Advertentie
Advertentie

Wanhopige houtsneden

In het Cultureel Centrum in Leopoldsburg worden houtsneden getoond van de Hongaarse kunstenares Piroska Makkai (1910-1998). Makkai heeft een uiterst merkwaardig leven gehad. Zij werd als kind van een mijnwerker in 1910 geboren in Transsylvanië, dat in die tijd nog deel uitmaakte van Hongarije. Haar vader, een mijnwerker, organiseerde stakingen, en werd daarvoor opgepakt en in een kamp opgesloten. Dat was nog voor het communistische bewind. Vader Makkai zou als gevolg van de geleden ontberingen vroegtijdig overlijden. Nog tijdens de jeugd van Piroska Makkai werd Transsylvanië bij Roemenië gevoegd. Noodgedwongen ging Piroska, die toen in Roemenië tot de Hongaarse minderheid behoorde, in een advocatenbureau werken. Na enkele jaren lukte het haar toch om aan een kunstacademie te studeren. Zij behaalde in 1933 een diploma voor tekenlerares. Aan de kunstacademie van Boedapest zou zij later de techniek van de houtsnede leren.In 1938 trouwde zij met een geneesheer, András Medve. In vier jaar tijd kregen ze drie kinderen. Maar Transsylvanië werd tijdens de Duitse bezetting opnieuw bij Hongarije gevoegd. András Medve werd in 1943 onder dwang in het Hongaars leger ingelijfd, hij zou niet meer uit de oorlog terugkeren. Piroska Makkai kreeg zes jaar later het bericht dat haar man door de Russen was gefusilleerd. Ondertussen werkte zij als tekenlerares in diverse scholen en trouwde ze opnieuw. In 1955 kreeg zij echter het bericht dat haar overleden gewaande echtgenoot niet dood was, zelfs gerehabiliteerd, en als Hongaars krijgsgevangene naar Boedapest teruggebracht zou worden, vanuit een kamp in Rusland. Piroska Makkai verliet haar tweede man voor haar eerste. In Leopoldsburg worden van haar nu een vijftigtal houtsneden in zwart-wit getoond. De reeks Autobiografie is een cyclus met verhalende prenten, waarin Makkai op een gestileerd figuratieve wijze de grote keerpunten van haar leven uitbeeldde. De voorstellingen zijn symbolisch geladen: de mens knielt of strekt zijn armen ten hemel, als reactie tegenover het noodlot. Alleen de natuur en vooral de bomen blijken enig soelaas te bieden. Een andere reeks, Vader en Zoon, handelt over de mens in conflict met zichzelf en zijn omgeving. De centrale figuur in deze prenten is de scheppende mens die belemmerd wordt te creëren. Verder zijn er zeven prenten die verwijzen naar de componist Bartok. De strakke composities van Bartok, evenals de door hem gebruikte volksmotieven, zijn in de compositie van de houtsneden terug te vinden. Piroska Makkai evolueerde naar een kunst met een mystieke inslag, waarin de vrouwelijke personages voortdurend rouwen. Niet meteen opbeurend. De prenten hebben duidelijk een Oost-Europese achtergrond, toen het communisme de kunstenaars liet kiezen tussen het sociaal-realisme en het isolement. De individuele vrijheid die Makkai zich veroorloofde, grensde aan de wanhoop. Zij zou tot 1985 actief blijven als tekenlerares en exposeerde in tal van Hongaarse steden. De kunstbijlagen van tijdschriften en dagbladen in Hongarije en Transsylvanië publiceerden regelmatig haar prenten. Zij overleed in Boedapest in 1998.Cultureel Centrum Leopoldsburg,Kastanjedreef 1, 3970 Leopoldsburg. Tel. 011/34.65.48. Van 29 september tot 31 oktober. Open van dinsdag tot donderdag van 13 tot 20 uur, op vrijdag van 13 tot 17 uur. Toegang gratis.Bekroonde zitmeubels Het VIZO in Brussel heeft de jaarlijkse prijzen Henry van de Velde voor productontwikkeling in Vlaanderen toegekend. Aan elke prijs is een bedrag van 100.000 frank verbonden. Voor de prijs van een loopbaan moet de ontwerper langer dan dertig jaar actief en productief zijn, en dat het liefst op een vernieuwende manier binnen zijn discipline. Voor de prijs van een jong talent geldt dat men minimum vijf jaar afgestudeerd moet zijn, en in een tijdsspanne van maximum tien jaar een homogeen vernieuwend oeuvre opgebouwd heeft. De prijs voor het beste product wordt via vergelijking toegekend. Dit keer waren er 353 ateliers in Vlaanderen die voor deze wedstrijdcategorie meedongen. En dan zijn er nog de prijs voor een bedrijf en de publieksprijs.Dit jaar stonden de Henry van de Velde-prijzen duidelijk in het teken van het meubelontwerp. Het blijft opmerkelijk dat de meerderheid van de huidige generatie meubelontwerpers geschoold werd als architect of binnenhuisarchitect, en niet als industriële vormgever. De prijs voor jong talent ging naar het ontwerpersduo Guinze en Milan uit Ronse. Het bekroonde object is een poef uit polypropyleen en een zelf ontwikkeld schuim. Met zijn minimalistische kubusvorm in een helrode kleur straalt de poef een hedendaagse dynamiek uit. De poef kreeg overigens tegelijk de prijs voor het beste product. De prijs voor bedrijf ging naar de firma Extremis, die bekroond werd omwille van haar uitstekende collectie tuinmeubelen, maar ook als waardering voor het doorzettingsvermogen van Dirk Wynants. Dankzij Wynants werd het bedrijf in enkele jaren tijd rendabel. De ronde tuintafel met verstelbare zitbanken Gargantua, ontworpen in 1994, is zowat het paradepaardje van Extremis geworden. Dit tuinmeubel doet het op de markt nog steeds uitstekend, het is zowat het archetype van een tuinmeubel geworden: robuust, gebruiks- en kindvriendelijk en vervaardigd uit eerlijke materialen. De prijs voor de loopbaan ging naar Claire Bataille & Paul Ibens, die daarmee een officiële erkenning als interieurarchitect krijgen. Later zal de publieksprijs toegekend worden. In de galerie van het VIZO kan men immers de bekroonde en andere geselecteerde functionele voorwerpen zien. De bezoekers kunnen er hun stem uitbrengen op het product dat hun voorkeur geniet. Vorige jaar was Martine Gyselbrecht uit Gent de laureate, met haar stoffencollectie. Galerie van het VIZO,Kanselarijstraat 19, 1000 Brussel.Tel. 02/227.49.60.Website: www.vizo.be. Tot 10 november. Open van dinsdag tot vrijdag van 11 tot18 uur, op zaterdag en zondag van13 tot 17 uur. Toegang gratis.Samenstelling:Bert POPELIER