Advertentie
Advertentie

Waarheen met Cyprus?

Aardbevingen betekenen soms meer dan verwoestingen. In de 1ste eeuw na Christus deden ze het geloof van de Cyprioten in de mythologische Griekse goden wankelen en baanden ze de weg voor het Christendom. In 1999 verbrijzelden de aardbevingen in Turkije en Griekenland er eeuwenoude vetes en hebben ze een voorzichtige toenadering tussen beide landen op gang gebracht.De naschok was nog indringender. De Europese Raad besloot in december 1999 dat Turkije, een land van 65 miljoen hoofdzakelijk musulmaanse inwoners, de status van een kandidaat-lidstaat voor de Europese Unie zou worden verleend. In ruil voor deze toegeving bekwam Griekenland dat de weg van Cyprus, met een bevolking van 550.000 Grieks- en 200.000 Turks-Cyprioten, tot de Europese Unie niet langer versperd zou blijven door de voorwaarde van een politieke regeling tussen de twee gemeenschappen.Deze gedurfde beslissing werd genomen tegen de achtergrond van een nieuwe impuls in de VN-onderhandelingen. Veiligheidsraadresolutie 1250 voorzag erin dat onderhandelingen zonder enige voorafgaande voorwaarden zouden van start gaan. Een akkoord zou pas bezegeld worden wanneer een akkoord over alle materies bereikt werd.De proximity talks betroffen voor het eerst de grond van de zaak: restitutie van eigendom en territoria. Ze kregen echter een abrupt einde in november 2000, nadat secretaris-generaal Kofi Annan zijn opvattingen over een toekomstige regeling - een federale staat met twee zeer autonome deelstaten - had uiteengezet. De leider van de Turks-Cypriotische gemeenschap, Raouf Denktash, eiste immers een confederale staat bestaande uit twee soevereine staten omdat - zo vreest hij - de Grieks-Cyprioten na een toetreding tot de EU onder het banier van de klassieke vier vrijheden die de grondslag zijn van de EU (vrij verkeer van personen, goederen, kapitaal en diensten) het Turks-Cypriotisch deel van het eiland stormenderhand zouden innemen.De Grieks-Cyprioten geven de voorkeur aan een federale staat waarbij hen een Belgisch model voor ogen staat, met dit verschil dat de deelstaten geen bevoegdheid zouden hebben inzake buitenlands beleid maar wel inzake justitie en politie.Inmiddels verliepen de onderhandelingen tussen Cyprus en de Europese Commissie met een verbluffende spoed. Het staat nu reeds vast dat in de loop van 2002 de vraag acuut wordt of een verdeeld eiland - indien tegen dan geen politieke regeling werd gevonden - tot de Europese Unie kan toetreden. In principe heeft de Europese Raad reeds een antwoord gegeven. Een politieke regeling zou een toetreding vergemakkelijken, maar indien die mocht uitblijven is dat niet langer een voorwaarde.Zal de Raad, in extremis, toch de voorkeur geven aan een herenigd eiland Cyprus en een politieke regeling afwachten? De twee gemeenschappen op het eiland zijn immers sedert de coup van de Griekse kolonels in 1974 en de daaropvolgende invasie door het Turkse leger, steeds verder uit elkaar gegroeid. De Turks-Cypriotische gemeenschap verschanst zich achter een groene lijn en wordt hoofdzakelijk door Turkse subsidies instandgehouden. Hun leider, Rauf Denktash, richtte er in 1984 een ministaat op die alleen door Turkije wordt erkend. Problematisch is dat nagenoeg de helft van de 200.000 Turks-Cypriotische inwoners het land heeft verlaten en vervangen werd door Turkse immigranten die geen enkele voeling hebben met de eigenheid van het eiland. Een oplossing waarbij de 37-jarige scheiding zal worden omgebogen in een bizonale staat met twee gemeenschappen zal ook voor deze eilandbewoners moeten gelden en Turkije genoegdoening schenken. De Turkse premier Ecevit verklaart regelmatig dat een toetreding van Cyprus tot de EU zonder globale regeling een rechtstreekse aanleiding zal zijn tot een annexatie van Noord-Cyprus en een mogelijk Turks militair conflict. De Cypruskwestie is voor Turkije meer dan een constitutioneel probleem. Het gaat om niets minder dan de stabiliteit in de oostelijke Middellandse Zee, het evenwicht tussen Griekenland en Turkije.Het Griekse parlement heeft reeds laten weten dat, indien Cyprus niet in de eerst volgende uitbreidingsgolf wordt opgenomen, het ook bij de uitbreiding van Oost-Europese landen een veto zal stellen.Het Belgisch standpunt sluit uiteraard aan bij de resoluties van de VN en de oprichting van een bizonale staat met twee gemeenschappen. Als er geen globale regeling komt, zal België zich waarschijnlijk niet verzetten tegen een toetreding van Cyprus. Wat is nu mijn standpunt? Een echte regeling zal nooit kunnen gevonden worden zolang Turkse troepen het noordelijke gedeelte van het eiland blijven bezetten en het herstel van een wederzijds vertrouwen onmogelijk maken. Ik meen eveneens dat een onderhandeling over de beëindiging van het Britse koloniale tijdperk op Cyprus door een wijziging van de status van de soevereine Britse basissen, een belangrijke bijdrage zou kunnen leveren tot het militair strategisch evenwicht tussen Griekenland en Turkije. De rol van de VN heeft helaas nog geen oplossing gebracht en het komt de EU toe orde op zaken te stellen in een Europees land, Cyprus. Robert SENELLE De auteur is professor emeritus van de Universiteit Gent