Negatieve groei

De Belgische economie worstelt voor het eerst in tweeënhalf jaar met negatieve groei. De meeste economen geloven dat het bruto binnenlands product (BBP) in het tweede kwartaal daalde en sommigen voorspellen ook een terugval in het derde kwartaal. Twee opeenvolgende kwartalen met een negatieve groei worden een recessie genoemd.De tegenvallende groei van de Belgische economie is vooral te wijten aan de groeivertraging van de wereldeconomie. Het einde van de hoogconjunctuur werd eerst duidelijk in de VS. De eurozone hoopte als relatief gesloten economie weinig last te hebben van de afkoeling van de Amerikaanse economie, maar economen onderschatten de negatieve invloed van de financiële markten en de directe investeringen. Duitsland en Italië kondigden al een nulgroei of een negatieve groei aan voor het tweede kwartaal en in een dergelijke omgeving kan een open economie als België moeilijk goed presteren.Negatieve groei klinkt dramatisch, maar is minder uitzonderlijk dan verwacht. In de jaren 90 waren er tien kwartalen met negatieve groei of één op vier. In dezelfde periode vonden drie recessies plaats: een zware crisis in 1992-93 en een milde terugval in 1995 en 1998.Lage of negatieve economische groei heeft enkele onaangename gevolgen. Indien de Belgische economie dit jaar met ten hoogste 2 procent groeit, zoals het er nu naar uitziet, zal het moeilijk zijn om een stijging van de werkloosheid te vermijden. Gelukkig daalde de werkloosheid de jongste jaren flink, maar met een werkloosheidsgraad van zowat 7 procent zijn we nog steeds ver verwijderd van volledige werkgelegenheid.Bovendien leidt de zwakke economische activiteit via lagere fiscale en parafiscale ontvangsten en hogere werkloosheidsuitkeringen tot een verslechtering van het begrotingssaldo. De overheidsfinanciën stevenen in 2001 bijna zeker af op een tekort, hoewel de regering een overschot beloofde. Landen met gezonde overheidsfinanciën kunnen het zich veroorloven geen saneringsmaatregelen te treffen wanneer de groei tegenvalt. Met een overheidsschuld van meer dan 100 procent van het BBP behoort België niet tot deze categorie. Het is echter twijfelachtig of de regering bereid is voor de derde keer de begroting van dit jaar bij te sturen. Hoewel de economische vooruitzichten voor 2002 beter zijn, belooft de opmaak van de begroting 2002 alvast een moeilijke klus te worden.Aangezien de overheid nauwelijks over budgettaire ruimte beschikt, is het monetaire beleid het enige instrument om de economische groei op te krikken. De beslissingen daarover vallen echter niet in Brussel maar in Frankfurt. De Europese Centrale Bank krijgt volgende week donderdag de kans haar verantwoordelijkheid op te nemen. Als gevolg van de groeivertraging en het herstel van de euro is er ruimte voor een renteverlaging.Ondertussen kunnen we ons troosten met de wetenschap dat de conjunctuurcyclus nog steeds bestaat en dat een groeivertraging steeds wordt gevolgd door een heropleving. Alleen weet niemand wanneer het herstel begint en hoe krachtig het zal zijn. Wouter VERVENNE