Naamse rechterpleit bedrijf vrijvan FBB-fraude

(tijd) - De fiscus heeft een veldslag verloren in zijn strijd tegen de honderden bedrijven die misbruik hebben gemaakt van het forfaitaire buitenlandse belastingkrediet (FBB). De rechtbank van Namen pleitte op 20 juni een bedrijf in eerste aanleg vrij. De fiscus gaat in beroep. Het forfaitaire buitenlandse belastingkrediet dateert van de jaren 90. Het systeem gaf de Belgische belastingplichtige een forfaitair belastingkrediet van 15 procent op de inkomsten die in het buitenland geind werden. De procedure, die dubbele belastingen moest vermijden, gold ook voor belastingplichtigen die in het buitenland amper belastingen betaalden. De Bijzondere Belastinginspectie (BBI) stelde in 1995 vast dat 17 banken en hun klanten het systeem misbruikten om de belasting te ontwijken. De fiscus doorzocht 500 dossiers en vorderde daarop 390 miljoen euro in. 122,5 miljoen werd niet betwist en vloeit al zeker terug naar de schatkist. De meerderheid van de klanten vecht de heffing echter aan. Een van die bedrijven kreeg in eerste aanleg onverwacht gelijk. Volgens de Naamse rechter heeft het bedrijf 'in alle wettelijkheid gebruikgemaakt van een achterpoortje in de internationale wetgeving'. De advocaat van het bedrijf, Olivier Bertin, spreekt in L'Echo van een historisch precedent dat andere bedrijven ertoe zal aanzetten de aanslag van de fiscus aan te vechten. Volgens de fiscus is het belangrijkste argument van de rechter het ontbreken van een strafklacht tegen het bedrijf. De belastingdienst had die achterwege gelaten 'om justitie niet te veel te belasten'. Maar daar komt verandering in. Alle betrokken bedrijven worden de komende weken officieel aangeklaagd voor schriftvervalsing. NT