Advertentie
Advertentie

Waarom de bouw van sociale woningen geen goed idee is

In België bedraagt de gemiddelde prijs van een huis minder dan 100.000 euro, meer dan 70 procent van de gezinnen is eigenaar van een woning.Zoals een overheid geen ideale bankier of luchthavenexploitant is, is ze ook geen geschikt ontwikkelaar of exploitant van woningen. Waar internationaal grootscheepse privatiseringsoperaties plaatsvonden, blijft men zweren bij overheidshuisvesting. De trek naar de steden, verwoeste gewesten en een babyboom maakten tijdelijke en plaatselijke huisvestingsinitiatieven nuttig. Nagenoeg de hele problematiek van socialewoningbouw is een gevolg van een eenvoudige economische wetmatigheid: iets aanbieden onder de evenwichtsprijs leidt altijd tot een tekort. Daarom zal er altijd een tekort zijn aan sociale woningen. Gesubsidieerde initiatieven wurgen particuliere initiatieven zodat het tekort telkens groter wordt: een neerwaartse spiraal. Om het tekort in te perken werden de inkomensgrenzen verlaagd. Vervolgens ontstonden concentraties van probleemgroepen en kwamen sommige maatschappijen in moeilijkheden waardoor de inkomensgrenzen moesten verhoogd. Bijgevolg worden de wachtlijsten weer langer. Nu heeft de helft van de bevolking toegang tot goedkopere woningen. Voor huren ligt de grens op een belastbaar inkomen van 25.000 euro, voor kopen op 40.000 euro; respectievelijk 60 en 80 procent van de bevolking.De particuliere verhuurder moet dan de huurprijs verlagen of de kwaliteit verhogen om nog te kunnen verhuren. Als hij de huurprijs verlaagt zal, wegens het gedaalde rendement gekozen worden voor de verkoop in plaats van de verhuur. Het aanbod aan huurwoningen vermindert hierdoor. Bij renovatie zou de huurprijs moeten stijgen om de kosten te dekken. Een nieuw evenwicht op de private markt zal ontstaan met een beperkt aantal duurdere huurwoningen. Op de collectieve markt daarentegen ontstaat dan, door de toenemende vraag, een nijpend tekort aan sociale woningen. Deze evolutie tekent zich in België steeds duidelijker af en heeft zich al voltrokken in Nederland of Frankrijk. De eigenaar van een huurwoning heeft nog een derde mogelijkheid: niets doen. Dit leidt tot verkrotting en leegstand. Hij kan zich ook richten tot een categorie huurders die niemand wil en dan wordt hij huisjesmelker.Dan maar gesubsidieerde koopwoningen, om de verkrotting aan te pakken bijvoorbeeld. Wat gebeurt er dan: enkele woningen in een buurt worden gerenoveerd met subsidies en onder de marktprijs aangeboden. De particulier, die zijn huis zelf renoveerde kan dit onmogelijk verkopen aan zijn kostprijs, gezien die veel hoger ligt. Bijgevolg wordt het private initiatief ontmoedigd en ontstaat nog meer verkrotting. Weer wordt de roep naar renovatie door sociale bouwmaatschappijen groter.Wanneer enige inkomensherverdeling nodig is, dient deze te gebeuren langs eenduidige uitkeringen en niet via een ondoorzichtig systeem van sociale woningbouw. Mensen in een gelijke situatie dienen gelijk gerechtigd te worden. De ene krijgt bij gebrek aan sociale woningen geen woning, de andere krijgt een substantieel en onbelast huurvoordeel. Het aanbieden onder de kostprijs, door subsidiëring en ongelijke wetgeving is een aanfluiting van de vrije concurrentie.Door het bouwen van sociale woningen op luxelocaties wordt een verkeerd signaal gegeven aan de hardwerkende burger. Hetzelfde geldt voor de appartementen naast het Antwerpse stadhuis of voor de sociale villas in woonuitbreidingsgebieden. Is het verschil tussen een uitkering met lage huur of een inkomen met hoge afbetaling nog de moeite van inspanning waard? Spreiding is het nieuwe toverwoord van planologen, zoals de inmiddels verguisde functiespreiding uit de zestiger jaren. In nagenoeg alle stadswijken zijn nu reeds alle bevolkingsgroepen vertegenwoordigd. Niet enkel in sociale woningen, maar ook in de particuliere woningen. Elke stad heeft een beperkt aantal wijken en stratenclusters die nog een bevolking aanspreekt gelijkaardig aan deze in de rand. We weten dat jonge gezinnen massaal de stad verlaten bij gebrek aan geschikte woningen. Door precies op de beperkte aantrekkelijke locaties sociale woningen te bouwen, wordt het aanbod van woningen voor belastingbetalers nog beperkter. Vanuit het oogpunt van de stadsfinanciën pure zelfdestructie. De plannen van de overheid om de sociale woningen in de centra van steden te bouwen, terwijl het platteland gevrijwaard blijft, zal het wankele evenwicht in de sociale mix van de steden verder verstoren.België is net als de Verenigde staten het bewijs dat een vrije woningmarkt de beste garantie biedt op voldoende en redelijk geprijsde woningen. Wat vanzelf tot stand komt hoeft niet door de overheid te gebeuren. Het terugplooien op de kerntaken is een liberaal en modern managementprincipe. Het recht op wonen is sinds kort in België een mensenrecht geworden. Zo is dat ook met het recht op voeding, kleding enz, zonder dat de overheid hiervoor zelf voedsel kweekt of kleding maakt. De enige taak van de overheid thans bestaat erin erover te waken dat voldoende en kwalitatieve huisvesting ter beschikking is. Wanneer dit niet het geval is, dienen de oorzaken onderzocht en niet de gevolgen. Christian FLORUFractievoorzitter VLD districtsraad Antwerpen