Onzekerheid bij allergieproducenten

Het Amerikaanse Schering-Plough lanceerde donderdag een winstwaarschuwing. Een van de redenen is de nakende competitie van generische producten tegenover sterproduct Claritin in de VS. UCB en het Franse Aventis zijn twee andere ondernemingen aan wie de generische competitie niet ongemerkt zal voorbijgaan. Schering-Plough stelde de winst per aandeel voor het lopende boekjaar bij van een winststijging met 3,8 procent naar een gelijke winst tegenover vorig jaar. Voor 2003 gaat het bedrijf uit van een winst per aandeel van 1 à 1,15 dollar per aandeel tegenover de voorheen geschatte 1,51 dollar per aandeel. Schering Plough verwees onder meer naar een daling van de verkopen van het anti-histaminemedicijn Claritin. De week voordien was het aandeel reeds teruggevallen van 22,8 naar 18 dollar. De terugval op donderdag, de dag van de aankondiging, bleef dan ook beperkt. Dit lag even anders voor UCB. Het Belgische farmabedrijf viel in drie dagen tijd terug van 28 naar 24,9 euro, een daling met 11 procent. Volgend op de winstwaarschuwing van Schering Plough gaf CEO George Jacobs in een interview met Bloomberg aan dat het behalen van de vooropgestelde operationele winstgroei van 10 procent in 2002 de doelstelling blijft maar dat dit uitdagender wordt. De evolutie van de dollar speelt hier een rol. De competitieve impact van de evolutie van Claritin naar een status van medicijn zonder voorschrift voor UCB blijft moeilijk te voorspellen. Feit is wel dat in Europa de verkopen van Zyrtec gedurende de eerste zes maanden van het jaar met 8 procent terugvielen door de competitie van generische middelen en de lage succesratio van Xyzal, een verbeterde versie van Zyrtec. Feit is tevens dat Zyrtec in Japan lijdt onder de competitie van Allegra, het anti-histaminemedicijn van Aventis. En ten slotte blijft het een feit dat UCB tot de definitieve doorbraak van Keppra zeer afhankelijk blijft van de evolutie van de verkopen van Zyrtec. De Franse concurrent Aventis beperkte het koersverlies tot 6 procent. Ook bij Aventis tast men in het duister wat de gevolgen zullen zijn op de Amerikaanse verkopen van Allegra als gevolg van het patentverlies van Claritin. Allegra is goed voor 12 procent van de geconsolideerde verkopen van de farma-afdeling. Naast Allegra heeft de groep evenwel nog enkele andere producten die de winstgroei veilig moeten kunnen stellen. Lovenox en Taxotere zijn twee blockbustermedicijnen die in de meest winstgevende fase van hun levenscyclus zijn terechtgekomen. Daarbij bezit de groep nog een drietal andere medicijnen die nog maar pas zijn goedgekeurd en waarvan de verkopen in de komende jaren de groei moeten kunnen veilig stellen. De onzekerheid van de overgang van Claritin naar het statuut van medicijn dat te verkrijgen is zonder voorschrift tegen het einde van het jaar blijft wegen op de waardering van zowel UCB als Aventis. Aventis staat genoteerd aan een discount van 20 procent op basis van de ondernemerswaarde/operationele cashflow tegenover de rest van de Europese farmasector. Voor UCB bedraagt die discount meer dan 50 procent. Tot het effect duidelijk is op de verkopen van de twee topmedicijnen, is het twijfelachtig of deze discount zal verminderen. KDL