Advertentie
Advertentie

Te beginnenmet Monteverdi

In de reeks 'Luciano Berio' stelt het Brugse Concertgebouw een cellorecital voor met de Amerikaans-Franse celliste Sonia Wieder-Atherton. In het gezelschap van de cellisten Sarah Lancu en Mathieu Lejeune brengt ze een programma dat ruim vier eeuwen overspant. Het concept, dat Wieder-Atherton in 2001 ontwikkelde, gaf ze de naam 'Au commencement Monteverdi' mee. Zij herwerkte duo's van Monteverdi uit vespers en madrigalen tot duo's voor cello en continuo. Deze confronteert zij met werk van Gyorgy Kurtag, Luciano Berio, Pascal Dusapin en Henri Dutilleux. In se heeft het samenbrengen van muziek uit verschillende tijdsvakken iets problematisch. Het is dan wel hip, maar heeft het een intrinsieke meerwaarde? Vaak gebeurt het samenbrengen van de verschillende idiomen immers vrij lukraak. Vanuit het standpunt van de muzikant ligt dat soms evenwel anders. Zeker de uitvoerders die zich toeleggen op hedendaagse muziek hebben vaak ook nog banden met het oudere repertoire. Het werk dat Wieder-Atherton brengt met orkesten omvat Bach, Boccherini, Couperin, van Beethoven, Bloch, Dvorak, Tsjaikofski maar anderzijds ook Canat de Chizy, Dusapin, Dutilleux, Ligeti, Lutoslawski, Berio enz. In haar repertoire voor kamermuziek treedt de tweede helft van de twintigste eeuw nog meer op de voorgrond. Dit is op zich niet zo vreemd, want pas sinds de late jaren vijftig tonen de componisten weer veel belangstelling voor de cello als solo instrument. Vanuit die hedendaagse werken voelde ze een soort resonantie met Monteverdi toen ze diens duo's studeerde. Vooral de harmonische moderniteit, de verhaalwijze en het gevoel voor drama deden haar een zeker verwantschap voelen. Toch is ook de hier gebrachte recente muziek onderling stilistisch behoorlijk onderscheiden. Een belangrijke band heeft Wieder-Atherton met de Franse toondichter Pascal Dusapin. Zij creeerde diens cello concerto 'Celo', en hij droeg zelfs de cellosolostukken 'Incisa' (1985) en het hier gebrachte 'Invece' (1992) aan haar op. Van hem brengt ze ook nog 'Immer' (1996), voorlopig het laatste werk dat Dusapin aan een solo-instrument wijdde. Het komt uit een reeks van in totaal 14 werken waarvan de titel telkens met een I begint. Een andere, zeer prominente, naoorlogse toondichter die zich toespitste op werken voor soloinstrument is de in mei overleden Italiaan Luciano Berio. Deze reeks, die hij de naam Sequenza gaf, werd vorig jaar besloten, na een onderbreking van bijna 15 jaar, met een stuk voor cello solo. Het is enigszins jammer dat dit werk niet als postume hommage op het programma staat. Wieder-Atherton brengt 'Les mots sont alles_' (1979), een recitatief dat Berio schreef ter gelegenheid van de tachtigste verjaardag van de beroemde Zwitserse dirigent en voorvechter van twintigste eeuwse muziek Paul Sacher (1906-1999). Dit werk vindt uiteraard aansluiting bij de ontwikkeling van de Sequenza-reeks. Net zoals Berio en Dusapin schreef ook Henri Dutilleux vaak zijn werken met een bepaalde uitvoerder in gedachten. Zo was het Paul Sacher die Dutilleux de opdracht gaf voor 'Mystere de l'instant' wat meteen de inspiratie vormde voor 'Trois strophes sur le nom de Sacher'. Stilistisch is Dutilleux sinds de jaren vijftig niet zo sterk geevolueerd, maar dit werk bracht wel een nieuwe techniek binnen in zijn werk, namelijk het gebruik van citaten, hier uit Bartoks 'Muziek voor strijkers, percussie en celesta'. Van Gyorgy Kurtag staat 'Pilinszky Janos, Gerard de Nerval op 5b' op het programma. Zoals zeer vaak baseert hij zich hier op historische figuren en hun teksten. Muzikaal laat Kurtag zich wat van zijn speelse en luchtige kant zien, zoals we dat kennen van zijn reeks voor piano 'Jatekok'. Peter-Paul DE TEMMERMAN Sonia Wieder_Atherton, Sarah Lancu en Mathieu Lejeune brengen werk van Monteverdi, Kurtag, Berio, Dusapin en Dutilleux op 4/9 om 20 uur in de kamermuziekzaal van het Concertgebouw, 't Zand 34 te Brugge. Kaarten en inlichtingen: 050/476.999 of www.concertgebouw.be. De cd 'Au commencement Monteverdi' is uitgebracht bij RCA/Victor-BG (met Nathalia Shakovskaia).