Advertentie
Advertentie

Overheidsmanager

Zoals verwacht werd gisteren Karel Vinck, na alweer een schijnvoorstelling, voorgesteld als nieuwste kandidaat voor de functie van topman van de NMBS. Het valt echter af te wachten of er geen adders onder het gras uitkomen. Premier Guy Verhofstadt deed alvast alle moeite om de schijn hoog te houden dat alles perfect volgens de regels verlopen is. Vast staat dat Vinck al zijn managementervaring zal moeten bovenhalen om de NMBS in goede banen te leiden.Voor de verklaring van de mislukking van overheidsmanagers wordt vaak verwezen naar de almacht van de vakbonden. Wat dat betreft heeft Karel Vinck mooie kaarten. Hij staat erom bekend dat hij ondanks zijn harde snoeien-om-te-bloeien-filosofie, steeds een goede verstandhouding met de vakbonden onderhoudt. Gaat die vlieger ook op bij de overheidsvakbonden? Volgens Frans Rombouts, de voormalige topman van De Post, alvast niet, zo bleek uit zijn boek dat vorig weekend werd voorgesteld.Het zou echter getuigen van eenzijdigheid om de mislukking van managers uit de privé-sector volledig toe te schrijven aan de aanwezigheid van vakbonden. Veel heeft waarschijnlijk ook te maken met het feit dat overheidsbedrijven misschien helemaal niet kunnen gemanaged worden als privé-bedrijven. Het zijn meestal grote arbeidsintensieve bedrijven, met veel personeel, dat bovendien decennialang overdreven strikte statutaire bescherming heeft genoten. Respect voor en communicatie met die mensen is van levensbelang voor een overheidsbedrijf, iets wat Rombouts vermoedelijk ontbeerd heeft.En dat gebeurt wel eens meer. Kijken we naar het intussen afgehandelde Sabena-dossier. Fred Chaffart mocht dan al voorzitter van de raad van bestuur zijn en geen gedelegeerd bestuurder, de manier waarop er in dit dossier met het personeel werd gecommuniceerd, was wel erg zwak. Dat bleek heel concreet uit de wijze waarop het faillissement van de luchtvaartmaatschappij werd meegedeeld aan het personeel: eerst werd de pers ingelicht, vervolgens op een kille en afstandelijke manier maar vooral veel te laat het personeel zelf, dat intussen het verdict al had horen vallen in het tv-journaal. Van een émincence grise uit het Belgische bedrijfsleven zou je beter verwachten.Maar er is nog iets anders: overheidsbedrijven hebben de plicht tot universele dienstverlening. Dat maakte jarenlang deel uit van de stilzwijgende overeenkomst met de overheid, in ruil voor een monopoliepositie. Universele dienstverlening betekent dat je als bedrijf alle potentiële consumenten tegen een bepaalde (maximum)prijs moet kunnen bedienen. Daardoor kan het gebeuren dat bepaalde onderdelen van het bedrijf nooit rendabel kunnen en moeten zijn. Puur rationele overwegingen over omzet en winst zijn daarom niet altijd op hun plaats in deze overheidsbedrijven.Karel Vinck heeft intussen nog alle krediet. En het staat vast dat er veel van hem verwacht wordt. Dat hij zelf stelt dat je met logica en statistiek alleen niet ver komt bij het leiden van een bedrijf, is daarbij hoopgevend. Hopelijk brengt de door hem gelauwerde intuïtie en het gezond verstand hem tot het inzicht dat een overheidsbedrijf geen privé-bedrijf is en dat misschien ook nooit zal zijn. Tom Michielsen