Zweden en Britten halen hoogste nettomarges

Het zal heel wat overtuigde Europeanen als een vloek in de oren klinken, er kan nochtans niet naast gekeken worden: als het op de nettomarges aankomt presteren de Britse bedrijven beduidend beter dan die op het vasteland. In de Europese top-20 van de nettomarges zijn elf van de twintig bedrijven Brits. Het meest opmerkelijke is dat het bijna zonder uitzondering gaat om bedrijven die vooral op de interne markt actief zijn en dus nauwelijks de lage koers van het Britse pond als een comparatief voordeel ten overstaan van de buitenlandse bedrijven kunnen uitbuiten. DE TWEEDE nationaliteit in de top-20 is de Zweedse. De Zweden monopoliseren de top-3 bijna, met een eerste en een derde plaats. In tegenstelling tot de Britten geldt het wisselkoerseffect wel voor twee van de drie Zweden, namelijk voor Saab-Scania, met een nettomarge van maar even 36,44 procent de Europese nummer één, en voor het farmabedrijf Astra, dat met een nettomarge van 24,23 procent in 1994 de primus is in de farmaciesector.