Advertentie
Advertentie

Proces winnen is zilver, verliezen is goud

In Engeland waar fundamentalistische dierenrechtenbewegingen al langer actief zijn, stelde men vast dat in 2001 zon 4 procent van de bevolking vegetariër is geworden. Dat zijn 2,4 miljoen Britse consumenten die alternatieven gebruiken voor dierlijke producten zowel in hun dagelijkse voeding, maar vaak ook in andere producten zoals alternatieve cosmetica of onderhoudsproducten die niet op dieren zijn uitgetest. Dit vormt een enorme markt. Belangrijk daarbij is dat 6 procent van de vrouwen vegetariër zijn en dat die wellicht een belangrijke invloed hebben op de voedingsgewoonten van hun kinderen.Melk, vlees, boter, leder, bont zijn allemaal producten van dierlijke oorsprong waarvoor, wat men noemt diervriendelijke substituten bestaan. In plaats van melk kan je nu sojamelk drinken. Een drankje op basis van soja waar nog zon zes andere stoffen zijn toegevoegd om het drinkbaar te maken. In plaats van een heerlijke biefstuk-friet kan je nu een surrogaat veggyburger nemen. Voor lekkerbekken niet echt je dat, maar ja, smaken verschillen.Trouwens is het u ook al opgevallen dat grote chef-koks naast verse groenten ook werken met heerlijke dierlijke producten als verse room, mals vlees, verse vis en heerlijke foie gras. Ook chefs die gevoelig zijn voor beschouwingen rond milieu en gezondheid en vleesvrije producten op de menu van je lievelingsrestaurant zetten en zie wat er over blijft: een mager beestje.Veel vegetariërs kiezen voor het alternatieve product op basis van andere criteria dan smaak en gevoel. Het heeft in veel gevallen iets weg van een zichzelf verheffen door een moreel superieure ascetische levensstijl. Wat op zich een psychologische studie waard zou zijn.Met andere woorden, creëren dierenrechtenbewegingen zoals Gaia met hun emotioneel geladen acties rond dierlijke producten een volledige nieuwe generatie van consumenten die het oorspronkelijke natuurlijke product vervangen door een substituut, iets dat nooit mogelijk zou zijn puur op basis van smaak en kwaliteit van deze producten? Zijn organisaties als Gaia de onrechtstreekse reclamemakers voor de subsituten van mals vlees, échte melk, heerlijke foie-gras, natuurlijk aanvoelend leder en zacht bont, dit door deze eeuwenoude producten een slecht imago te bezorgen?Als men rekening houdt dat Gaia tien mensen kan laten werken om dierlijke producten een slechte faam te bezorgen, dan moet daar een groot budget achter zitten. Het Amerikaanse PeTA heeft zelfs meer dan 100 man in dienst. Hun werkingsmiddelen kunnen niet enkel afkomstig zijn van hun 20.000 leden (als dat al waar is), die 12,5 euro storten. Welke ondernemer kan met 250.000 euro tien mensen betalen, een modern kantoor in Brussel huren en volledig uitrusten, en nog geld over hebben voor het drukken en verzenden van kwartaalbladen, twee firmawagens laten rondbollen, peperdure mini-cameras aankopen voor spionage, en bovenop een boerderij als opvangcentrum voor dieren financieren?Wordt het geen tijd dat de slachtoffers van deze protest-firma eens verder gaan kijken dan dierenwelzijn? Het zou wel eens kunnen zijn dat dit als bliksemafleider wordt gebruikt door bepaalde economische belangen. Wie spint er garen door bepaalde producten een slechte faam te bezorgen? Wie pikt er de markt in met zijn surrogaat? Wie haalt er daarbij zijn voordeel? Organisaties als Gaia worden dus niet enkel financieel gesteund door hun leden, maar ook door firmas die er alle belang bij hebben dat hun concurrerende producten stelselmatig in een slecht daglicht geplaatst worden. Voor deze firmas is het wellicht rendabeler een deel van hun publicitair budget te spenderen aan organisaties als Gaia, dan alles in reclame te spenderen. Sommigen firmas maken daar zelfs geen geheimen van. Zo weten we dat firmas als The Body Shop (cosmetica), Ecover (onderhoudsproducten), Alpro (sojaproducten) reeds activiteiten van Gaia in het verleden hebben gesponsord. Zo ook was bij de oprichting van de eerste anti-bontbeweging in Vlaanderen, eind de jaren 80 een dame betrokken die actief was in namaakbont.Wanneer we in die context de acties en media-aandacht rond Gaia zien, wordt misschien het een en ander duidelijk. Zo als bijvoorbeeld waarom Gaia het proces tegen de veehandelaars verliest. Wellicht is de leiding van Gaia toch verstandig genoeg om te beseffen dat er een fundamenteel verschil is tussen getuige zijn van iets en dat doorgeven aan het gerecht en getuige zijn van iets, er een eigen beeldmontage van maken en dat via de media verspreiden, en dan pas doorgeven aan het gerecht. Dankzij de gratis media-aandacht rond het vorige verloren proces tegen de veehandelaars van Anderlecht steeg het ledenaantal van Gaia van 12.000 naar 20.000, dus goed voor een netto inkomen van minstens 100.000 euro voor de VZW. Bovendien kom je bij het winnen van een proces maar eenmaal in de media-aandacht, bij verlies ga je in beroep en daarna in cassatie en kom je steeds opnieuw in de media samen met de beelden die negatief zijn voor de vleessector. En zo krijgen ook de sponsors van Gaia meer waar voor hun geld. Conclusie: op voorhand verloren processen voeren rond een emotioneel geladen thema als dierenwelzijn is financieel het gouden ei van Columbus. Het is goed voor de ledenwerving en ook voor de sponsors achter de schermen van deze beweging. Winnen is zilver, verliezen is goud. Ludo DE CLERCQDe auteur is voorzitter van Brok, een VZW die mensen correct wil informeren over dierenrechten en dierenbescherming