Advertentie
Advertentie

More is more

Een dure film gemodelleerd naar een goedkope tv-reeks uit de jaren zeventig. Ernstige filmcritici vinden Charlies Angels geen film maar een concept dat handig inspeelt op de mode van de dag. Ze zien hun stelling gestaafd in het feit dat regisseur McG een maker van videoclips is. Dat versleten argument doelt doorgaans op de eigenschap van een beeldenmaker om het verhaal te vertellen met overwegend visuele dan wel literaire middelen, veeleer met beelden dan met dialogen. Voorspelbaarheid troef wat de kwotering betreft: de ex-videoclipregisseur die in zijn bioscoopdebuut met een klassiek (aandoend) script werkt, kan op de goedkeuring van de filmpers rekenen. Hij of zij die (tamelijk) resoluut mikt op audiovisuele impulsen kan zich verwachten aan de duim omlaag. Spike Jonze versus Tarsem Singh zeg maar, of Being John Malkovich versus The Cell.BallastDat er bij Charlies Angels maar liefst veertien schrijvers aan te pas kwamen (waarvan slechts drie op de generiek vermeld) voor iets dat amper op een coherent scenario lijkt, doet ook menig wenkbrauw fronsen. Het verslijten van scenaristen geldt als het ultieme bewijs voor het artistieke failliet van deze commerciële onderneming: tegen de eisen van de studio en de wensen van de producent zou geen spitsvondig dialoogschrijver of plotbedenker zijn opgewassen. Volgens die redenering is de (videoclip)regisseur niet meer dan een stroman ingehuurd door de industrie wegens zijn ervaring om verleidelijke beelden te schieten. Maar de moeizame weg om tot een moeizaam scenario te komen, kan net zo goed tot een andere conclusie leiden: in Hollywood is het verdomd moelijk om een film te maken waarin het woord niet primeert. Wie het toch wil proberen, ziet zich verplicht scenaristen te dumpen, studios te paaien en heel wat water bij de wijn te doen. In het geval van Charlies Angels is de regisseur inderdaad ingehuurd door de producent, in casu hoofdactrice Drew Barrymore, om de balans toch zo ver als mogelijk in de puur (audio)visuele richting te doen uitslaan. Het scenario is niet zozeer een mislukt verhaal dan wel een verre echo van een verhaal, een voorwendsel in plaats van een fundament.Het verhaal als ballast dus. In het origineel was het niet anders: de opdracht die Charlie in elke nieuwe tv-aflevering aan zijn drie meisjesdetectives uitdeelde, vormde enkel een alibi om het trio in weer andere pakjes op weer andere locaties te mogen aanschouwen. In de filmversie wordt die doorzichtige logica in de n-de graad gebezigd. Onder het mom van spionagewerk wisselen de kostuums en de settings zich in hoog tempo af. De drie engelen - Barrymore, Cameron Diaz en Lucy Liu in zeer goede doen - beleven duidelijk pret aan hun verkleedpartijen. Bikinis, duikerspakken, kimonos, tirolerbroeken en avondjurken, maar ook brillen, pruiken en maskers passeren de revue. Dit is metamorfosecinema van en voor het digitale tijdperk. Alles en iedereen is permanent in beweging: er wordt serieus wat afgehold en achtervolgd, in de snelste voertuigen eerst. Niets en niemand heeft vaste vorm: een japon kan in een oogwenk veranderen in gevechtskledij, een man blijkt een vrouw en een vriend een vijand. Alles is voorlopig: aan elke romance komt een einde, een stevig bouwwerk moet en zal ontploffen en na een voltooide missie wacht alweer een nieuwe opdracht.Alles is waarDe computergrafiek laat deze onophoudelijke stroom van veranderingen meer dan ooit toe. Het beeld zelf is instabiel en relatief. Om die premisse te onderstrepen (en om zijn critici uit de traditionele filmhoek meteen een neus te zetten?) pakt McG in de eerste minuten uit met een duizelingwekkende plan séquence, of iets wat daarop lijkt. De lange ononderbroken opname geldt in cinefiele kringen al sinds jaar en dag als navelstreng tussen de cinema en de wereld. De plan séquence is de triomf van de mise-en-scène van de filmmaker: een venster op het gebeuren voor de camera, een waarachtige uitsnede uit de werkelijkheid die aan de kijker ter inzage wordt voorgelegd. De opname in één beweging, zonder enige montage-ingreep of trucage, staat garant voor een eerlijke blik op de wereld die weliswaar in scène is gezet maar nooit vervalst. McGs plan séquence daarentegen omarmt de vervalsing. De stand van zaken in digitale beeldtechnieken maken het hem mogelijk getrukeerde opnames te laten uitschijnen als waarachtige beelden en vice versa. In de openingsscène van Charlies Angels wandelt een man in een vliegtuig van business naar economy class en terug, hij zet zich neer naast een passagier waarmee hij een gesprek en vervolgens een gevecht aangaat totdat het tweetal zichzelf via de deur naar buiten kiepert en in zijn val rakelings langs de staart van het toestel scheert. Die hele scène laat zich als één enkele, vloeiende opname zonder enige traceerbare trucage bekijken. Het tegendeel is natuurlijk waar: deze plan séquence is een onmerkbare aaneenschakeling van minstens drie aparte opnames en een opeenstapeling van een stapel ingewikkelde digitale effecten. Als niets echt is, is alles waar. De state-of-the-art beeldtechnieken komen goed van pas in de grenzeloze fantasiewereld van Charlies Angels. En omgekeerd: Charlies Angels is gefundenes fressen voor de hypermoderne trucageapparatuur.Net zo min als op het budget (digitale beelden zijn even duur als supersterren) staat in deze buitensporige film een rem op de verbeelding. More is more heet het hier. Meer snelheid, meer kostuums, meer decors, meer en luidere muziek, meer en grotere ontploffingen. Ook qua beeld: meer effecten en snellere montage. De frivole splitscreen komt niet echt als een verrassing: beelden naast elkaar in plaats van na elkaar creëren extra vaart. Het engelentrio raast als een wervelwind door een half dozijn film- en tv-genres. Actiefilm wordt spionagefilm wordt musical wordt romantische komedie wordt kungfufilm wordt cartoon wordt (jawel) videoclip, en alles is een parodie op het origineel én op zichzelf. Energie is het toverwoord, de uitspatting het doel. Voor de fotograaf, decorbouwer kostuumontwerper moet het zonder meer een hoogtepunt in hun carrière zijn geweest. Het gebeurt maar zelden dat zij zich zo in exuberant en contrastrijk kleurgebruik mogen uitleven. De interieurs vormen een ware catalogus voor twintigste-eeuwse meubilairklassiekers. De kleren etaleren evenveel uitzinnige verscheidenheid als de klankband waarop disco, hiphop, metal, post-grunge, jungle en noem maar op naadloos in elkaar overvloeien. Voor elk wat wils, want eclecticisme garandeert steevast diverse doelpublieken. Van dat lucratief uitgangspunt zijn de engelen de zuiverste belichaming: een blondine, een brunette en een zwartje, en ook (min of meer respectievelijk): borsten, billen en haar. Aan ieders voorkeur wordt voldaan.HedonismeDe tomeloze energie van Charlies Angels ent zich op het hedonisme van de seventies. Van nostalgie is geen sprake, in deze mengelmoes van stijlen is geen plaats voor hunker naar een origineel. Zoals in de tijd van de disco en de kungfu staat het lichaam centraal, en dat levert wonderlijke dans- en gevechtsscènes (en prachtige verkleedpartijen) op. Maar de promiscuïteit van de discodansvloer van weleer verschijnt nu in een meer onschuldige, speelse versie en de harde klappen à la Bruce Lee hebben het moeten afleggen tegen slapstickgevechten in guitige Jacky Chan-stijl. Alle cleavage, uitdagende splitrokken, nauwe jeans, schunnige double entendres en ironische verwijzingen naar porno ten spijt, zal het ferme drietal geen enkele verontruste ouder tegen de borst stoten. Integendeel, deze megababes zijn het gedroomde rolmodel voor 12-jarige meisjes. Ze zijn aantrekkelijk, zelfverzekerd en verschrikkelijk efficiënt. Vooral die laatste kwaliteit maakt van hen de tegenpool van de domme Bond-girl. Om bij de conventie van dat filmgenre te blijven: hun volmaakte techniek (van vechten, racen, dansen, flirten) maakt van hen het perfecte gadget. Zoals het (een parodie op) een spionagefilm betaamt, zit ook Charlies Angels bomvol geavanceerd speeltuig dat met de nodige fetisjistische verering wordt benaderd. Tussen de blinkende motors, de glimmende sportwagens, de glanzende computers en het vintagemodel van Charlies parlofoon vallen de girls zeker niet uit de toon. Dure hebbedingetjes veranderen tenslotte onophoudelijk van gestalte, het verouderde exemplaar van vorig jaar noopt tot aankoop van het nieuwe model. Verandering doet consumeren. Na de film komt de cd komt de video komt de dvd komt het vervolg. De ketting van de metamorfose kent geen laatste schakel.Charlies Angels van McG, 92 min, 2000, VHS & DVD.Samenstelling: Herman ASSELBERGHSTitelhoudersIn de zalen loopt momenteel Wes Cravens Dracula 2001, de zoveelste stijlvolle update van het vampierenverhaal. Wie zijn sequels liever smakeloos heeft, kan in de (betere) buurtvideotheek terecht voor:BlaculaWilliam Crain, 1972, 93 minEen stel antiquairs koopt de doodskist van een Afrikaanse prins die eeuwen geleden door Dracula werd gebeten. Bij aankomst in LA ontwaakt de zwarte excellentie en zet zijn tanden in iedereen die hem bevalt. Het is begin jaren zeventig: de hemdskragen zijn even breed als de bakkebaarden lang zijn en Shaft is in. Veel raciale grappen dus in deze uitwas van het blaxploitation-genre. Darker than Dracula luidt de reclame en zoals dat gaat met sequels zijn de titels en slogans vindingrijker dan de films. In de categorie van: Dracula Vs. Frankenstein, Billy The Kid Vs. Dracula, Jesse James Meets Frankenstein, etc. Of van het vervolg op het vervolg: Scream Blacula Scream.Las VampirasJesus Franco, 1970, 89 minEen vrouwelijke vampier zuigt het bloed uit alle vrouwelijk schoon en er is niet weinig van dat soort in deze no-budget cultklassieker. The Citizen Kane of European exploitation, The 2001 of trash, The Intolerance of z-movies, de superlatieven voor dit Spaans-Duitse werkstuk zijn talrijk. Met tot nu toe 175 (!) films op zijn naam (en hij heeft zijn laatste nog niet gemaakt) is de 71-jarige Jess Franco de absolute meester van het genre dat hij zelf heeft uitgevonden: horrotica. Met als vaste ingrediënten: St-Tropez glamour, softcore bloot, wilde inzooms en psychedelische sitarfunk op de klankband. De heruitgebrachte soundtrack van de Vampires Sound Incorporation doet het tegenwoordig trouwens goed in loungekringen en daar zit de titel weer voor iets tussen. Las Vampiras is beter bekend als Vampyros Lesbos en dat spreekt meer tot de verbeelding dan het onweerlegbare feit dat deze veelfilmer van twijfelachtige allure zijn inspiratie haalt bij Resnais, Antonioni en Welles.