Op excursie in cartoonland

Onder het motto Scripted Spaces heeft het Centrum voor Beeldende Kunsten Witte de With in Rotterdam een internationaal gezelschap losgelaten in het pretpark dat vooralsnog heet het menselijk leefmilieu. Onder de titel Scripted Spaces wordt verstaan: entertainmentruimtes beheerst door een zorgvuldige regie van het onvoorziene. We komen ze tegen in computerspelletjes, als webnavigators of in andere virtuele topografieën, maar ze bestaan al sinds de doolhoven en de duizelingwekkend decoratieve architectuur van de barok. En uiteindelijk begint nu ook ons alledaagse straatbeeld meer en meer op een geënsceneerde ruimte te lijken. Al denken we dat we ons vrij door de openbare ruimte kunnen begeven, in werkelijkheid worden we voortdurend gestuurd door allerlei signalen, waarvan verkeersborden slechts de meest opzichtige zijn. Richtinggevende figuur in deze groepsexpositie is overduidelijk Norman Klein. Als professor aan het California Institute of the Arts geeft Klein seminaries aan studenten die nadien vaak het mooie weer maken in Hollywood. John Lasseter (het brein achter Toy Story) is er zo een. Buiten de school staat Norman Klein vooral bekend als auteur van het boek Seven Minutes - the life and death of the american animated cartoon. In zijn boek The history of forgetting in Los Angeles gaat hij dan weer de urbanistieke toer op. Beide boeken demonstreren een uitzonderlijk associatieve belangstelling voor het verleden, zoals dat blijft doorwerken in de hybride stad die Los Angeles momenteel is.Zijn ideeën over een versnipperde stadservaring en de voortdurende vertekening van de realiteitsbeleving bracht Norman Klein nu ook samen in een installatie: The Chase and the Labyrinth. Beide termen zijn voor Klein modellen waarmee hij zowel de klassieke cartoonfilm als het postmoderne stadslandschap kan analyseren. Via een redelijk onmogelijk grondplan wordt de bezoeker uitgenodigd in een filmisch decor te stappen dat bestaat uit twee reusachtige reproducties van trompe loeil-schilderijen uit de barok, een aantal zwevende stukken plexi, een bijna abstracte uitvergroting van een filmbeeld en twee videomonitoren. Op de ene monitor neemt een praatzieke Klein ons mee op rondrit door zijn Los Angeles, op de andere kunnen we genieten van de surreële humor van Tex Avery. Op de transparante schermen zijn brokstukken geschilderd zoals die ook in cartoons regelmatig naar beneden komen gedonderd. Een aambeeld, een pletwals, een stoomschip: in een tekenfilm vinden we elk projectiel al gauw normaal. Maar met zijn opstelling suggereert Klein dat we inmiddels ook zelf zulke animatiefiguurtjes zijn geworden, die angstvallig in beweging blijven om de ergste brokstukken te vermijden.De rest van de expositieruimte wordt in beslag genomen door The Center for Land Use Interpretation (CLUI). Zij nopen wel om regelmatig stilstand te houden. De fotos die in regelmatige groepjes aan de wanden hangen, worden telkens vanuit één standpunt toegelicht. Hier voelt de bezoeker zich een gedweeë toerist die bijna dwangmatig gehoorzaamt aan de reflex van het sightseeing. Alleen, de sites die het CLUI voor ons vastlegt zijn juist plaatsen die veelal over het hoofd worden gezien, trekpleisters die afgedaan hebben als hotspot' of die gewoon hun beste tijd hebben gehad. Nucleaire testgronden, grensovergangen, industriegebieden, filmlocaties: vanuit Los Angeles maakt het CLUI een inventaris op van plaatsen waar de menselijke waarneming wordt gecontroleerd. Ze doen dit niet alleen aan de hand van kritisch gekadreerde fotos, in vitrines verzamelden ze bijvoorbeeld ook postkaarten naast Disney-posters voor een woestijnfilm. Het meest markante is wel hun vitrine met een proposal for an archeology of the Ten Commandments. Blijkt dat de ploeg achter deze filmklassieker na de opnames de decors achteloos dumpte in de Nipomo-duinen. Langzaam komen de brokstukken nu weer aan de oppervlakte, alsof een verdwaalde Egyptische beschaving aan het licht komt. Een verdieping lager is dan het resultaat te zien van een workshop die Norman Klein voerde met een aantal kunst-, architectuur-, media- en designstudenten. Imaginary.nl is een toepassing van zijn visie op het niet zo veel minder artificiële Nederlandse leefmilieu. De meeste presentaties zijn vormelijk vrij degelijk, maar doorgaans ontbreekt de associatieve rijkdom. De Spaanse Lara Almarcegui stortte zich op het fenomeen van de volkstuintjes. Ze leende fotos van haar buren in de volkstuin en in haar opstelling komt het benauwend uniforme en monochrome van al die individuele perceeltjes automatisch aan het licht. De grote fotos van grootsteden en kleinschalige videostills van de gemeente Berchem van Jan Kempenaers zijn net zo typerend als onavontuurlijk. Alleen de videotape van Nasrin Tabatabai nodigt uit tot enige verwondering. Zij vroeg een Turkse winkelier om met haar een ritje te maken door het centrum van Rotterdam. De onbeholpen stijl van registreren belet niet dat we een ongebruikelijke kijk op de directe omgeving van Witte de With krijgen. Nu vormen de Nederlanders even de exotische culturele setting en bieden vier Turkse financiële instellingen een geruststellend oriëntatiepunt langs de grote weg. Het Old House uit de titel blijkt niet minder dan het museum Boijmans van Beuningen, zoals getypeerd door een winkelier die duidelijk de modernere kant van de stad verkiest. Alles bij elkaar toont deze groepstentoonstelling dat het gedachtegoed van de meester-flâneur Walter Benjamin nog altijd actueel is, maar dat de perspectieven inmiddels ook vaak omgekeerd worden: nu is het de klassieke Europeaan die als een curiosum wordt geviseerd door de buitenlander, de allochtoon of de artist in residence.Edwin CARELSScripted Spaces en Imaginary.nl, tot en met 16 april in de Witte de Withstraat 50, Rotterdam. Inlichtingen: www.wdw.nl