Advertentie
Advertentie

Tien maanden touwtrekken om luxewarenconcern Gucci

(tijd) - Vandaag beslist de Amsterdamse rechtbank wie aan de haal gaat met het Italiaanse modehuis Gucci: LVMH, 's werelds grootste verzamelaar van chique merken, of PPR, de eigenaar van de warenhuisketens als Fnac en Au Printemps. Tenzij de rechter in een creatieve bui iets totaal onverwachts besluit. De overnamestrijd om het Italiaanse modehuis Gucci houdt de Europese haute finance en modewereld al maandenlang in de ban. Het getouwtrek om Gucci is uitgegroeid tot een soap, die moeiteloos kan concurreren met Mooi en Meedogenloos. James Lieber, directeur van LVMH, zal zijn ontbijt op 19 maart in het Amsterdamse Krasnapolsky niet gauw vergeten. Toen Lieber nog een laatste keer zijn voorbereidingen voor de onderhandelingen met de vertegenwoordigers van het Italiaanse modeconcern Gucci overliep, rinkelde de telefoon. LVMH-topman Bernard Arnault liet zijn plaatselijk gezant weten dat de bruid er met een ander vandoor was. Gucci had een 'witte ridder' gevonden die bereid was 2,9 miljard dollar in Gucci te investeren in ruil voor 39 miljoen nieuwe aandelen of 40 procent van de aandelen: het Franse detailhandelsconcern Pinault-Printemps-La Redoute (PPR). Het voorval is een van de vele coups-de-théâtre die de strijd om Gucci kenmerken. Een bikkelhard gevecht waarbij geen van de chique partijen ervoor terugdienst om met modder te gooien en elkaar uit te schelden voor fascist. Botsende ego's, het gejongleer met miljarden en overnacht uitgedachte juridische constructies zorgen ervoor dat het gevecht om Gucci een van de meest opzienbarende vijandige overnames van de jongste jaren aan het worden is.