Slecht sein

Het bericht in deze krant dat ongeveer 8.000 naamloze vennootschappen in België nog steeds niet over het wettelijke minimumkapitaal van 61.500 euro beschikken, is afgelopen week wat tussen de plooien gevallen. Ons land telt zowat 108.000 actieve NVs. Dat zijn NVs die regelmatig een BTW-aangifte indienen. Dat 8.000 van die 106.000 NVs of 7 procent niet voldoet aan de wet, is geen detail. Zij kregen vijf jaar de tijd het kapitaal te verhogen van 30.750 naar 61.500 euro. De wet die het hogere wettelijke minimumkapitaal oplegde voor NVs werd op 1 juli 1996 van kracht, maar de bestaande NVs kregen de tijd tot 30 juni 2001 om zich in regel te stellen. Nieuwe NVs moesten meteen voldoen aan de wet. Zij vormen een niet onaanzienlijk deel van de groep van 106.000 NVs. Het aantal zondaars is verhoudingsgewijs dus nog een stuk groter. In plaats dat de overheid en desnoods het Openbaar Ministerie in actie treedt in het kader van een streng handhavingsbeleid, laat men betijen. Een jaar na de uiterste vervaldag van 30 juni 2001 voldoen 8.000 NVs nog steeds niet aan de wet maar op 30 juni 2001 waren het er nog een flink pak meer. In de maanden na 1 juli 2001 hebben de notarissen nog honderden bijzondere algemene vergaderingen van NVs begeleid in hun kapitaalverhoging. De overheid kan aanvoeren dat het enorm veel werk vraagt om alle NVs die niet in orde zijn met de wet, op te sporen, aan te manen en desnoods tot de naleving van de wet te dwingen. De tijd dat met een simpele druk op de knop alle relevante informatie bij de Balanscentrale van de Nationale Bank wordt aangevraagd en elke zondaar per aangetekende e-mail op zijn overtreding van de wet wordt gewezen, is blijkbaar nog veraf. De informatie is beschikbaar, zowel bij de Balanscentrale als bij gespecialiseerde informatiebedrijven. De overheid beschikt echter niet over de informatiesystemen en het geld om de informatie te verwerven en te behandelen. De weg naar elektronisch bestuur (e-government) dat de overheid toelaat rechtstreeks te communiceren met bedrijven en particulieren, is zowaar nog langer. Het kan natuurlijk ook per brief, maar dat vergt nog meer mensen, middelen en tijd. Men kan zich afvragen of dat allemaal wel relevant is. Het minimumkapitaal van NVs was sinds 1974 niet meer verhoogd. De verdubbeling na ruim twintig jaar van 30.750 tot 61.500 euro volstond niet eens als aanpassing aan de levensduurte. So what? Kan dat een leverancier, schuldeiser of bankier meer zekerheid geven? Een minimumkapitaal van 61.500 euro is sowieso te weinig voor een NV. Als men echter niet streng de hand houdt aan dat minimum minomorum is er een groot verlies aan geloofwaardigheid. Er zijn natuurlijk wel sancties zoals de verplichting voor de bestuurders om het verschil zelf bij te passen. Iedere belanghebbende kan een klacht indienen tegen het in gebreke blijvende bedrijf. Niet enkel met betrekking tot het minimumkapitaal ontbreekt een handhavingsbeleid. Een paar duizend vennootschappen lappen de verplichting om een commissaris te benoemen aan hun laars. Zo zijn er nog veel meer verplichtingen ter bescherming van aandeelhouders, schuldeisers, en andere derden, die niet of nauwelijks gecontroleerd worden. De indiening van de jaarrekening is er zo een van, maar op dit punt hebben bepaalde parketten - maar jammer genoeg niet allemaal - enige ondernemingszin aan de dag gelegd. Strenge regels opleggen maar geen handhavingsbeleid voeren is een slecht sein geven aan het bedrijfsleven. Kris Barrezeele