbeld. Praten is entertainment. Maar ook, zeggen de auteurs, een bijdrage aan een vitale democratische samenleving: de talkshow als buurtplein, om het publieke debat aan te sporen en te inspireren tot maatschappelijke betrokkenheid. Dit boekje hanteert hoge ethische normen, die vaak niet in de programmas zijn terug te vinden.Er is nood aan publieke kwaliteit, versta programmas die het publiek als burger aanspreken. Daar tegenover staat de niet-publieke aanspreking van een verzameling geïsoleerde individuen. Dit onderscheid lijkt nogal theoretisch. Dat wordt impliciet erkend in de slotbeschouwingen: ook commerciële praatprogrammas kunnen voldoen aan de criteria, terwijl bij de publieke omroepen niet zelden programmas te zien zijn van geringe publieke kwaliteit. Overigens zijn criteria als respect, empathie, relationeel mensbeeld, gepaste emotie en dito distantie ongetwijfeld verheven streefdoelen die zelden of nooit worden bereikt.Vooral de parlementaire journalistiek krijgt een veeg uit de pan. Veel interviews zijn niet meer dan een woordenspel, een teruggrijpen op wat er in de krant al wel of niet over gezegd is. Het gesprek gaat er dan om wie gelijk heeft, de interviewer of de politicus. Weinig kijkers zullen daar echt wijzer van worden, luidt de conclusie. Het gaat nog steeds over Nederlandse toestanden, maar zo erg verschillen die niet van de onze. Het boekje is gebaseerd op drie tot vijf afleveringen van zestien verschillende talkshows. Overigens leren wij dat sommige van die shows al snel worden afgevoerd omdat de adverteerders het niet meer zien zitten. Ook dat is goed om te weten.Irene Costera Meijer en Bernadette van Dijck - Talk/Show, Kwaliteit en ethiek van praatprogrammas - 2001, Amsterdam/Antwerpen, Veen, 134 blz.,13,55 euro, ISBN 90-204-2072-0.