Parijs: Pechiney

De Franse aandelenmarkten kenden al bij al een mooie beursweek. Heel wat aandelen konden hun koersen (fors) opdrijven. Het feit dat enkel zwaargewichten het lieten afweten verklaart waarom de beursbarometer zelf slechts een kleine procent kon stijgen. Beleggers wilden graag geloven dat de economie zich langzaam herstelt. Maar ze werden door de naakte feiten tegengesproken. In de VS kenden de werkloosheidscijfers weer een opgemerkte opsprong. De Bank of England verraste dan weer met een renteverlaging, verwijzend naar een tegenvallende conjuncturele omgeving. De lange rente moest daardoor eerdere stijgingen weer prijsgeven, zodat per saldo de 10-jaarsrente op 3,94 procent bleef staan. De euro dook onder 1,14 dollar. De grootste verliezers waren de telecomaandelen. Deutsche Telekom verloor bijna 5 procent nadat de staat nog een deel van de aandelen verkocht had. France Telecom was solidair met een koersdaling van 3 procent. Andere Europese telecombedrijven, zoals Vodafone en Telecom Italia, kregen negatieve analistencommentaren. Orange daarentegen steeg met 2 procent. De technologieaandelen konden daarentegen wel hoger sluiten. Goldman Sachs maakte bekend dat uit een enquete bleek dat de daling van de IT-uitgaven bijna achter de rug is. STM en Cap Gemini klommen bijna 5 procent. De daling van de euro had voordelige effecten op de dollarverdieners. AXA en EADS stegen elk 4 procent. De farmagroepen Aventis en Sanofi klommen 2,5 procent. Het grote nieuws was echter het vijandelijke bod van aluminiumgroep Alcan op Pechiney, wat voor de Fransen een koersstijging tot gevolg had van bijna 30 procent. De autoaandelen presteerden gemengd. De analisten van CSFB zagen immers heil in de autosector, waardoor Peugeot 2,2 procent klom. Renault moest echter 1,1 procent prijsgeven.