Terug naar mijn schoolgaande jeugd

Als de 48-jarige Hiroshi Nakahara vanuit Kyoto de trein terug meent te nemen naar Tokio, komt hij tot zijn verbazing in zijn geboortedorp Kurayoshi terecht. Daar gaat hij het graf van zijn moeder opzoeken, die zeer jong gestorven is. Op het kerkhof voltrekt zich een vreemde metamorfose. Plots is Hiroshi fysiek opnieuw het 14-jarige jongetje geworden van toen hij nog college liep. Het is een droom, denkt Hiroshi, waaruit ik straks zal ontwaken. Maar wakker wordt hij niet. Integendeel, hij is een man geworden met de kennis en de bagage van een 48-jarige, maar geincarneerd in een opgroeiende puber. Van dan af krijgt Hiroshi een andere kijk op de dingen en beslist hij zijn leven te herleven. Misschien kan hij op die manier wel de toekomst veranderen. Want als er een ding is dat hij zich nog levendig herinnert, is het wel dat zijn vader hem op zijn veertiende heeft verlaten. Waarom? En kan Hiroshi dit ongedaan maken? Dat is in het kort de thematiek van 'Quartier Lointain' van de Japanse Jiro Taniguchi, die op het recente Internationale Stripfestival van Angouleme werd bekroond met de prijs van het beste scenario. Wie Japanse manga's nog steeds associeert met een overvloed aan seks en geweld, wordt door deze strip beslist op andere gedachten gebracht. 'Quartier Lointain' is een introspectieve beeldroman, waarbij heden en verleden aan elkaar worden getoetst, terwijl de confrontatie van iemand die eigenlijk de toekomst al kent met een onwetende omgeving tot verrassingen leidt. En dan hebben we het niet alleen over aandoenlijke emoties, maar ook over komische effecten, als Hiroshi bijvoorbeeld bij zijn vriend Daisuke onmiddellijk de verborgen fles whisky weet te vinden om zich dan prompt krankjorum te drinken en allerlei toekomstvoorspellingen te doen. Het tekenwerk van Taniguchi straalt liefde uit voor zijn onderwerp: het is teder, sober en soms poetisch. Alweer een must. Ook Japans maar van een heel andere natuur is 'Astroboy' van wijlen Osamu Tezuka. In zekere zin is het zesde en laatst verschenen deel in deze serie rond een verweesd robotjongetje eveneens een terugkeer naar vroeger, want in rare omstandigheden belandt ons toekomstmannetje uit 2017 in 1969, de tijd van de Vietnamoorlog. Opvallend is de aanwezigheid van bijna filosofische vragen - genre: zal de mens ongelukkiger worden door het gebruik van robots? - en van diepmenselijke gevoelens die hier naar een compleet fictief robotwereldje worden vertaald. Zo is er bijvoorbeeld de oude professor Carpon, ongetrouwd en kinderloos, die maar geen afscheid kan nemen van zijn robot Barrow omdat hij hem als zijn eigen kind beschouwt. Hij leert Barrow, die het brein en de ziel heeft van een tweejarige, trouwens 'papa' zeggen. En dat is niet het enige merkwaardige aan 'Astroboy'. De fantasie van Tezuka is bepaald grenzeloos te noemen: een sprinkhaanachtig vrouwtje van een vreemde planeet, dat naar de aardse bergen trekt om daar volkomen alleen in de ongerepte natuur te kunnen leven; een nationale bedelaarsvereniging; een robotje dat een Vietnamees dorpje van de ondergang probeert te redden door de Amerikaanse bommenwerpers tegen elkaar op te laten vliegen. Indertijd moet dit controversieel geweest zijn. Het is jammer dat de Standaard Uitgeverij de episodes niet dateert en er weinig uitleg bij geeft, tenzij dan dat je deze manga, zoals alle Japanse strips, achterstevoren dient te lezen. Jiro Taniguchi. Quartier Lointain 1, uitg.Casterman. Bestaat alleen in het Frans. Binnenkort verschijnt deel 2. Taniguchi is voor de trilogie 'Le Journal de mon pere' (Casterman) genomineerd voor de Keizer Karelprijs voor het maatschappelijk relevantste album, van het familiestripfestival van Ganshoren dat plaatsvindt op 18 mei voor de Basiliek van Koekelberg - www.stripfestival.be Osamu Tezuka. Astroboy 6, Standaard Uitgeverij Mooi en meedogenloos 'Ik ben Honnoh. Vanuit de diepte der rivier heeft een naakte man mijn hoofd gesmeed op een aambeeld van gras.' In deze lyrische bewoordingen richt de 'priester' die contact houdt met de 'geest van de steppen' zich tot zijn volgelingen. In dit geval zijn dat Aromm en Nilb, de knappe zonen van respectievelijk Taliz en Setaq. Beiden hebben zich verbonden als bloedbroeders in de grot van de oude beer 'Driepoot'. Hun innige vriendschap wordt echter bedreigd door een eed die Aromm heeft gezworen: hij zal ooit de vader van Nilb vermoorden omdat die zijn moeder, de mooie Gida, 'het meisje der vlammen', de dood heeft ingejaagd. Hiermee is de toon gezet van 'Aromm', het nieuwste product van het duo Zentner-Pellejero, dat ooit met de avonturiersstrip 'Dieter Lumpen' probeerde te scoren. 'Aromm' is een episch verhaal geworden over stamleiders, moed en lafheid en hoe de goden geven en nemen. Tekenaar Pellejero, die een tijdje geleden voor Dupuis het eerder zachtmoedige album 'Blauwe rook' tekende in de volwassenenreeks 'Vrije Vlucht', toont zich hier van zijn ruwere kant: de tekeningen lijken met hun dik aangezette contouren wel geetst op de bladspiegel en de hoofdzakelijk primaire kleuren benadrukken het primitieve karakter van deze nieuwe strip. Van dezelfde Zentner is het enkel in het Frans verschenen 'Pampa', dit keer getekend door de virtuoze Argentijn Carlos Nine. Nog meer dan 'Aromm' is dit een lyrische, soms zelfs tamelijk hermetische tekst over de bloedige geschiedenis van Argentinie en zijn gaucho's, de lokale versie van de Amerikaanse cowboy, die te paard over de uitgestrekte pampa zwerven. Wraak volgt hier op weerwraak: van de Indiaan op de gaucho, van de soldaat op de Indiaan, van de zonen van de soldaat op elkaar. Telkens speelt de kosmos - de dieren, de maan, de bomen - een prominente rol. Vooral de prachtige pasteltekeningen van Nine, waarbij de korrel van het tekenpapier zichtbaar wordt, maken van deze strip een feest voor het oog. Alleen kan ik me niet van de indruk ontdoen dat bij het afdrukken een deel van de oorspronkelijke kwaliteit is verloren gegaan. Violette, een bloedmooie, onafhankelijke vrouw met wilde haren, is vergroeid met de bossen en de natuur waarin ze ronddartelt. Ze wordt dan ook 'Bosliefje' genoemd en iedere man, van adel of boerenafkomst, begeert haar. Vier zwart-witverhalen tekende de Waalse auteur Jean-Claude Servais rond haar persoontje, op scenario van Gerard Dewamme. Ze zijn inmiddels allemaal in kleur heruitgegeven. Het vijfde, 'Lucye', schreef Servais nu zelf en het valt tegen. 'Lucye' is een erg oppervlakkig verhaaltje over hoe Violette behekst is geraakt door een oude, stervende man wiens liefde indertijd werd afgewezen. Ondertussen is een van de zonen van de grijsaard, Damien, tot ongenoegen van zijn beide broers, de nieuwe vlam geworden van Violette. De sfeer van dit 'Bosliefje' doet een beetje denken aan de vertellingen van de 19de-eeuwse Franse schrijver Guy de Maupassant, waarin bijgeloof, jaloezie en sociale ongelijkheid dikwijls de thema's zijn. Maar bij Servais heeft het allemaal letterlijk en figuurlijk weinig om het lijf. Zijn Bosliefje laat hij wat naakt door het gras struinen, plezier maken in het cafe, diverse mannen het hoofd op hol brengen en aan een (ingebeelde?) heksensabbat deelnemen. Het is Lucye, de helpende heks, die uiteindelijk de kwellende betovering verbreekt. 'Isabelle' is een al even naief-romantisch ding over de onmogelijke liefde tussen troubadour Quintijn en de adellijke Isabel van Linnieres. Als deze laatste uitgehuwelijkt wordt, vlucht ze nog dezelfde dag van haar kasteel weg; ze verdrinkt in het Zwarte Meer, waar ze opgenomen wordt in de elfenwereld. Het is daar dat Quintijn zich bij Isabel zal voegen, maar hij bedriegt haar even later met de zogenaamde 'Fee', een bloemenkind dat zo uit de jaren zestig lijkt weggelopen _ Kortom, een draak! Wat te denken van 'Mozes', het eerste album in een nieuwe reeks 'mysterieuze verhalen' van de Standaard Uitgeverij? Het is misschien eens iets anders, maar het komt toch onmiskenbaar uit de Standaard-stal. Jeff Broeckx levert de tamme tekeningen en ene Ingrid van Dijck stond in voor het onsamenhangende, klef-sentimentele scenario waarin een klein meisje, dat weigert te spreken, verslingerd raakt aan de lelijke, enorme, genetisch gemanipuleerde hond Mozes. En op het einde spreekt het meisje weer, dat spreekt vanzelf. Aan een 'Jeremiah' kan je je niet mispakken en dat geldt ook voor het nu al 24ste album, 'De Laatste Diamant'. Zoals steeds bouwt auteur Hermann zijn verhaal op in korte episodes, waarbij de lezer telkens iets meer te weten komt over de exacte toedracht, al valt er hier maar weinig te achterhalen. In het bekrompen stadje Langton is Glenn een geisoleerde politieman omdat hij getrouwd is met een Mexicaanse. Na de moord op een oud vrouwtje vindt Glenn in de handen van het gewurgde slachtoffer een kettinkje dat aan zijn misdadige broer Jef toebehoort. Hoewel we al vanaf pagina 16 van de strip weten dat Jef en zijn bende de ware moordenaars zijn, toch houdt Hermann ons in zijn ban met onaangename verrassingen en enkele, vooral komische randverhaaltjes rond de amoureuze esbattementen van Jeremiahs vriend Kurdy. Een nog steeds geslaagd, zij het iets te weinig gelaagd album in deze reeks. Rik PAREIT Pellejero & Zentner. Aromm 1. Nomad Destiny, uitg.Casterman Jorge Zentner/Carlos Nine. Pampa 1. Lune de Sang, uitg.Dargaud Servais. Bosliefje 5. Lucye, uitg.Casterman Servais. Isabelle, in de serie 'Spotlight' van uitg.Dupuis Jeff Broeckx/Ingrid Van Dijck. Mysterieuze verhalen 1. Mozes, Standaard Uitgeverij Hermann. Jeremiah 24. De Laatste Diamant, in de serie 'Spotlight' van uitg.Dupuis. Nog tot 18 mei loopt in het Belgisch Centrum van het Beeldverhaal in de Zandstraat in Brussel een tentoonstelling rond de getalenteerde Hermann, met het accent op zijn grafische ontwikkeling.