Telecomproducenten als perfecte crisismanagers

Alcatel en Ericsson maakten voor het eerste kwartaal een omzetdaling op jaarbasis bekend van resp. 30 en 31 procent. Beide producenten van telecomapparatuur stelden de marktverwachtingen voor 2003 neerwaarts bij. De markten van vaste en mobiele apparatuur kunnen met meer dan 15 en 10 procent dalen. Toch zitten de aandelen in de lift omdat de producenten zich als goede crisismanagers opstellen. Om de resultaten te verbeteren in een sterk dalende markt, verlagen de telecomproducenten het werkkapitaal, verkopen ze niet-kernactiva en snijden ze in het personeel. Bij Alcatel verminderde het aantal personeelsleden van 119.000 eind 2000 tot 76.000 (min 36 procent) nu. Tegen het einde van het jaar blijven er nog 60.000 werknemers over. De personeelsreductie bij Ericsson is gelijkaardig: van 107.000 personeelsleden begin 2001 tot 61.000 nu, en een doelstelling van 54.000 tegen eind dit jaar. Ericsson boekte een beter dan verwachte brutomarge van 34,1 procent, wat resulteerde in een hoger dan verwachte kasstroom voor financieringsuitgaven van 0,7 miljard Zweedse kronen. Ericsson verwacht in 2003 weer een courante winst te boeken. Bij Alcatel lag de brutomarge op een beter dan verwachte 29,7 procent. Alcatel heeft een nettokaspositie die in het eerste kwartaal toenam tot 514 miljoen euro. Het verwacht voor het einde van het jaar een winst te boeken, zij het zonder rekening te houden met afschrijvingen op goodwill en uitzonderlijke items. Vooral Ericsson veerde sterk op. Dit komt door de bijkomende herstructureringen die het bedrijf doorvoert. Ericsson heeft nu reeds beslist om tegen eind 2004 5.000 bijkomende banen te schrappen. Daarmee erkent Ericsson niet snel een stabiele markt te verwachten. Speculeren op een stabiele telecommarkt in 2004 of 2005 via Ericsson blijft gevaarlijk. Komt die er niet, dan is een nieuwe liquiditeitscrisis niet uit te sluiten. Dat is geenszins het geval voor Siemens. Het elektrotechnisch concern boekte mooie resultaten over het tweede kwartaal dat eind maart werd afgesloten. De industriele afdelingen van Siemens compenseerden de verliezen in de telecomdivisies. De componentendivisie voor de automobielsector slaagde erin een turnaround te realiseren terwijl ook de stroomdivisie beter dan verwacht presteerde. De groepswinst kwam met 568 miljoen euro boven de verwachtingen uit, de organische omzetkrimp bleef beperkt tot 5 procent. De divisies mobiele en vaste netwerken wegen op de winstmarge van Siemens. IC Networks boekte in het eerste kwartaal een verlies van 147 miljoen euro. Siemens plant een herstructurering in de tweede jaarhelft voor 150 miljoen euro. De gsm-divisie boekte een licht positief resultaat. Siemens verkocht 8 miljoen gsm's in het tweede kwartaal, iets minder dan vorig jaar. Een stabilisatie van de telecommarkt, maar vooral een herstel van de economie, kan de huidige bedrijfswinstmarge van 6 procent fors opdrijven. Blijft die uit, dan beschikt Siemens in vergelijking met Alcatel en Ericsson over een groter vangnet door de nettokaspositie van 1,4 miljard euro en het gediversifieerde activiteitenpalet. De aangekondigde overname van de gasturbinedivisie van Alstom bewijst bovendien dat Siemens van slechte tijden gebruik kan maken om het marktaandeel op te drijven. CDR