Portugese banksector toch niet zo stabiel?

Twee grote Portugese instellingen, Banco Commercial Português (BCP) en de staatsbank Caixa Geral do Depositos (CGD), vertegenwoordigen samen 60 procent van de markt. Sterke tweederangsspelers zijn in familiebezit: Banco Espirito Santo (BES), het Spaanse Banco Santander Central Hispano (BSCH) en Banco Português de Investimento (BPI). BCP controleert ongeveer een derde van de thuismarkt, en heeft een marktkapitalisatie van ongeveer 10 miljard euro tegenover 3 miljard euro voor BES en 2 miljard euro voor BPI. BSCH controleert als buitenlandse bank een aanzienlijk markaandeel van 11 procentDe hervorming van het Portugese banklandschap tot zijn huidige vorm gebeurde in twee grote consolidatieronden. In beide speelde Antonio Champalimaud, Portugals rijkste man, met een persoonlijk vermogen dat equivalent is aan 2 procent van het BNP van Portugal, een sleutelrol. Hij trok in 1974 naar Brazilië, op de vlucht voor de linkse revolutie die zijn bankimperium nationaliseerde. Eenmaal in Brazilië bouwde de gewiekste zakenman al gauw een nieuw bankimperium op. Zijn terugkeer in Portugal zon tien jaar later was de aanleiding tot de eerste grote consolidatieronde. Champalimaud kocht zijn bank, Banco Pinto e Sotto Mayor (BPSM) van de staat terug, alsook zijn oude verzekeringsmaatschappij Mundial Confiança.Ongeveer op hetzelfde moment deed Banco Commercial Português (BCP) de grootste overname in de geschiedenis van Portugal door de toen grootste bank, Banco Português do Atlantico, over te nemen. De drijvende kracht achter BCP is Jorge Jardim Gonçalves. Hij was eveneens uit Portugal gevlucht voor de linkse revolutie. Na zijn terugkomst in Portugal stichtte hij BCP en maakte er een van Portugals grootste banken van. De eerste fase van consolidatie, die gekenmerkt werd door privatisering en in het bijzonder door de terugkoop van banken door de eigenaars van voor de revolutie, verliep erg succesvol. Deze fase ging ook gepaard met de consolidatie van kleine en soms in moeilijkheden verkerende banken in grotere groepen. Dit resulteerde in een sterker, meer commercieel gericht management.De tweede ronde in de consolidatie startte vorig jaar, toen het Spaanse Banco Santander Central Hispano (BSCH) onderhandelingen begon om de twee Champalimaud-banken te verwerven, Banco Pinto e Sotto Mayor (BPSM) en Banco Totta, maar hierbij op felle tegenstand stootte van de Portugese minister van Financiën Antonio de Sousa Franco en een contingent van Portugals meest invloedrijke bankiers. Zij wilden Spaanse inmenging in de Portugese bankwereld tot elke prijs vermijden. Om een zaak voor het Europese hof te vermijden die gemakkelijk twee jaar had kunnen aanslepen, aanvaardde BSCH dan maar een opsplitsing van het Champalimaud-imperium. BSCH verkreeg Banco Totta en Champalimauds kleine investeringsbank, terwijl Banco Pinto naar de staatsbank CGD ging, die ze zoals verwacht onmiddellijk doorverkocht aan BCP.Nu lijkt de Portugese banksector zich te hebben gestabiliseerd, maar de factoren die de aanleiding vormden voor de tweede consolidatieronde zijn nog steeds aanwezig. De banksector is de jongste jaren enorm gegroeid, met een groei in leningen van meer dan 25 procent. Momenteel profiteren de Portugese banken nog van de hoge consumentenuitgaven. Hypotheekleningen en persoonlijke leningen in het algemeen vertoonden een gemiddelde jaarlijkse groei van 20 procent over de laatste vijf jaar.BES boekte een groei in het netto-inkomen van 20,6 procent in het eerste kwartaal tegenover dezelfde periode het jaar voordien. BPI deed het nog beter. Het netto-intrestinkomen steeg met 26,7 procent en de leningen stegen met 34 procent. BCP rapporteerde een stijging met 20,5 procent van de nettowinst. Bovendien moeten de lokale banken wedijveren met concurrenten uit het buitenland en met e-banking.Banco Commercial PortuguêsBCP heeft de recentste overnames op haar naam staan, nl. de aankoop van Banco Mello en Banco Pinto & Sotto Mayor (BPSM), een van de banken van de Champalimaud-familie, en de verzekeraar Imperio. BCP is bijgevolg nog volop bezig met de integratie van deze banken. Hierdoor is BCP niet onmiddellijk in een geschikte positie om nog een grote overname te doen. Volgens Lopes, directeur generaal van BCP, ligt de grootste uitdaging nu niet meer in een groei op de thuismarkt, maar in groei buiten Portugal. Hiertoe lanceert BCP een joint venture in Griekenland en werkt het in Nederland samen met Achmea.Caixa Geral do DepositosCGD speelt een belangrijke rol als machtsbreker - dit bewijst de Champalimaud-saga - maar de bank is niet geïnteresseerd in overnames van privé-banken. Onze groei moet organisch zijn, zegt CGD-bestuurder De Sousa. Ondanks het feit dat CGD in staatsbezit is, is het een serieuze concurrent geworden in de marktsectoren die tot voor kort het domein van de privé-retailbanken was. Caixa was de onbetwiste leider in de hypotheekmarkt met een marktaandeel van zon 90 procent, tot deze in 1992 gedereguleerd werd. Het marktaandeel is nu teruggevallen tot 36 procent door de concurrentie van andere banken. Maar Caixa slaat terug. Het leent nu ook aan grote ondernemingen, en kon hier vorig jaar een groei van 100 procent voorleggen. Het is ook bezig met de ontwikkeling van e-commerce in samenwerking met BES en Portugal Telecom. Caixa heeft een marktaandeel van 18 procent in vermogensbeheer en is ook internationaal aan het uitbreiden in Brazilië en in Spanje, waar het drie kleinere banken bezit.Banco Português de InvestimentoBPI heeft drie grote buitenlandse aandeelhouders. Het Spaanse La Caixa bezit 12,4 procent, evenals de Braziliaanse Itausa groep. Het Duitse Allianz heeft een belang van 8,9 procent.Dit zijn alle strategisch belangrijke deelnemingen, maar geen van deze investeerders is nauw betrokken in het management van BPI, dat onder strikte controle blijft van bestuurder Artus Santos Silva, en zijn afgevaardigde Fernando Ulrech. Volgens bankbronnen in Lissabon is Allianz er niet over te spreken dat zij hun verzekeringsproducten niet mogen verkopen via BPI. Stel dat een van deze investeerders zijn belang in BPI verkoopt, dan wordt BPI een makkelijke prooi voor een binnen- of buitenlandse overnemer.Enige tijd geleden onderhandelden BPI, een groep zonder familiebelangen en het door een familie gedomineerde BES, over een fusie. Toen de deal uiteindelijk niet doorging, officieel omdat beide partijen beseften dat de fusie die speciale vonk miste om ze te doen werken, interpreteerde de markt dit eufemisme als dat de twee besturen er niet in slaagden een akkoord te vinden over de verdeling van de leidende functies.Omdat de familie een enge controle heeft over BES , wordt BPI algemeen als het laatste overnamedoel van enig belang beschouwd in de Portugese markt.Banco Espirito SantoDe enige binnenlandse speler die nog een bod zou kunnen lanceren is BES. Maar deze bank is in familiehanden, en de familie heeft reeds eerder gezegd dat zij geen hoge premies en goodwill willen betalen. Zij prefereren dus een fusie boven een overname. Maar de fusieplannen met BPI draaiden op niets uit. Bovendien kan de familie terughoudend zijn om haar aandeel in de bank te laten verwateren, waardoor ze het wellicht moeilijk zal hebben om voldoende kapitaal te vinden om een overname te doen, zonder haar eigen controle te ondermijnen.Spaanse banken De Spaanse banken liggen evenwel op de loer, enerzijds om een steviger voet aan de grond te krijgen in een kleine maar toegankelijke en dynamische retailmarkt, maar ook om een basisdienst te garanderen aan hun Spaanse klanten, die zaken doen in Portugal. Zowel BES als BPI zijn aantrekkelijke overnamekandidaten voor de Spaanse banken. Door gebruik te maken van het bestaande netwerk van de Portugese bank, kunnen zij zich heel wat kosten besparen.BSCH onderzoekt wellicht elke mogelijkheid om een Portugese bank over te kopen om zo een gelijkaardig marktaandeel in Portugal te bereiken als in Spanje.Dankzij de Champalimaud-overeenkomst verhoogde BSCH haar marktaandeel reeds van 2 procent naar 11 procent, dit is een aanzienlijk belang voor een buitenlandse bank in een vreemd land. Maar het is nog steeds maar de helft van het belang dat BSCH heeft op de thuismarkt.De grootste Spaanse rivaal van BSCH, Banco Bilbao Vizcaya Argentaria (BBVA), ligt ver achter BSCH in Portugal. Bovendien heeft BSCH nu de volle controle over Banco Totta, wat een ware springplank kan betekenen voor haar internationale expansie in de Latijns-Amerikaanse markten. Immers, Brazilië, net als Portugal, is een markt waar BBVA achter BSCH komt. Het marktaandeel van BBVA in Brazilië is minder dan 1 procent, terwijl dat van BBVA, na de overname (1 miljard dollar) van Banco Meriodional de Brasil, 3,1 procent zal bedragen. BBVA moet dus wel reageren.Volgens Spaanse bankbronnen is BBVA de situatie dan ook heel nauw aan het opvolgen. BBVAs voorzitter Francisco Gonzales vindt Europese bankfusies extreem duur en zegt dat BBVA creatievere oplossingen prefereert. Ondanks het feit dat Portugal een natuurlijke markt is voor Spaanse banken, zal het voor BBVA gezien zijn grootte onmogelijk zijn een fusie van gelijken door te voeren met een Portugese bank. Het zou een regelrechte overname moeten worden, waarbij hoge premies en goodwill moeten worden betaald.De Europese strategie van BBVA was tot voor kort geconcentreerd op het belang van 10 procent in het Italiaanse BNL. Maar BBVA stuitte op politieke problemen in verband met kruisparticipaties. Onder andere hierdoor werd de samenwerking met Unicredito Italiano even in de ijskast gezet. BBVA is nu zijn hele Europese strategie aan het heruitwerken. De groep wil alleen investeren als ze een dominante rol kan spelen, zelfs al is dit zonder een meerderheidsbelang te nemen. Zo is de gedelegeerd bestuurder van BNL door BBVA aangesteld, hebben zij vele leden in de Raad van Bestuur en een sleutelrol in de strategische beslissingen. BBVA kijkt op dezelfde manier naar Portugal, en zo pakken ze ook de expansie in Latijns-Amerika aan. Een samenwerking met BBVA zou voor BCI of een andere bank de gedroomde gelegenheid zijn om de sterk gewilde internationale dimensie te verkrijgen. Portugese banken zijn overwegend gefocust op de binnenlandse markt en als ze al naar het buitenland trekken, dan is dit naar landen waar veel Portugese immigranten zijn, of landen met een gelijkaardige cultuur zoals Brazilië of Spanje.En voor BBVA is het veel gemakkelijker haar aanwezigheid in Brazilië, dat telt voor 50 procent van de Latijns-Amerikaanse economie, via een Portugese partner op te bouwen. Geen van de twee grote Spaanse banken slaagde tot nu toe in Brazilië zonder de lokale hulp van Portugese banken. Ondanks de Latijnse gelijkenissen, ervaren zij de taal en de culturele verschillen als moeilijk te overbruggen barrières. Misschien is de Portugese banksector toch minder stabiel dan op het eerste zicht lijkt. Griet DECOCK