Advertentie
Advertentie

'Roken op werk moet uitzondering worden'

(tijd/belga) - Roken op het werk moet de uitzondering worden. Dat stelt Anissa Temsamani (sp.a), de staatssecretaris voor Arbeidsorganisatie en Welzijn op het Werk. Ze wil de wetgeving over roken op het werk evalueren. 'Indien nodig moet aan de huidige hoffelijkheidsregeling toegevoegd worden dat niet-rokers recht hebben op een rookvrije werkplek', zegt ze. Eerder had haar collega van Sociale Zaken, Rudy Demotte, daar al voor gepleit. Temsamani reageerde op uitspraken van Roger Blanplain, professor-emeritus aan de KU Leuven. Die stelde gisteren zijn boek 'Passief roken. De zachte moordenaar' voor. Volgens Blanpain kan een werknemer als passieve roker gerechtelijke stappen tegen zijn werkgever ondernemen als die hem geen rookvrije arbeidsplaats garandeert. 'Het recht op een rookvrije arbeidsruimte is een grondwet van elke werknemer', stelt hij. Hij wijst erop dat in de grondwet het recht op gezondheid is opgenomen. De wet van 3 juli 1978 op de arbeidsovereenkomsten stelt voorts dat elke werkgever moet zorgen voor een gezonde werkplaats voor de werknemer. Ook de wet inzake het pesten op het werk kan toegepast worden op passief roken. Blanpain vond de beslissing van de NMBS goed om vanaf 2004 een algemeen rookverbod op de binnenlandse treinen uit te vaardigen. Hij is voorstander van een rookverbod op alle publieke plaatsen. Studies becijferen dat in Belgie jaarlijks zowat 2.200 passieve rokers aan tabaksrook sterven.