Public-to-private in België: haalbaar of hype?

De jongste maanden wordt in de pers heel wat aandacht besteed aan bedrijven die de beurs vaarwel willen zeggen. Zo ging bijvoorbeeld de eerste vraag op de persconferentie naar aanleiding van de resultaten van Roularta niet over de resultaten, maar vroeg men of Roularta niet overwoog van de beurs te gaan (delisting). Een verbaasde Rik de Nolf zei dat hij zelfs nog niet over de vraag had nagedacht. Dit voorval schetst een beetje de sfeer waarin deze verhalen tot stand komen. Going private of public-to-private is de omgekeerde beweging van een beursgang, namelijk een beursgenoteerde onderneming die er vrijwillig voor kiest van de koersborden te verdwijnen en de activiteit zelfstandig voort te zetten in de privé-sfeer. Het gaat daarbij om een partij die reeds zeggenschap heeft, die de volledige eigendom van de onderneming overneemt: ofwel een controlerende aandeelhouder die de aandelen die hij niet bezit via een openbaar bod uit het publiek haalt ofwel het management dat hetzelfde doet (een management buy-out). Bij een public-to-private operatie blijft het bedrijf na zijn schrapping zelfstandig voortbestaan. Bijgevolg vallen de overnames van de Belgische bedrijven en hun daaropvolgende schrapping van de jongste jaren niet onder het begrip public-to-private. Van een complete public-to-private operatie zoals hierboven gedefinieerd, bestaat er in België geen voorbeeld.ToekomstAlhoewel het management van de Belgische beursgenoteerde ondernemingen de jongste jaren veel terrein heeft gewonnen tegenover de aandeelhouders, is het vandaag moeilijk denkbaar dat het initiatief voor een Belgische public-to-private deal vanuit het management komt. De enige valabele kandidaat om een beursgenoteerde onderneming van de beurs te halen is de - al dan niet familiale - meerderheidsaandeelhouder. En daar wringt nu juist het schoentje: voor de meerderheidsaandeelhouder bestaat de mogelijke toegevoegde waarde in het vergroten van de zeggenschap. Aangezien de meeste van onze ondernemingen echter gecontroleerd worden met een meerderheid van + 50 procent en deze meerderheid de bijna absolute beslissingsmacht schenkt, heeft het verhogen daarvan tot 100 procent weinig zin. Bovendien moeten de publieke aandeelhouders steeds in cash worden uitgekocht, hetgeen zelfs bij lage beurskoersen een zware dobber kan zijn voor de veelal familiale hoofdaandeelhouders. Daar komt nog bij dat een lage beurskoers voor de meeste hoofdaandeelhouders dan wel vervelend mag zijn, maar echte schade brengt die hen niet toe. De kans op een Belgische public-to-private operatie in de toekomst is vrijwel nihil.Als het van de beurs halen van een genoteerd bedrijf in België vandaag zeer onwaarschijnlijk is, waar komt dan de hele hype vandaan? Die vraag is belangrijk omdat alle aandacht voor het virtuele - fenomeen niet schadeloos is: het vertrouwen van de particuliere belegger wordt nogmaals ondergraven. De indruk wordt gecreëerd dat er iets fundamenteel verkeerd is met onze genoteerde ondernemingen. Wanneer weer eens een bedrijf aankondigt dat het overweegt van de beurs te verdwijnen, mag men zich bij de beurs verwachten aan een nieuwe golf paniekerige vragen over de gevolgen van een delisting.Dat men ondanks de schade die het toebrengt de mythe van de komende golf van delistings in stand houdt, heeft veel te maken met de dalende koerstrend van de meeste Belgische ondernemingen. Veel van de bedrijven die in de voorbije jaren topkoersen kenden of op de beurs werden geïntroduceerd presteren operationeel uitstekend en lijken daarvoor beloond te worden met dalende koersen. Dit creëert onbegrip en frustratie, bij de beleggers, maar vooral bij het management. Vanuit die verwarring en frustratie werd eerst een externe zondebok gezocht, de beurs van Brussel, en nu is gebleken dat het schoentje daar niet wrong, volgt nu bij sommigen een reactie van afkeer: de beurs moet van mij niet weten, dus ik zeg de beurs ook vaarwel. Weinige bedrijfsleiders beseffen dat de aanhoudende klaagzang over de te lage beurskoers, met daarbovenop her en der het (loze) dreigement om de beurs vaarwel te zeggen, het beeld creëert dat er iets onherstelbaar verkeerd gaat. In een dergelijk klimaat wordt het zeer moeilijk nog beleggers warm te krijgen voor Belgische aandelen.Wanneer we het hebben over klimaat en vertrouwen, speelt de pers onvermijdelijk een grote rol. Alhoewel kritiek op de pers meestal een teken van zwakte is, kan er niet om de vaststelling heen dat de - Vlaamse - pers in de hype over de delistings een meer dan passieve rol speelt. Vooreerst zijn er nog geen public-to-private-operaties geweest in België, dus alle dergelijke verhalen rapporteren niet over een bestaande trend. Vervolgens schetst de inleiding goed hoe de verhalen over toekomstige public-to-private operaties tot stand komen: men verrast een bedrijfsleider en wanneer die niet goed oplet, is het hoge woord eruit. Wanneer de journalist wat meer kritische zin aan de dag zou leggen, zou het moeten duidelijk zijn dat een bedrijfsleider die zijn onderneming effectief van de beurs wil halen dat nooit aan de grote klok zou hangen om de operatie betaalbaar te houden. Nergens speelt het effect van de selffulfilling prophecy zo krachtig dan op de beurs. Nergens heeft de sfeer die de pers creëert zoveel invloed dan in de beurswereld. Wanneer de kranten dag na dag gevuld worden met klagende bedrijfsleiders of bedrijven die de beurs willen ontvluchten, dan zal dat onvermijdelijk het vertrouwen aantasten en de dalende beurskoersen nog verder in de hand werken. Daarmee wil ik niet zeggen dat de pers alles kritiekloos moet slikken en een rozig beeld moet creëren, want vaak is goedgerichte kritiek de krachtigste motor van veranderingen ten goede. Kritiek is absoluut noodzakelijk om de gezelligheid van de jongens onder elkaar te doorbreken. Maar ik durf de nieuwswaarde van de zoveelste klagende voorzitter in twijfel trekken en de hele hype van delistings die daarin past aanklagen, omdat we er onszelf nodeloos mee schaden. Luk DELBOODe auteur is Supervision Manager van Euronext BrusselsHij schreef deze bijdrage in persoonlijke naam