UitverkochtPierre Huylenbroeck

De voorbije week was macro-economisch uitermate somber. In de VS bleek zowel het consumenten- als het ondernemersvertrouwen in juli verrassend fors teruggevallen, de aankoopdirecteuren werden extra voorzichtig, de bouwuitgaven daalden, de werkgelegenheid viel tegen en het verwachte economische herstel loopt vertraging op. Het Europese plaatje is vergelijkbaar. Bovendien herhaalde een hele reeks financiële instellingen (Allianz, BNP Paribas, Barclays, Société Générale, Lloyds TSB,...) hoe de gure marktomstandigheden hun winstgevendheid ondermijnen.De financiële markten reageerden deze keer niet negatief op al die zwartgallige berichten. Op weekbasis verloren de beurzen nauwelijks terrein. Dit suggereert alvast één hoopgevende gevolgtrekking: de beleggers lijken stilaan uitverkocht. Met het daaruit volgend logische besluit: de bodem is bereikt. De erg zwakke Amerikaanse indicatoren die vrijdagnamiddag werden gepubliceerd, zorgen mogelijk voor een laatste paniekronde, maar nadien wenkt het herstel.De vlotte vertering van slecht beursnieuws is slechts een van de vele signalen die de hoop op beterschap voeden. De erg aantrekkelijke waarderingen van de meerderheid der aandelen en beursindexen is er nog een. Er zijn voorts de lage rente en de bereidheid van de monetaire en politieke overheden om de nog zwakke economieën een gul handje te helpen.Het is overigens niet meer dan normaal dat de beurs deze week mild reageerde op de negatieve economische cijfers. De onheilsbode is al maandenlang micro-economisch erg actief. Het zou dus naïef zijn te denken dat er macro-economisch nauwelijks problemen zijn. De beurs hield daar voordien al rekening mee en hoeft dus niet nog eens afgestraft te worden.In de voorbije weken hield ze bovendien rekening met de slechtst denkbare scenarios: bedrijfsleiders, zakenbankiers en analisten zijn allemaal oplichters en geen enkel cijfer is nog te vertrouwen; een golf van verplichte verkopen in dalende markten leidt tot een cascade van kapseizende financiële instellingen en de uiteindelijke implosie van het financiële systeem. Geen van beide scenarios is realistisch. De vrees voor een systeemrisico duikt zowat om de vier jaar op en blijkt steeds ongegrond. Dat risico is sinds de LTCM-crisis van 1998 overigens gedaald, mede omdat banken hun marktrisicos vlotter doorsluizen naar institutionele en, bijvoorbeeld via reverse convertibles, particuliere beleggers. En de boekhoudschandalen zijn en blijven beperkt, ook al geeft de brede mediabelangstelling voor de heksenjacht naar fraudeurs inderdaad de indruk dat zowat iedereen boter op het hoofd heeft.De beleggers lijken een en ander stilaan te beseffen. De uitverkoop loopt naar zijn einde. De koopjesjacht kan beginnen.