Raymond Glorie, beeldhouwer en medailleur

In de penningkunde bekleedt de kunstenaar Raymond Glorie een speciale plaats. Niet zozeer om zijn numismatisch werk - hij ontwierp immers geen enkele Belgische munt - maar wel om zijn oeuvre medailles en penningen. Hij ontwikkelde een eigen stijl, maar de begeestering ontving hij van zijn oom Marcel Rau, bekend kunstenaar en ontwerper van verschillende Belgische munten en van een hele reeks prachtige medailles. Marcel Rau was de meester, Raymond de leerling.Raymond Glorie werd geboren in Brussel op 2 mei 1918. Zijn vader was kandidaat notaris en zijn moeder behoorde tot een bekende familie van middenstanders. Het opeenvolgend verlies van zijn vader in 1920 en van zijn broer in 1926 beïnvloedden zijn kindertijd in niet geringe mate: hij groeide op in een sfeer van triestheid en onzekerheid. Zijn moeder, een uitstekende amateur-pianiste, bracht hem al vroeg in contact met de kunst. Zij ging met hem naar musea, concerten, het familiaal klimaat was erg cultureel. Zijn studies volgde hij aan het Sint-Michielscollege, waar hij, dankzij het scoutisme, zijn zelfvertrouwen terugvond. Hij knoopte er diepe vriendschappen aan en verruimde er zijn horizon, die tot dan beperkt was tot zijn familie. Een ander positief element in zijn leven waren zijn vakanties, die hij doorbracht bij zijn oom Marcel Rau, een bekend beeldhouwer en medailleur, die zelf kinderloos was. In 1934 gaf hij zijn studies op om zich volledig te wijden aan de kunst. Het was geen onweerstaanbare drang die hem naar de kunst dreef maar meer het verlangen iets te verwezenlijken.In het atelier van Marcel Rau heerste een bijzonder klimaat, te vergelijken met een atelier uit de Renaissance. Koortsachtig werd er in groep gewerkt met medewerkers uit verschillende disciplines; alle disciplines en alle technieken kwamen er aan bod: contacten met architecten, uitwerken van projecten, studies op maquette, vergrotingen, discussies met gieters of ceramisten, samenstelling en realisatie van medailles en munten. Elk probleem, hoe klein ook, was het onderwerp van een uitgebreide studie. De stijl was klassiek, soms beïnvloed door de art-deco. Raymond Glorie leerde er modeleren en voerde kleine werken uit. s Avonds bezocht hij de Kunstschool van Elsene waar hij deelnam aan verschillende ateliers om zijn kennis zo ruim mogelijk uit te breiden. Hij werd de leerling van Antoine Pompe en van Victor Servranckx met wie hij een reeks gebruiksvoorwerpen maakte in een stijl die kenmerkend was voor zijn latere werk.In 1939, hij had dan reeds zijn eerste reeks van 13 bijzonder mooie medailles achter de rug, ging Raymond Glorie werken in het atelier van Oscar Jespers in La Cambre, dat is de Ecole Nationale Supérieure dArchitecture et des Arts Visuels in de abdij van het Terkamerenbos. Hij werd niet onmiddellijk door hem beïnvloed, maar de manier waarop Jespers voorrang verleent aan het spel met volumes en ruimtes, heeft hem zeker bevrucht met nieuwe ideeën om het probleem beeldhouwen op te lossen. In die tijd leerde hij grondig diverse basistechnieken en heeft het expressionisme zeker zijn gedachtengoed beïnvloed. De omstandigheden verhinderden Raymond Glorie om een regelmatig leerling te zijn omdat hij tegelijkertijd reeds regelmatig werkte en zelfs verschillende medailles realiseerde. s Avonds bezocht hij de vrije academie LEffort waar hij tekende naar levend model. Ondanks de bezetting was het intellectueel en artistiek leven zeer actief. Hij bezocht veel vrienden, o.a. Jo Gérard, G.H. Dumont, G. Sion, Ph. le Hodey.Als leraar aan La Cambre van 1944 tot 1976 onderwees Raymond Glorie vorm en tekenen met de vrije hand aan leerling-architecten en industriële ontwerpers.In 1954 maakte hij een persoonlijke synthese van alles wat hem had beïnvloed. Hij realiseerde Zelfvertrouwen (LAssurance), een eerste opwelling van een stijl die hij zijn verdere leven trouw bleef. Deze stijl is een persoonlijk soort classicisme, zeer mooi gevormd, met een zeker ritme en streng vereenvoudigd. De menselijke figuur is niet het resultaat maar veeleer de aanleiding. De lijn is belangrijker dan het materiaal.Door zijn vorming interesseerde Raymond Glorie zich voor alle plastische problemen; van 1952 tot 1958 was hij directeur van het Centre Artisanal van Alle-sur-Semois waarvoor hij een honderdtal modellen maakte voor het draaien van houten modellen op een draaibank. Men vroeg hem zelfs nieuwe bakvormen te ontwerpen voor banketbakkers.Na 1982 creëerde Raymond Glorie gegoten sieraden in goud en zilver in dezelfde stijl als zijn beeldhouwwerken: met eenvoudige en zuivere lijnen. Raymond Glorie is altijd een gewaardeerd medailleur geweest, zowel voor zijn gegoten medailles met zeer kleine oplage als voor de geslagen medailles in grotere oplage zowel bij de firma Fibru in Brussel als voor de Munt in Parijs.Raymond Glorie tekende ook veel in dezelfde stijl als die van zijn beeldhouwwerken. De artiest heeft steeds blijk gegeven een grote constante in zijn esthetisch streven te hebben en heeft zich steeds ver gehouden van snel voorbijgaande modeverschijnselen; het is de weerschijn van een sterke persoonlijkheid.Van zijn beeldhouwwerk verscheen een prachtige catalogus die te verkrijgen is bij de kunstenaar zelf, Observatoriumlaan 21, 1180 Brussel. Zijn medailles en penningen zijn te bewonderen in het jaarboek 1998 van het Europees Genootschap voor Munt- & Penningkunde. Te verkrijgen door storting van 900 frank op rekening 068-2107309-11 met vermelding Jaarboek 1998. LuVDe auteur is te bereikenop zijn e-mailadres: luc.vandamme@pandora.be