Waarom makkelijk als het ook moeilijk kan?

Zij moeten de illusie die Explor Inc. wil ontwikkelen, bewaken en versterken. Om onze positie () te verstevigen, net zoals de transplantatie van een evolutieve psyche in een kloon de macht zal versterken van degene die er de baas van is. Dit is maar één van de vele, haast onverstaanbare fragmenten uit de nieuwste sf-strip van uitgeverij Dupuis, HAND. Wat staat voor het ook al niet meteen zeer duidelijke Human Analysis New Department. Wie dit we geven het toe - vernuftig in elkaar gestoken ding wil doorworstelen, moet al een behoorlijke talenknobbel bezitten. Want wat had u gedacht van rememorisatie-teleinjectie, een olfactorisch genmod, posttraumatische mnesie-sequentie of een biovirtuele structuur die zintuiglijke afwijkingen kan uitzenden? En alsof dat nog niet voldoende was, doorspekken beide auteurs, Vegliona en Pelot, hun pseudo-wetenschappelijk jargon ook nog met een flinke dosis Spaans, want deze strip heeft een Mexicaanse achtergrond. Korte inhoud voor zover wij er iets van begrepen hebben: in Tierra Madre, een van de rijkjes van de Confederatie van Neowestelijke Staten, heersen twee potentaten, Anato en Zetran Lo, die elkaar niet bijzonder kunnen luchten. Zetran Lo heeft in zijn bedrijf Explor Inc. een of andere anomalie gekweekt, een meisje dat in tegenstelling tot haar meeste soortgenoten aan de manipulatie van buitenaf wil ontsnappen en vrij wil zijn. Haar in deze wereld bizarre gedrag besmet ook wie met haar omgaan, onder anderen de politieman Chago, die zich over haar ontfermt. Want het spreekt vanzelf: in een dergelijke omgeving, waar alle creaturen door wetenschappers zijn ontworpen en bestuurd worden, heeft een vrij wezen geen plaats en moet het bijgevolg geëlimineerd worden. De auteurs doen hun best om een fascinerende leefwereld te creëren, maar leveren uiteindelijk een draak af die bol staat van de moeilijkdoenerij. De serie (Alvin) Norge over de belevenissen van een computerexpert begon veelbelovend: eindelijk eens een moderne strip die ook de ontwikkelingen van de computertechnologie in het beeldverhaal zou integreren. Maar het liep al vlug verkeerd: auteur Lamquet wou per se een veelgelaagde strip maken, met meer dan een rechttoe-rechtaan plot, waarin de held gewoon zijn achtervolgers uitschakelt. Lamquet belandde in het straatje waarin bovengenoemde HAND terechtkwam: een ondoorzichtig kluwen van in dit geval al dan niet virtuele personages, van wie niemand op de duur nog weet wie voor wat staat. Bovendien schakelt Lamquet voortdurend over van cyber- naar reële wereld en van de ene locatie naar de andere, wat zijn strip een enerverend zenuwachtig ritme geeft, alleen toegankelijk voor ingewijden. En ook hier wordt moeilijke taal niet geschuwd. In dit derde album, Lucyber, blijkt Norge vader te zijn van een dochter, Lucy, zonder navelstreng: het meisje is een fractale robot, gedeeltelijk gefabriceerd door een computer, maar met menselijke eigenschappen. Toch nog enkele pluspunten: Lamquet heeft zijn serie wel erg aantrekkelijk getekend en zijn hoofdfiguur is van vlees en bloed, wat zich hier vertaalt in een potje overspel. Wat te denken van het tweede deel in de Jaguar-reeks van de Vlaamse tekenaar Jan Bosschaert en de Waalse scenarist Jean Dufaux? Bosschaert werd diverse keren gelauwerd voor zijn verbluffende tekenwerk in deze strip. En dat is ontegensprekelijk verdiend. Het tweede album is zelfs technisch nog beter, zeker wat de inkleuring betreft. Maar dat scenario, hemeltjelief! Een citaat mag volstaan: Aan de derde heuvel Daar begint de gang van de Gabdelions Men moet om het oude Al-Taur, de vervloekte stad, heengaan Dan in de storm glijden die veroorzaakt wordt door de winden van Ossara (etcetera). Wat is dit, in godsnaam? Koeterwaals? Een nooit eerder gepubliceerde vertaling uit het Tolmeeks? Wie nog wijs raakt uit deze verbeten strijd tussen Amazones en Kluizenaars, die zich op verschillende tijd-ruimteniveaus afspeelt via tijdsdoorgangen en waarbij Amazone Oonah verliefd wordt op Kluizenaar Jidah Lens, en wie ons kan vertellen wat die verdomde jaguar daar nu juist bij komt doen, gelieve ons in te lichten.Evenmin als eerder geciteerde stripwerkjes kan het nieuwe Qumran ons boeien. Uitgeverij Glénat stopte deze strip in haar nieuwe reeks De Zwarte Loge, waarmee ze lezers hoopt te strikken die zich interesseren voor magie en occultisme, volgens de uitgeverij een nieuwe trend in de strip. In het eerste album in de Qumran-serie gaan twee onafscheidelijke vrienden, een jood en een ongelovige, op zoek naar een verdwenen Dode-Zeerol, een van de manuscripten die aan de basis liggen van de bijbel en die gevonden zijn in de Qumran-woestijn. Ze zijn evenwel niet de enigen die de rol willen bemachtigen. Om dat te vertellen, hebben de Qumran-makers 48 bladzijden nodig. Dat zijn er zeker 43 te veel.Vegliona/Pelot. HAND 1. De Huid der Schaduwen, uitg.DupuisChris Lamquet. Alvin Norge 3. Lucyber, uitg.Le Lombard Bosschaert & Dufaux. Jaguar 2, uitg.Casterman (gratis ex-libris bij de eerste druk) Makyo/Abécassis/Gemine. Qumran 1. De boekrol van de Messias, uitg.Glénat Moord en doodslag In De Goudsmid is de mollige en niet direct knappe Charlie Lafleur de detective van dienst. In het derde album Knock-out in opdracht gaat hij in op een weddenschap van een rijkeluisdochter, een jonge fotografe, om een moordzaak in het boksersmilieu op te lossen. De zwarte bokser Wilson Sniper is namelijk omgebracht door een huurmoordenaar nadat hij onverwacht Emilio Veneto, de toekomstige uitdager van de wereldkampioen, KO heeft geslagen. Hoewel Sniper blijkbaar betaald was om in de vierde ronde neer te gaan, ging Veneto zelf al in de derde ronde tegen het canvas. De vraag is: waarom? Veel heeft het verhaaltje niet om het lijf, maar de auteurs profiteren vooral van de gelegenheid om het New York uit de glorietijd van de jazzclubs te herscheppen en een sfeertje neer te zetten dat aan het onvergetelijke The Untouchables-feuilleton, met Robert Stack als Eliot Ness, herinnert. Van Warnauts en Raives verwachten we meer, maar we krijgen steeds minder. In het Britse Dartmouth wordt de oude Jeremy Anderson, een sculpteur van houten schaakpionnen, vermoord door een man met een paardenkop. Dat is de start van het 17de album in de erg klassieke en Brits-deftige detectivereeks Victor Sackville.Zoals steeds in deze serie wordt er oeverloos gekeuveld, al dan niet bij de thee, en blijven de lijken zich ondertussen opstapelen. Naar oude Agatha Christie-gewoonte komt de ontknoping op het eind. Op die manier bouw je natuurlijk wel spanning op, maar de oplossing van het mysterie is bij deze serie jammer genoeg meestal een ontgoocheling, die veel vragen onbeantwoord laat. Dit 17de album, waarin het aantal zonderlingen haast het gewone volk overtreft, vormt daarop geen uitzondering.Het is alweer scenarioschrijver Van Hamme die de hoogste punten scoort met het vervolgalbum in een Wayne Shelton- tweeluik. In de eerste plaats zijn wij hem dankbaar dat hij op de beginpagina nog eens het eerste deel resumeert en in de tweede plaats blijkt Van Hamme de bijna ideale formule te bezitten om avontuur en romance met elkaar te koppelen. In Het Verraad werkt avonturier-op-leeftijd Shelton met behulp van een heterogeen samengesteld team zijn missie in het verre Khalakjistan af: hij bevrijdt er met listen en lagen een trucker uit een strengbewaakte gevangenis. Tegen het einde van het album is de helft van Sheltons helpers omgekomen en heeft tekenaar Denayer enkele spectaculaire scènes mogen uitwerken. Zelden vervelend, die Van Hamme! Warnauts/Raives. De goudsmid 3. Knock-out in opdracht, uitg.Glénat Carin/Rivière/Borile. Victor Sackville 17. Het Anderson Schaakbord, uitg.Le Lombard Denayer/Van Hamme. Wayne Shelton 2. Het Verraad, uitg.Dargaud Een Iraans vluchtelinge in Europa De Iraanse Marjane Satrapi blijft ook met het derde deel van haar meermaals bekroonde, autobiografische Persepolis boeiende lectuur afleveren. Inmiddels is ze door haar ouders weggestuurd uit het naar fundamentalisme afdrijvende Iran, dat daarenboven een bloedige oorlog uitvecht met buurland Irak, en bij een vriendin in Oostenrijk gearriveerd. Algauw moet ze daar weg naar een katholieke nonnenschool, waar ze kennismaakt en vriendschap sluit met de uitsluitend Duits sprekende Lucia, terwijl ze zelf geen woord Duits spreekt of begrijpt. Als ze ook daar de plaat moet poetsen, trekt ze bij haar nieuwe vriendin Julie in, waar ze plots geconfronteerd wordt met een bende anarchistische punks, het roken van joints we schrijven de jaren 80 en de exploten van de vrije liefde. En zo vertelt Satrapi in korte episodes en met grote authenticiteit haar lotgevallen als Iraanse vluchtelinge, haar herhaalde eenzaamheid, haar worsteling met haar eigen en de westerse cultuur, haar moeilijke puberteit, haar eerste liefde - aanvankelijk is ze enkel omringd door homos - en haar moeizame strijd met onze lokale seksuele gewoonten. Dit alles gebracht met humor, met onmiskenbaar verteltalent en in bescheiden naïeve zwartwittekenstijl. Binnenkort wordt deze serie in het Nederlands vertaald, naar het schijnt. We hopen dat het zo goed wordt als de Franse versie. Marjane Satrapi, Persepolis 3, uitg.LAssociationJapanse geschiedenis Al jaren timmeren Michetz en Bosse aan de serie Kogaratsu met in de prominente rol een 17de-eeuwse ronin, een Japanse samoerai die zijn diensten verhuurt. In Ultiem Rood moet Kogaratsu een namban beschermen, in feite een Hollandse schilder, Remigius Tafelberg, die in Japan de vrije kunst wil beoefenen, los van de bestaande conventies. Hij wil in het land van de rijzende zon eveneens het ultieme rood leren kennen: de kleur van de liefde, het vuur, de hartstocht, het bloed van de oorlog. Na een korte reis, bezaaid met lijken, voegt Remigius zich met zijn begeleider Kogaratsu bij de troepen van Nagisa Miki-No-Tsuru, waar hij het ultieme rood zal vinden in de dood. Dit Kogaratsu-verhaal haalt zijn sterkte vooral uit het contrast tussen de karakters van de rechtlijnige en wijze samoerai met dat van de verwaande en ietwat naïeve schilder, die hier een levensles leert. Achterin kruipt tekenaar Michetz even in de huid van Remigius Tafelberg om enkele mooie, Japans geïnspireerde schetsen af te leveren. Michetz/Bosse. Kogaratsu 10. Ultiem Rood, uitg.DupuisSamenstelling: Rik PAREITThe Art of Shag Toen mijn oog op de cover van dit Shag-boekje viel, dacht ik al onmiddellijk met een vies boekje te doen te hebben - to shag betekent immers ook neuken -, maar Shag blijkt de schuilnaam te zijn van de trendy 40-jarige Amerikaanse graficus Josh Agle, die met zijn techniek aan de jaren 50 (de befaamde, geometrische Expo-stijl, de stijl ook van de hoezen van vroege jazzplaten uit de Verve-stal) en 60 refereert. Oorspronkelijk speelde Shag ook muziek bij de Swamp Zombies om zich later helemaal op het schilderen te concentreren. Zijn werk presenteert glamoureuze, slanke vrouwen met enorme kapsels en mannen, dikwijls onder de vorm van boze wolven of in smoking, met een fifties-meubilair of een (tiki)bar als decor - in de felste kleuren. Ook bij ons heeft hij navolgers en zijn werkjes halen hoge prijzen bij verzamelaars. In Bottomless Cocktail krijg je een beknopt overzicht van s mans werk, ook van zijn ontwerpen voor bijvoorbeeld barkrukken en skateboards. Bottomless Cocktail. The Art of Shag, La Luz de Jesus Gallery/Last Gasp, importeur: Oog&Blik