Participerende werknemer

In de komende weken wordt eindelijk de laatste hand gelegd aan de uitvoeringsbesluiten die financiële participatie van werknemers in een bedrijf mogelijk moet maken. Het is een werk van lange adem geweest. Ook al bestond reeds sinds 1999 een regeling die mogelijk maakte dat werknemers opties op aandelen kunnen bekomen als een vorm van verloning, het was wachten op de echte aandelenregeling tot mei van dit jaar.De finale afwerking van de regeling rond werknemersparticipatie komt niets te vroeg. Al sinds de jaren tachtig wordt verkondigd dat werknemers net als de consument, het milieu en de leveranciers ook belanghebbenden zijn, naast de aandeelhouders. Deze visie kwam verder tot ontwikkeling in managementmodellen zoals het EFQM-model: bedrijfsvoering mag zich niet enkel concentreren op de kapitaalverschaffers, maar ook op al de elementen waarop ze een mogelijk effect kan hebben.Soms lijkt het erop dat dit een terugkeer inluidt naar de sociaalbewogenheid van grote Belgische ondernemers als Lieven Gevaert en Ernest Solvay. In de negentiende eeuw besteedden deze industriëlen voor die tijd uitzonderlijk veel aandacht aan hun arbeiders door voor hen in onderwijs, sociale opvang, huisvesting, enzovoort te voorzien. Gevaert kende zijn arbeiders en bedienden zelfs al winstbewijzen toe. Maar ook toen was de kritiek van de vakbonden dat het inpaktrucs waren van de bedrijfsleiding om mensen aan het bedrijf te binden. Wanneer je naast arbeid ook tegemoetkomt in de basisvoorzieningen van je werknemers, krijg je wel heel veel macht, was de redenering.Die kritiek gaat echter niet meer op bij werknemersparticipatie door middel van aandelen. Natuurlijk is het een manier om een werknemer hechter aan het bedrijf te binden - daar is ook niets mis mee. Maar, in tegenstelling tot de paternalistische zorg voor de werknemers van de sociaal voelende werkgevers van weleer, werkt de gebondenheid van werknemersparticipatie in twee richtingen. Door mede-eigenaar te worden van een bedrijf, krijgen werknemers immers ook een zitje in de aandeelhoudersvergadering en inspraak (stemrecht) in de bedrijfsvoering. De bedrijfsleiding wordt verplicht rekening te houden met de kritiek en ideeën van de werknemers.Dat is een positie waar de vakbonden, als vertegenwoordigers van de werknemers, de voorbije eeuw maar van konden dromen. Tot nu toe komen de vakbonden niet verder dan een zitje in de raad van bestuur - in overheidsbedrijven zoals de NMBS dan nog. Vermoedelijk is dat ook de reden waarom vakbonden zo tegen werknemersparticipatie gekant zijn: het vreet niet zozeer de vrijheid en de machtsbasis van de werknemer aan, maar veeleer die van de vakbonden.De vakbonden hebben echter wel een punt wanneer ze waarschuwen voor de vluchtigheid van een verloning in aandelen. Werknemers laten delen in het wel van bedrijf, betekent dat ze ook zullen delen in het wee van het bedrijf. Wanneer aandelen een te groot aandeel uitmaken in het totale verloningspakket, wordt uiteindelijk de verloning zelf ondergraven. De (ex-)werknemers van L&H en heel wat andere technologiebedrijven kunnen daarvan meespreken. Werknemersparticipatie mag bijgevolg nooit een excuus worden om werknemers niet meer te betalen met een volwaardig loon. Het moet vooral een manier zijn om werknemers nauwer te betrekken bij het reilen en zeilen van het bedrijf. Het begrip dat daardoor ontstaat voor bepaalde beslissingen vanwege de bedrijfsleiding is mooi meegenomen.Tom Michielsen