Advertentie
Advertentie

Scaldis en Dredging krijgen bergingsopdracht op Westerschelde

(tijd) - De Belgische bedrijven Scaldis en Dredging International mogen de eerste negen van in totaal tachtig scheepswrakken bergen die het scheepvaartverkeer op de Westerschelde bemoeilijken. Beiden kwamen bij de aanbesteding door de Nederlandse Rijkswaterstaat als laagste bieder uit de bus voor het eerste deel van een opdracht van mogelijk zes miljard frank. Scaldis en Dredging zeggen officieel nog niet op de hoogte te zijn van de order, maar bevestigen dat ze het laagste bod hebben gedaan. Het bergen van scheepswrakken op de Westerschelde maakt deel uit van de Waterverdragen tussen België en Nederland waarbij ons land de toestemming kreeg om de Schelde te verdiepen tot 40 voet (12,2 m). De verdieping van de Westerschelde van 34 tot 38 voet (11,6 meter), waardoor schepen met een diepgang tot 38 voet in alle omstandigheden de Schelde kunnen opvaren, is grotendeels voltooid. Daarna volgt de verdieping tot 40 voet. Tachtig scheepswrakken die het verdiepen in de weg staan, moeten verwijderd worden. Aangezien ze op Nederlands grondgebied liggen, worden de aanbestedingen voor de berging uitgeschreven door de Nederlandse Rijkswaterstaat. De baggerwerken worden uitgevoerd door Belgische baggerbedrijven en betaald door de Belgische overheid. België draait ook op voor de bergingskosten. Die worden geraamd op bijna 6 miljard frank over een periode van vijf jaar. Oorspronkelijk bedroeg het kostenplaatje circa 3 miljard frank, maar de recente berging van de Forte Maisonneuve, het Canadese schip dat in in 1944 met munitie zonk in de monding van de Westerschelde, bleek een dermate lastig karwei dat rekening wordt gehouden met nog meer kostenverslindende verrassingen.