Top mislukt, blik vooruit

Om te kijken hoe het verder moet na de top in Johannesburg, moeten we eerst de balans opmaken. Als NGO-lid van de delegatie van de Europese Unie heb ik zelf tien dagen de onderhandelingen meegemaakt van het Plan van Implementatie, het belangrijkste document van de top. Ik stelde met collegas van niet-gouvernementele organisaties (NGOs) (betere) alternatieven voor. We evalueerden de ontwikkeling daarvan dagelijks met een groep van NGO-vertegenwoordigers uit Noord en Zuid. Bovendien plaatsten we de voortgang op ons werkterrein elke dag in een bredere context in de bijeenkomsten van de deelnemers van de Eco Equity Coalitie, een uniek samenwerkingsverband van de meeste mondiale milieu- en ontwikkelingsorganisaties, Greenpeace, WWF, Friends of the Earth/Milieudefensie, Oxfam/Novib, Consumers International en mijn netwerk van 50 Europese ontwikkelingsorganisaties, Eurodad. Mèt veel van deze collegas, moet ik jammer genoeg vaststellen dat de top, 10 jaar na Rio, mislukt is. Te veel damage control. De mooie woorden van Johannesburg zijn niet in staat de vele vage beloften, het ontbreken van concrete doelen en tijdpaden te verhullen. De paar (op zich belangrijke) lichtpunten op het gebied van sanitaire voorzieningen, chemicaliën, overbevissing en maatschappelijk verantwoord ondernemen kunnen die indruk van mislukking niet wegnemen. Bij wie ligt de schuld? Allereerst bij de VS, met hun systematische obstructie, daarin vaak gesteund door de zogenaamde Juscanz-groep (Japan, VS, Canada, Australië, Nieuw Zeeland). Voorts bij de wankelmoedigheid en gebrek aan prioriteitsstelling van de EU en de interne verdeeldheid van de G7/China. Er werd koehandel bedreven tussen de twee grote machtsblokken, VS en EU, resulterend in ruilhandel van doelen en prioriteiten ten koste van natuur en milieu, duurzame ontwikkeling en bestrijding van armoede. Want die zijn het slachtoffer van deze top. Laat de winnaar eerst spreken, zei een vertegenwoordiger van de Wereldhandelsorganisatie (WHO) toen hij als eerste het woord kreeg in een paneldiscussie. Hij stelde terecht vast dat de WHO en haar agenda voor verdere liberalisering van de wereldhandel had gewonnen. Het was onze hoop dat Johannesburg de beginselen van Rio zou aanscherpen door het primaat van duurzame ontwikkeling, achteruitgang van het milieu en armoedebestrijding vast te leggen in een nieuw kader voor internationale handel en mondiale geldstromen. Het tegenovergestelde is gebeurd. De hoofdrol van de WHO en verdere opening van markten weerklinkt op vele plaatsen in de tekst. Terwijl afbouw van subsidies vaag is geformuleerd: hervorming, geen afschaffing en geen jaartal. Dat betekent dat ook arme landen hun markten verder moeten openen voor Westerse ondernemingen en hun producten, terwijl subsidies op veel van deze producten pas op termijn worden afgeschaft. De VS hebben met hun Farm Bill de agrarische subsidies tot ongekende hoogte opgevoerd. De EU zit op dit punt vast door de oppositie van Frankrijk, Ierland en Zuid-Europa. De concurrentiepositie van ontwikkelingslanden zal daardoor de eerstkomende jaren verder verslechteren, met alle gevolgen voor armoede en niet-duurzame ontwikkeling nadien.De onbetaalbare schulden van de armste landen werden op deze top nauwelijks besproken, terwijl er de kans was de bepaling van een duurzaam schuldenniveau (debt sustainability) te herformuleren in termen van doelstellingen voor menselijke en duurzame ontwikkeling. De VN-conferentie van Monterrey begin dit jaar had de eerste stap daartoe gedaan, door dit begrip in te vullen met de Millennium Ontwikkelingsdoelstellingen (MDGs), ter halvering van de armoede in 2015. Hier had die lijn kunnen worden doorgetrokken door daaraan doelen voor verantwoord grondstoffenbeheer en milieu toe te voegen. In plaats daarvan is er een terugval naar de situatie van voor Monterrey. Nu bepalen IMF en Wereldbank een duurzaam schuldenniveau van een land aan de hand van het vermogen tot schuldaflossing uit exportinkomsten te betalen. Dat leidt tot dwang van het IMF om zoveel mogelijk te exporteren, en dat weer tot overuitputting van grondstoffen.Is er een weg vooruit na Johannesburg? Eerst en vooral moet de mondiale NGO-coalitie (die er tijdens Rio al even was maar erna uiteenviel) effectieve druk en monitoring organiseren om de Rio- en Johannesburg-doelstellingen alsnog te halen. In de tweede plaats heeft de EU een Coalitie van Goedwillenden (Coalition of the Willing) gesloten met een groep ontwikkelingslanden onder leiding van Brazilië om doelstellingen voor energie met elkaar te bereiken.Tenslotte, zullen we met een groep sterke NGOs over enkele weken in Washington praten over de revitalisering van de internationale schuldencampagne, met het oog op de armste landen. We dagen de EU, Commissie en lidstaten uit met ons de stappen van damage control naar werkelijk duurzame ontwikkeling en armoedebestrijding te doen.Ted VAN HEES, de auteur is coördinator Eurodad in Brussel, waarin 50 EU-ontwikkelingsorganisaties samenwerken en als NGO-lid adviseur van de EU-delegatie in Johannesburg.