The Pianist

Het laatste waarover Adrien Brody mag klagen, is het gehalte van de regisseurs met wie hij in zijn nog prille carrière heeft mogen werken. Ter illustratie: Brody zit pas een jaar of tien in het vak maar dook wel al op in films van Steven Soderbergh (King of the Hill), Ken Loach (Bread and Roses), Spike Lee (Summer of Sam), Barry Levinson (Liberty Heights) en Francis Ford Coppola (het middelste segment uit New York Stories). De legendarische Terrence Malick draaide de afgelopen 20 jaar welgeteld één film (The Thin Red Line), en daar zat de acteur ook al in. Maar Brody mag zich niet voor niets één van de vaandeldragers van de nieuwe generatie Amerikaanse acteurs noemen. Met zijn pezige lijf drukt hij de personages aan wie hij gestalte geeft stevig op het scherm, zelfs als de film op zich niet zoveel voorstelt. Dat was bijvoorbeeld zo in Ken Loach Bread and Roses en dat is eigenlijk ook zo in Roman Polanskis The Pianist. De film sleepte enkele maanden geleden op het festival van Cannes wel de Gouden Palm in de wacht, meer dan een vakkundig ingeblikt Holocaust-verhaal is het niet. Wat met een genie als Polanski achter de camera onvermijdelijk naar veel te weinig smaakt. Als The Pianist toch een zekere kracht uitstraalt, dan zit Adrien Brody daar voor veel tussen. Zijn hoofdvertolking als de Pools-joodse pianospeler Wladyslaw Szpilman die tijdens de Tweede Wereldoorlog tot het uiterste gaat om aan de jodenvervolging te ontsnappen, is van een zelden geziene intensiteit.Heb je zelf muzikale ervaring?Adrien Brody: Ja, maar lang niet van die aard dat ik moeiteloos Chopin kon spelen. Veel te ingewikkeld en te moeilijk. Daar heb ik keihard aan moeten werken. Ik ben niet klassiek getraind. Ik schrijf zelf muziek en meestal gebruik ik daarvoor een keyboard waar ik alle instrumenten op bespeel. Van de drums tot de snaarakkoorden. Ik heb dus gelukkig wel de gewoonte om een klavier te betokkelen. Maar noten lezen is niet aan mij besteed.Hoe belangrijk was muziek voor je personage?Brody: Het was zijn leven, zijn ware liefde. Weet je, muziek is zon universeel krachtige taal. Ik heb maar stukjes van die composities moeten spelen, maar het was genoeg om te voelen hoe die muziek op een bepaald moment met je begint te praten, hoe je je verbonden gaat voelen met die melodieën. Die muziek gaat een heel eigen leven leiden. Ik ben heel blij dat ik het heb mogen meemaken.Szpilmans verhaal is bijna mirakuleus. Hoe heeft hij die ontbering en angst zo lang uitgehouden?Brody: Met heel veel geluk. Het heeft een paar keer maar een haar gescheeld of hij werd opgepakt. De film toont vooral zijn enorme overlevingsdrang. Zonder die wil had hij het nooit zo lang volgehouden. Hij bleef maar vechten en zich vastklampen aan de weinige strohalmen die hij kon grijpen. Het interessante is dat niemand kan zeggen hoeveel van die kracht hij bezit tot hij gedwongen wordt om er een beroep op te doen. Roman Polanski heeft ook zon onwrikbare wil.The Pianist is een heel persoonlijk verhaal voor Polanski, die zelf in het getto van Warschau gezeten heeft. Wat heeft hij je over die periode verteld?Brody: Heel veel. Ik ga liever niet in detail over die gesprekken, want ze zijn privé. Maar hij heeft me heel veel inzicht bezorgd over hoe het was om in die barre omstandigheden te moeten leven. Hij heeft me enorm geholpen om te begrijpen wat voor gevoelens mijn personage ervaart. Ik denk niet dat een andere regisseur me zo goed had kunnen begeleiden. Niet alleen door zijn verleden, maar ook door die gelijkenissen tussen hem en Szpilman. Na alles wat hij meegemaakt heeft, bezit Roman nog steeds die ongelooflijke vreugde en geestdrift en kracht.Was het moeilijk om na elke draaidag dat personage van je af te schudden?Brody: Het was onmogelijk. Ik speelde Szpilman niet meer, ik leefde hem. Ik ging enkel terug naar mijn hotel om te slapen en de volgende morgen stond ik alweer op de set. Het was de meest intense acteerervaring die ik ooit heb gehad. Maar het loonde de moeite. Ik ben heel trots op deze film. Roman is één van de grootsten.Maar dat weet je pas achteraf. Waarom had je het ervoor over om fysiek en emotioneel tot het uiterste te gaan?Brody: Omdat ik me heel nauw verbonden voelde met dat personage. Door me fysiek uit te putten, was het alsof ik zelf transformeerde. Ook al omdat ik mezelf zoveel mogelijk isoleerde van de andere acteurs. Mijn personage verbergt zich gedurende het grootste deel van de film en dat wou ik zelf ervaren. The Pianist heeft mijn eigen leven in een heel nieuw perspectief geplaatst. Ik acht mezelf nu veel fortuinlijker dan voordien en ik heb nu veel meer medeleven voor mensen die lijden. En voor wat de slachtoffers van de Holocaust doorstaan hebben. Het is heel moeilijk om lijden op zon grote schaal te vatten. Maar als je eenmaal een inzicht hebt in de ellende van één enkeling, wordt het hele verhaal veel duidelijker.Je lijkt een speciale voorliefde te hebben voor personages in moeilijke omstandigheden, van de belaagde punker in Summer of Sam over de oorlogsfotograaf uit Harrisons Flowers tot deze rol. Wat trekt je daar zo in aan?Brody: Ik voel me aangetrokken tot verhalen met een sociale relevantie. Goed drama komt vaak van themas waar je liever niet over nadenkt. Als mensen moeten vechten, fascineert me dat en wil ik er meer over te weten komen. Ik hou van de intensiteit van die verhalen. Een rol spelen in een commerciële film kan heel plezierig of interessant zijn, maar het mooiste is als je een publiek kan ontroeren. Ik voel me niet geroepen om het publiek telkens een geweten te schoppen, maar ik vind het prachtig om mensen te confronteren met iets wat ze niet begrijpen. Omdat ik weet dat ik het voordien ook niet begreep en wat dat nieuwe inzicht mij heeft opgeleverd. RNThe Pianist komt volgende week in de zalen. Op 20/9 komt Roman Polanski zijn film persoonlijk inleiden in de Grote Zaal Henry Leboeuf van het Paleis voor Schone Kunsten. Meer info: 02/507.83.70 of www.filmarchief.be.