Op reis met een handicap

(tijd) - Jozef Somers zit in een rolstoel. Maar dat houdt hem niet tegen. Twee keer per jaar trekt hij met zijn vrouw op reis. Altijd buiten Europa. Wie een handicap heeft, weet al snel inventief met moeilijkheden om te springen. Een handicap houdt reislustigen niet thuis, want 'in je tuin zie je niets'.

De artsen stelden zestien jaar geleden bij Jozef Somers amyotrofe laterale sclerose (ALS) vast, een zeldzame spierziekte. Hij kwam in een rolstoel terecht. Niet lang daarna ontmoette het koppel in Rome een Thaïse, die hen aanmoedigde Thaïland te bezoeken. Jozef Somers en zijn vrouw trokken erheen, mét rolstoel, en werden gebeten door het verrereizenvirus.

Sindsdien maken ze twee keer per jaar een verre uitstap. Daarbij passeerden India, Peru, Zuid-Afrika, Viëtnam en Iran de revue. Deze maand trekken ze naar Guatemala. Je zou verwachten dat een rolstoel iemand dichter bij huis zou houden, maar niet zo bij het echtpaar Somers. Mevrouw Somers aan de telefoon: 'Vroeger reisden Jozef en ik vooral in Europa. Nu verleggen wij onze grenzen. Letterlijk.'

Handicaps hoeven al lang geen belemmering meer te zijn voor wie graag reist. Met een beetje goede wil, kunnen dienstverleners - luchtvaartmaatschappijen, attracties en hotels - de wereld ontsluiten voor mensen met een handicap. Toerisme Vlaanderen zette in 2001 een actieplan over toegankelijkheid op. De coördinator van dat plan is Greet Vandenrijt. 'Heel weinig hotels zijn volledig toegankelijk voor rolstoelgebruikers, zonder dat die daarvoor extra hulp moeten inroepen. En naast de toegankelijkheid is ook de informatie een groot probleem', legt ze uit. Volgens Vandenrijt wordt nogal makkelijk gegoocheld met toegankelijkheid als reclameslogan. 'Een blauwe sticker met een rolstoel kan je gewoon in een doe-het-zelfzaak als Brico kopen. Dat stelt dus niks voor. Een gehandicapte is meer geholpen met concrete en objectieve informatie.'

Dat is ook de hoofddoelstelling van het Infopunt Toegankelijk Reizen, een initiatief van Toerisme Vlaanderen in samenwerking met 't Kruispunt, Katholieke Vereniging Gehandicapten, het Toegankelijkheidsbureau en de Vlaamse Federatie voor Gehandicapten. Het infopunt bundelt alle beschikbare informatie over toegankelijkheid. De samengebrachte kennis wordt aangevuld met onderzoek, enquêtes en ervaringen van reizigers met een handicap.

De coördinator, Pieter Ghijsels, heeft elke dag contact met mensen die mailen of bellen om concrete reisinformatie. 'We hebben een groot netwerk van informanten, zowel reizigers als dienstenleveranciers. We filteren de binnenkomende informatie zo veel mogelijk, en maken een onderscheid tussen objectieve en subjectieve informatie. Als een deur van een badkamer in een hotel te smal is, is ze te smal. Dat is een objectief gegeven.'

Tot in de puntjes

Jaarlijks verwerkt Infopunt Toegankelijk Reizen zo'n duizend dossiers. 17.000 mensen bezoeken de website. Daar vinden reizigers vaak al de informatie die ze nodig hebben: praktische dossiers en reisverslagen helpen hen hun eigen reis tot in de puntjes voor te bereiden. Wie meer nodig heeft, belt naar het infopunt. Meer dan de helft van de telefoontjes komt van mensen met een motorische handicap.

Mensen vragen vooral gedetailleerde en objectieve informatie: welke hulpmiddelen zijn er aanwezig, waar kan ik een lekke band van mijn roelstoel laten herstellen, hoe raak ik het best op mijn bestemming? Ghijsels: 'Wij proberen elk dossier in principe binnen een week te behandelen. En dat is helemaal gratis.'

Het reisgedrag van mensen met een handicap evolueert. Vroeger ging het nog vaak om groepsreizen: zo'n 15 gehandicapten reisden in een busje naar Lourdes, met één of twee valide begeleiders. Vandaag stelt het infopunt vast dat de gezelschappen steeds meer gemengd zijn: gehandicapten gaan met valide vrienden en familieleden op reis. Vandenrijt: 'Dat is een positieve evolutie. Gehandicapten staan steeds duidelijker op hun zelfstandigheid. En dat merk je ook in hun reisgedrag.'

In die zin zijn gehandicapten een interessante doelgroep voor de toeristische sector. Vandenrijt: 'De keuze is vaak eenvoudig: ofwel kan een gehandicapte ergens binnen, en dan komt hij met zijn vrienden of familie. Geraakt hij niét binnen, dan blijft het hele groepje weg. Hoteliers beseffen dat ze een groot potentieel verliezen als ze niet aan hun toegankelijkheid werken. Kijk naar de vergrijzing, en je weet dat het aantal reizigers met een handicap of een beperking alleen maar zal toenemen. Hotels die om die reden aanpassingen doorvoeren, verhogen meteen ook het algemene comfortniveau van hun zaak. Een ruimere badkamer is ook voor niet-gehandicapten fijner dan een krap kamertje.'

Gedrag, uiterlijk en geur

Wie verder wil reizen, is al snel op het vliegtuig aangewezen. De strenge veiligheidsnormen van de internationale luchtvaartorganisatie IATA maken het voor gehandicapten niet altijd even evident. Zo bestaat nog altijd een document dat in twijfelgeval door de arts moet worden ondertekend. Dat briefje moet verklaren dat de passagier 'niet hinderlijk is qua gedrag, uiterlijk en geur'! Ook al vragen de luchtvaartmaatschappijen in de praktijk niet of nauwelijks naar dat formulier, gewoon het bestaan ervan roept bij nogal wat vooruitstrevenden vragen op.

Het echtpaar Somers is bijzonder te spreken over de service die het van de carriers krijgt. 'We vragen altijd een plaats op de eerste rij, achter de business class. Daar heb je meer beenruimte. En ja, het is ook al gebeurd dat we een gratis upgrade naar business class kregen. Vliegen biedt geen enkel probleem: we krijgen assistentie van A tot Z.'

Reizen voor gehandicapten blijft doorgaans iets duurder dan voor niet-gehandicapten. Ghijsels: 'Hoe zwaarder de handicap, hoe hoger de eisen van de reiziger, en hoe kleiner het aanbod. Dat maakt het gemiddeld ook duurder. De supertoegankelijke hotels en de écht goede groepsreizen zitten meteen vol. Gehandicapten moeten dus veel vroeger boeken.' Ook zijn gehandicapten duurder af omdat het niet altijd mogelijk is met een rugzak van de ene Bed & Breakfast naar de andere te trekken. Ze boeken al sneller in een beter hotel en moeten een auto huren. Bovendien zijn vooral de prestigieuze internationale hotelketens vaak ook beter op gehandicapten voorzien.

Verenigde Staten

Jozef Somers reist met zijn vrouw de hele wereld rond. Ze maken daarbij geen onderscheid tussen de landen. De wereld is hun actieterrein. Vroeger gold nog dat de noordelijke landen beter waren uitgerust dan de zuidelijke. Vandaag verdwijnt dat onderscheid volgens Ghijsels. De Verenigde Staten blijven een absolute topper. Ghijsels: 'Dat heeft veel te maken met de American Disability Act, die er kwam na de Viëtnamoorlog. Na die oorlog ontstond een grote drukkingsgroep van gehandicapte Viëtnamveteranen. Iets gelijkaardigs gebeurde later ook in Iran.' Oorlogen en internationale sportgebeurtenissen hebben een positieve invloed op de snelheid waarmee landen hun toegankelijkheid verhogen.

Ghijsels: 'Ze zullen in Athene nog zweten. Dadelijk na de Olympische Spelen vinden daar de Paralympics plaats, de Spelen voor gehandicapten. Dat zal nog heel wat aanpassingswerken vergen.' Voor de Grieken geldt hetzelfde advies als voor reislustige mensen met een handicap: begin op tijd aan je planning, zie geen enkel detail over het hoofd en neem voldoende voorzorgen. Minutieus plannen maakt internationaal reizen voor gehandicapten wat het voor andere reizigers ook moet zijn: een droom, weg van huis. Om nadien zoveel ervaringen rijker terug thuis te komen. De vrouw van Jozef Somers: 'Ik mag dan lichamelijk soms wel vermoeid zijn van het vele sjouwen met de rolstoel, geestelijk keer ik totaal ontspannen van zo'n reis terug.'

Aart DE ZITTER

www.toegankelijkreizen.be Infopunt Toegankelijk Reizen 070/23.30.50

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud