Advertentie
Advertentie

Rente- en politieke druk

De beleggers volgden de afgelopen week met meer dan gewone belangstelling de bijeenkomst van het Federal Open Market Committee en de publikatie van enkele gevoelige cijfers. Vorige week vrijdag zette de Dow positief in, geholpen door de vervaldag voor opties en futures. Onder invloed van de onzekerheid betreffende de plannen van de Fed diende de Amerikaanse beurs de winst maandag reeds prijs te geven. Het wegvallen van de rente-onzekerheid na een verhoging van de rente met een kwartje tot 3,5% kon dinsdag nochtans geen animo op de aandelenmarkt brengen. De obligatiemarkt reageerde aanvankelijk wel positief. Door de oplopende spanning tussen Amerika en Noord-Korea, de stijging van de goudprijs, geruchten omtrent de gezondheid van Jeltsin kozen de beleggers donderdag eieren voor hun geld. Bovendien stak de inflatievrees weer de kop op. De ekonomische cijfers vielen nochtans niet negatief uit, maar de stijging van de CRB-index van grondstoffenprijzen zwengelde de inflatieverwachtingen opnieuw aan. De Dow sloot de week dus af met een verlies van 1,1%. Philip Morris daalde met 3,9% nadat het kongres een verhoging van de aksijnzen met 1,01 dollar tot 1,25 dollar per pakje had goedgekeurd. De opbrengst zal dienen ter financiering van de hervorming van de ziektevoorzieningen. Farmaciegroep Merck leverde 3,6% in na nieuws dat Sandoz een anti-cholesterolgeneesmiddel op de markt brengt dat 50% goedkoper is dan het eigen produkt. De cyclische aandelen en de autobouwers presteerden aanvankelijk goed. Doch donderdag werden de winsten opnieuw prijsgegeven. Chrysler besloot met een daling met bijna 5%, GM leverde 3,5% in terwijl Ford het verlies tot 2% beperkte.