Sinterklaas en dieven

Van dieven zijn we gewend dat ze als eksters verkikkerd zijn op mooie en dure voorwerpen; liefst ontvreemden ze die uit huizen waar ze s nachts gewapend met zaklamp stilletjes binnenglippen. De dieven die Goele de Bruyn (Brecht, 1963) ten huize van Netwerk Galerij in Aalst laat inbreken houden er een variant op na: in de beste sinterklaastraditie brengen ze stilletjes objecten binnen in donkere huiskamers. In heel wat vroegere werken van De Bruyn werd de figuur van Sinterklaas min of meer subtiel opgevoerd. In Aalst kan je nu dieven aan het werk zien op twee videos die op de bovenverdieping van de galerie werden opgesteld: ze vullen de lege ruimtes die ze bezoeken met specifieke voorwerpen zoals handschoenen, een scherpe schaar of rooie sok. De twee videowerken zijn een belangrijke sleutel tot een goed begrip van De Bruyns kunst die in een eerste lezing hoofdzakelijk esthetisch hoog scoort: in een perfecte afwerking creëert ze voorwerpen en sculpturen die een grote tactiele aantrekkelijkheid hebben. Maar die voorwerpen zijn niet zomaar gekozen: telkens slaagt De Bruyn erin ze te laten functioneren als machines die het geheugen activeren en in staat zijn om de toeschouwer mee te voeren naar zijn onbewuste, waarin hij heel wat sferen en verhalen heeft opgeslagen die in het dagdagelijkse leven alleen sluimerend aanwezig zijn. Het is opvallend dat de beelden die De Bruyn creëert zo gemakkelijk kunnen concurreren met de dagelijkse beeldenstroom die onze hedendaagse leefwereld op ons afstuurt. De Bruyn gaat daarvoor op zoek naar sterke betekenisdragers, een uitgesproken iconografie. Dat is duidelijk merkbaar in de installatie die de kunstenares op de benedenverdieping van Galerij Netwerk aanbracht. Hier werkt ze met voorwerpen als een slagboom, paardenspansels, boeken, kinderzakdoeken en lange ragfijne touwtjes. Door de combinatie en schikking van de voorwerpen tot losse clusters creëert De Bruyn een intense sfeer waarin de toeschouwer zijn eigen verleden en leefwereld kan (re)construeren. In de manier waarop de Bruyn poëzie in haar beelden brengt vertoont ze affiniteiten met de Nederlandse kunstenaar Mark Manders. Net als Manders creëert De Bruyn een eigen universum dat bevolkt wordt door steeds terugkerende, subtiele maar sterk doordringende beelden. ERGoele De Bruyn tot 21 december bij Netwerk Galerij, De Ridderstraat 28, 9300 Aalst. Open van woensdag tot zaterdag van 14 tot 18u. Tel./ 053 70 97 73.ParamountBasics tot 21 december in het MUHKA, Leuvenstraat Antwerpen. Tel./ 03 238.59.60.Jong geweldWerken van jonge kunstenaars zijn moeilijk te beoordelen. Bij een volgroeid oeuvre is men soms verrast bij het aanschouwen van de eerste werken van een toen nog beginnend kunstenaar. Hoe heeft zich dat latere werk uit die eerste werken kunnen ontwikkelen? Een jong oeuvre blijft onvoorspelbaar.In Unlimited #5. The Young Ones II presenteert Art Concern in Kortrijk werk van vier jonge kunstenaars. De keuze blijkt goed doordacht, want de werken van die vier verschillende kunstenaars sluiten mooi bij elkaar aan. Het is niet meteen een esthetica die mij persoonlijk na aan het hart ligt, maar dat bijvoorbeeld in Nederlandse kunstkringen goed gedijt.Een mooi voorbeeld vormen de schilderijen van de jonge Nederlandse kunstenaar Derk Thijs (1977). Het zijn schilderijen met traditionele genres (landschap, religieuze taferelen) in felle, bijna fluoachtige kleuren in een zwierige, figuratieve stijl. Ze deden mij spontaan denken aan het werk van Rob Birza, van wie Thijs ook een leerling blijkt te zijn.Een schilderij zoals De Jacht bezit een overtuigende compositie. Het vierkante doek hangt als een ruit tegen de muur. Twee grote hanen richten hun snavel naar de onderste hoek van het schilderij, terwijl boven twee mannen in een gevecht verwikkeld zijn. Een sterke compositie, maar die felle kleuren en dat artificiële licht stoten een beetje af.Het is ongeveer hetzelfde verhaal bij de werken van Erlend van Landeghem (1965). Interessant is zijn reeks De twaalf wijsgeren van Baudolino, waarvan er in de galerie drie tentoongesteld zijn. De beeldjes zijn opgebouwd rond kitscherige sculptuurtjes die helemaal ondergespoten zijn onder een berg siliconenvormen. Van borstvergrotingen tot het dichten van gaatjes in de badkamer is silicone waarschijnlijk een van de meest enge materialen die er bestaan.Nog meer akelig badmateriaal in de antislipbadmatjes van Gunther Moriau (1975) die daaruit een heel kostuum gemaakt heeft. De objecten die Moriau in Art Concern tentoonstelt, zijn vaak gebruikt in spontane performances. Zo heeft hij effectief een tijdlang in Gent rondgelopen met zijn Baladeur de poisson. Een rugzak met een vierkanten tasje waarin een goudvis rustig (?) lag rond te dobberen, terwijl Moriau zijn ronde door de stad deed.Andere werken van Moriau zijn sterk verbonden met een bepaalde anekdote. Zo brengt hij in Globe een ode aan een overleden vriend en notoir globetrotter. Een doormidden gesneden kleurige globe (van het soort zoals je ze vroeger uit een kauwgombak als sleutelhanger kon draaien), samengehouden door een aantal lederen riempjes en waaruit rood haar tevoorschijn springt. Ontroerend. Persoonlijk en niet te koop.Buitenbeetje op deze tentoonstelling is Isabel Demeyer (1975). Een verzameling papieren en kartonnen objecten waaruit ovale vormen zijn gesneden hangen samen aan de muur rond een werk dat vermoedelijk een bewerkte kopie van een zelfportret van Bonnard is. Ook in haar andere werken, een reeks waarin naaiende handen omringd zijn door cirkelvormen, speelt de bewerking in verschillende lagen een grote rol. Voorlopig valt er weinig uit haar werk op te maken. Vooral benieuwd hoe zich dat voort ontwikkelt. JLUnlimited #5. The Young Ones II met Isabel Demeyer, Gunther Moriau, Derk Thijs, Erlend van Landeghem nog tot 8 december in Art Concern, Handboogstraat 20, 8500 Kortrijk. Tel./: 051-61.32.91, www.artconcern.beAglaia KonradJaren werk is erin gekropen en uren film is het resultaat: Tomorrow Square, het nieuwste werk van Aglaia Konrad, is een 16 uur durende compilatie van grootstadsbeelden van over de hele wereld, van Dakar over Shangai tot Chicago.Aglaia Konrad presenteert sinds de vroege jaren tachtig krachtige fotografische beelden, veelal in een stedelijke context. Een tijd terug bracht ze in de Sint-Lukasgalerij in Brussel een soort van prelude op Tomorrow Square, dat thans bij Argos wordt gepresenteerd. In Sint-Lukas bouwde Konrad met een reeks van prachtig samengebrachte fotos eveneens een verglijdend geheel van beelden uit de grootstad. Vooral de chaos, de urbanistische wanorde en het organische groeien van stadsbuurten werd in deze fotos belicht. Tomorrow Square bestaat uit een geheel van filmische beelden met lange opnametijden waardoor de toeschouwer extra gemotiveerd wordt om de beelden intensief te bekijken. De projectie van het werk gebeurt in de verdonkerde tentoonstellingsruimte van Argos. Daar werden twee videoschermen opgesteld die elk langs beide zijden beeld geven. Op die manier word je als toeschouwer helemaal omringd door de stadsbeelden en -geluiden, waardoor de fysieke beleving van dit werk alleen maar intenser wordt. Tomorrow Square wordt op deze manier een soort van sculptuur en toeschouwers worden ook uitgenodigd om het werk op die manier te lezen. Niemand gaat echter 16 uur voor een beeld zitten, daarom zou het misschien een goed initiatief zijn om dit opus ook op een plek te vertonen waar men bij wijze van spreken dagdagelijks voorbijkomt en iedere keer opnieuw een ander fragment van het werk kan bekijken. Bovendien zou een dergelijke opstelling ook aansluiten op de wijze waarop Konrad gewoonlijk haar fotowerk presenteert: langs passages, op vensters van bushaltes, als beelden dus van en in de stedelijke ruimte. ERTomorrow Square, tot 21 december bij Argos, Werfstraat 13, 1000 Brussel. Open woensdag tot zaterdag van 14 tot 19u. Tel./ 02 229 00 03.