Punch-Drunk Love

Een verhaal verzinnen dat Adam Sandler tot zijn recht laat komen is op zich al een bewonderenswaardige prestatie. Maar Boogie Nights-regisseur Paul Thomas Anderson gaat zowaar nog een stapje verder: hij creëerde voor de Amerikaanse komiek een personage dat zo uit s mans andere films gestapt lijkt en toch compleet verrast. Sandler is door de jaren heen zo vastgeroest in zijn voorliefde voor naïeve personages met een licht ontvlambare razernij onder de huid dat zijn werk voorspelbaar is geworden. Je weet dat hij een sul zal spelen, je weet dat hij dingen zal doen die de goede smaak trotseren en je weet dat hij in de loop van de film een paar keer uit zijn krammen zal schieten. Allemaal scènes die we ook in Punch-Drunk Love te zien krijgen. Deze keer heet hij Barry Egan, een man die slecht in zijn vel (en zijn kleurrijke maatpak) zit. Hij tracht zijn brood te verdienen met een eigen zaak, die zonder veel succes ongewone toiletproducten aan de man wil brengen, hij wordt dagelijks geterroriseerd door zeven opdringerige en luidruchtige zussen en hij weet niet hoe hij met mensen om moet gaan. Wanneer hij op een dag een sekslijn opbelt om zich een beetje te ontspannen, ontspoort de boel pas helemaal, en dat net op het moment dat hij Lena heeft leren kennen, een lief meisje dat hij wel ziet zitten. Wat aanleiding geeft tot een paar serieuze woede-uitbarstingen, gebroken ruiten en ineengeslagen toiletten. Allemaal ideeën die je even goed in The Waterboy, Happy Gilmore of Mr. Deeds zou kunnen aantreffen. Maar voor Anderson is dat maar het begin. Net zoals een chefkok iets bijzonders kan maken van een hamburger of stoofvlees, verzint de cineast zulke onverwachte combinaties met die Sandler-clichés dat je constant op het verkeerde been staat. En het begint al bij de openingsscène. Sandler komt s morgens vroeg aan op zijn werk, kijkt uit het raam en ziet een auto zwaar over de kop gaan. Waarna een andere auto een piano op straat zet en wegrijdt. Op een ander moment staat Sandler op de voorgrond te praten, terwijl achter hem een van zijn werknemers ongeveer de boel afbreekt met een vorkheftruck. Of wat vindt u van volgend romantisch gesprek? Zegt Barry tegen Lena: I want to take your face and smash it with a sledgehammer, youre so pretty. Waarop Lena antwoordt: I love you so much I want to rip out your eyeballs and suck on them. Anderson stapelt die toetsen zo knap op elkaar dat je op de duur niet meer wat waar zal komen. Het gevolg is dat scènes die in elke andere Sandler-film domme slapstick zouden zijn (tegen een gesloten glazen deur lopen bijvoorbeeld) plots iets teders en sympathieks krijgen. In plaats van louter een dwaze pipo ontpopt Barry zich tot een fascinerende figuur, iemand die in al zijn tics en bizariteiten (hij koopt voor duizenden dollars pudding om gratis vliegmijlen te krijgen) onmiskenbaar menselijk is. Dat Punch-Drunk Love bijzonder vindingrijk is met beeld en (vooral) geluid, kun je gezien Andersons staat van dienst al lang geen openbaring meer noemen, maar het blijft adembenemend om te zien. Punch-Drunk Love is zonder tegenspreken de meest verfrissende romantische komedie van de laatste tien jaar.Van Paul Thomas AndersonMet Adam Sandler, Emily Watson, Philip Seymour Hoffman, Luis GuzmànDaredevilNu de X-Men, Spider-Man en The Hulk hun respectieve filmfranchises in gang getrokken hebben en de nieuwe avonturen in de lopende Batman- en Superman-sagas ook stilaan dichterbij komen, wendt Hollywood zich tot de minder bekende striphelden voor inspiratie. Net als Spider-Man, de X-Men en ongeveer de helft van alle andere superhelden die de tand des tijds min of meer doorstaan hebben, is Daredevil een creatie van Stan Lee. De bovennatuurlijke gave van dit New Yorkse hoofdpersonage (uit de Ierse wijk Hells Kitchen) is dat hij bij een jeugdig ongeval met chemicaliën blind werd en tot de vaststelling kwam dat zijn andere zintuigen zich tegelijk onwaarschijnlijk verscherpt hadden. Daredevil hoort, ruikt, voelt en proeft niet alleen duizend keer beter dan wij gewone stervelingen en kan daardoor zijn gezichtsvermogen meer dan goed maken, hij voelt ook wat er te gebeuren staat voor het effectief gebeurt. En een man die weet wat hem te wachten staat, is een Man zonder Angst, meteen ook Daredevils roepnaam. Bij ons mag de superheld dan niet de faam van zijn collegas genieten, in de States is hij een ware klassieker, die decennium na decennium opnieuw uitgevonden wordt. Zo schreef Clerks en Dogma-cineast Kevin Smith (die trouwens een cameo maakt in de film) een tijdje geleden een diep christelijk Daredevil-verhaal, over een man die rouwt om het vertrek van zijn lief en begint te twijfelen aan zijn missie als held. Dat is ook grotendeels de weg die regisseur Mark Steven Johnson inslaat met de eerste Daredevil-film. Zoals veel eerste afleveringen uit een reeks die, zo hopen de producenten vurig en zo zal het na het succes in Amerika ook wel worden, nog veel vervolgen zal krijgen, dient dit verhaal in de eerste plaats om de personages voor te stellen. En dus komen we eerst te weten hoe de jonge Matt Murdock precies zijn supertalenten ontwikkeld heeft, wat zijn Grote Trauma is (de dood van zijn vader), wie zijn Grote Vijand is en hoe hij ontdekt heeft wat zijn levensdoel is. Allemaal fijn om te weten, maar Johnson wijdt er zoveel tijd aan dat er nauwelijks nog iets overblijft om een behoorlijk verhaal mee te vertellen. Nu kan je een dunne plot in principe wel compenseren, met een oogverblindende zin voor stijl bijvoorbeeld. Maar Johnson kan geen moment verdoezelen dat hij absoluut niet de geschikte man was voor deze job. Het maakt niets uit dat je een grote fan van het stripverhaal bent en er alles aan wilt doen om de geest van de comic trouw te blijven, als je niet in staat bent om een actiescène overzichtelijk en opwindend in beeld te brengen, kun je maar beter thuis blijven. Johnson put zich uit in flitsende shots en een overdosis rocksongs, maar omdat hij geen flauw idee heeft wat hij ermee moet aanvangen, gaat die chaos snel op de zenuwen werken.Stijlgevoel en gammele computereffecten hoeven echter op zich niet de ondergang van de film als geheel te betekenen. Spider-Man zag er in computerversie ook niet altijd even geloofwaardig uit, maar Sam Raimi relativeerde alles tenminste wel met wat gevoel voor humor. Niets daarvan in Daredevil. Matt Murdock wordt voorgesteld als het prototype van de tragische held, je kunt Daredevil heel makkelijk zien als een ontspoorde burgerwacht, in zijn geval des te schrijnender aangezien hij in het dagelijks leven advocaat is. Zware kost dus, en de makers vonden er niets beters op dan om alles nog eens met fluo te onderstrepen. Er hangt bijvoorbeeld een voice-over aan de film vast die zo bombastisch klinkt dat het bijna een parodie lijkt. I would seek justice, one way or another, Can one man make a difference? There are days when I believe and others when I have lost all faith of This is a city made of heroes, het is maar een greep uit de ronduit potsierlijke uitspraken die onze held in de mond neemt. Maar zelfs dat pretentieuze sérieux hoeft geen onoverkomelijk struikelblok te zijn, als je maar een hoofdacteur hebt die de aandacht van het publiek vast houdt. Iemand anders dan Ben Affleck dus. Professionele mens, daar niet van. Geef hem een goed script (Chasing Amy, of The Sum of All Fears) en hij doet zijn job. Maar omdat hij elke vorm van charisma mist, lukt het hem hoegenaamd niet iets als Daredevil, wat je met veel goede wil middelmatig kunt noemen, naar een hoger niveau te trekken. Afflecks gebreken worden bovendien extra in de verf gezet omdat hij acteurs tegenover zich krijgt die wel een indruk nalaten. Jennifer Garner als Elektra bijvoorbeeld, en zeker de slechterik Colin Farrell, die met zoveel goesting en kleur over het scherm paradeert dat hij fluitend met de film gaat lopen.Van Mark Steven JohnsonMet Ben Affleck, Jennifer Garner, Jon Favreau, Colin Farrell, Michael Clarke Duncan, Joe PantolianoConfessions of a Dangerous MindWat maakt het uit waar een regisseur zijn inspiratie gehaald heeft, als de ideeën maar passen bij het verhaal dat hij wil vertellen? Die bedenking maak je je onvermijdelijk als je naar Confessions of a Dangerous Mind zit te kijken, het regiedebuut van wereldster George Clooney. Als je bijvoorbeeld ziet hoe gestroomlijnd de film is en hoe hij speelt met tijd en ruimte, lijdt het geen twijfel dat de man zeer goed opgelet heeft bij de films die hij met zijn productiepartner Steven Soderbergh gedraaid heeft. Net zoals je weet dat Soderbergh hem een hoop tips gegeven heeft over de cinema uit de jaren 70 die hij absoluut moest bekijken. Dat Clooney zich in zijn enthousiasme een beetje vergaloppeert en zijn film zo vol visuele ideeën en referenties stopt dat hij er bijna onder bezwijkt, kun je ook makkelijk met de mantel der liefde bedekken. Het is zelfs vertederend te zien hoeveel zin hij had om er iets opmerkelijks van te maken. Omdat het plezier ervan afstraalt, word je spontaan in de sfeer meegesleurd. Bovendien leende het verhaal zich best wel tot een beetje overdrijving. Het gaat tenslotte om het levensverhaal van Chuck Barris (prima vertolking van Sam Rockwell), een man die in de Verenigde Staten naam en faam vergaarde met legendarische tv-shows als The Dating Game (zeg maar Blind Date) en The Gong Show, kijkcijferkanonnen die hem een aardig duitje opleverden. Maar naar eigen zeggen heeft zijn leven ook een veel duisterder kant gekend. In zijn memoires (die overigens dezelfde titel hebben als de film) beweert hij namelijk dat hij ooit door de CIA geronseld werd als internationale agent en dat hij zijn tv-shows jarenlang heeft gebruikt als dekmantel om staatsgevaarlijke individuen uit de weg te ruimen. Een film over iemand die met zulke verhalen komt aanzetten, verdraagt dus wel wat fantasietjes. Alleen jammer dat het scenario van Charlie Kaufman halverwege bijna traditioneel (Being John Malkovich en Human Nature leden ook aan het euvel) een behoorlijke dip vertoont.Van George ClooneyMet Sam Rockwell, Drew Barrymore, George Clooney, Julia Roberts, Rutger Hauer, Maggie Gyllenhaal, Jerry Weintraub