Philips pakt chipafdeling aan

Philips kondigde een verdere herstructurering aan van de halfgeleiderdivisie. Het sluit zijn chipfabriek in het Amerikaanse San Antonio. De sluiting komt bovenop de vorig jaar aangekondigde sluiting van de fabriek in Albuquerque en Cannes. Philips zal in de eerste drie kwartalen van 2003 provisies boeken voor een totaal bedrag van 200 miljoen euro. Het wil zich verder toeleggen op de ontwikkeling van een beperkt aantal kernactiviteiten zoals chips voor consumentenelektronica en mobilofonie. Het stopt met investeringen in niet-kernproducten die een disproportioneel deel van het budget voor O&O opslorpten. Philips hoopt via de herstructurering besparingen te realiseren van 250 miljoen euro per jaar. De beslissing is positief, maar komt rijkelijk laat. Philips kampt al meer dan twee jaar met een overcapaciteit die groter is dan bij de meeste van zijn concurrenten. Dat is het gevolg van de overinvesteringen op de top van de vorige cyclus in 2000. Hierdoor was de chipafdeling het zwarte beest binnen het Philips-concern. De chipafdeling was de enige van de vijf Philips-divisies die 2002 afsloot met verlies. Vorig jaar leed de divisie een verlies van 540 miljoen euro op een omzet van 4,6 miljard euro. Via de herstructurering zou de afdeling vanaf het vierde kwartaal van dit boekjaar opnieuw winstgevend moeten zijn. De capaciteitsbenutting zou dan immers opnieuw boven de 70 procent moeten uitstijgen, het break-evenniveau voor de chipafdeling. Eind 2002 bedroeg de capaciteitsbenutting 52 procent. De capaciteitsvermindering past in het bredere plan om de chipafdeling minder kapitaalintensief te maken en meer te produceren via externe capaciteit van foundries zoals Taiwan Semiconductor Manufacturing Corporation (TSMC). Dit betekent dat Philips bij een nieuwe opwaartse cyclus ook relatief minder zal investeren in bijkomende capaciteit. Ook in zijn andere afdelingen zoals consumentenelektronica heeft Philips al belangrijke delen van de productie uitbesteed aan derden. In de chipsector is het fenomeen van de outsourcing nog redelijk recent. Analisten stellen dat de strategie haar nut nog moet bewijzen in een opwaartse cyclus. In een opwaartse cyclus zullen de prijzen voor chipwafers bij foundries stijgen waardoor de marges voor de chipproducenten onder druk kunnen komen. Wat de chipproducent wint door de lagere afschrijvingen als gevolg van de beperkte investeringen, zal hij dus gedeeltelijk verliezen door de lagere marges als gevolg van de duurdere wafers. Bovendien moet de chipproducent zeker zijn dat hij over voldoende allocatie beschikt bij de foundries om zijn chips geproduceerd te krijgen. Philips, dat een belang van 25 procent aanhoudt in TSMC, beschikt hier over een bevoorrechte positie. Hoe dan ook zullen de resultaten minder cyclisch worden en bevrijdt de strategie Philips van de timing voor capaciteitsinvesteringen die uiterst moeilijk is, zoals de overinvesteringen op de top van de vorige cyclus aantonen. Analisten van Goldman Sachs bekijken de desinvestering bij Philips in een ruimer kader als bijkomende aanduiding dat de sector op een keerpunt is beland. Ook bij vorige neerwaartse cycli ging het keerpunt gepaard met belangrijke capaciteitsreducties. KW