Rechter geeft Gevaert weinig hoop in Holzmann-proces

(tijd/reuters) - Rechter Dietmar Wöhler, die het proces leidt dat de Belgische holding Gevaert voert tegen bouwbedrijf Philipp Holzmann en Deutsche Bank, zei op de eerste zittingsdag dat de kans op succes voor Gevaert niet zo gunstig is. Hij spoorde de strijdende partijen aan alsnog tot een vergelijk te komen. De advocaten van Holzmann en Deutsche Bank wezen het voorstel van de rechter af.Gevaert eist van Holzmann en Deutsche Bank een schadevergoeding van respectievelijk 78 miljoen mark en 320 miljoen mark. Aanleiding is de mislukte investering in de bouwgroep eind 1998. Gevaert nam toen een belang van 30,4 procent in Holzmann. Een jaar later maakte Holzmann bekend dat het een verlies van 2,4 miljard mark had aangetroffen in de boeken. Gevaert verwijt Deutsche Bank, waarvan het een participatie van 10 procent in Holzmann overnam, feiten te hebben verdoezeld.Georg Maier-Reimer, de advocaat van Gevaert, zei tijdens de zitting dat het Holzmann eind 1998 veel slechter verging dan in het prospectus was weergegeven. Rechter Wöhler beweerde weinig overtuigd te zijn van dat argument. Objectief gezien bevat het verkoopsprospectus voldoende waarschuwingen over de risicos van een investering in Holzmann. Er werd niets opgesierd of gebagatelliseerd.Marc Francken, gedelegeerd bestuurder van Gevaert, zegt in een telefonische reactie door te gaan met het proces. Het proces is op voorhand betaald. Bovendien wisten we vooraf dat de rechter tijdens de eerste zitting de partijen in de richting van een akkoord probeert te duwen. Gevaert overlegt nog met zijn juristen over wat precies gedaan zal worden. Francken denkt dat de kans klein is dat een akkoord bereikt wordt. Voorzitter André Leysen heeft al genoeg geprobeerd om tot een akkoord te komen. De kans is klein dat het nu wel zou lukken. KvH