1
weekboek

From Evenity to nowhere

Bij de estafetteloop van UCB kletteren verschillende stokjes op de grond ©BELGA

Waarom één mededeling zondag om middernacht UCB afgelopen week 3 miljard beurswaarde kostte.

Klokslag middernacht was het toen UCB zondagavond een persbericht uitstuurde. Met zo’n timing weet de belegger meteen: er komt iets dramatisch aan.

Dramatiek die de hoofding goed wist te verbergen: ‘UCB en Amgen kondigen toplineresultaten aan van fase III-onderzoek met actieve comparator naar werking EVENITY™ (romosozumab) bij postmenopauzale vrouwen met osteoporose’.

Diep in het persbericht zat een landmijn verscholen: Evenity, het potentiële UCB-middel dat botontkalking bij vrouwen na de menopauze moet tegengaan, bleek tijdens de laatste testfase een verhoogd risico op hart- en bloedvatenproblemen met zich mee te brengen.

We gaan niet uit van een doemscenario’, liet UCB-CEO Jean-Christophe Tellier weten. Maar beleggers én analisten wisten wel beter: hoe efficiënt een middel ook is, de Amerikaanse geneesmiddelenwaakhond FDA gaat niet licht over een product met een verhoogd risico op cardiovasculaire problemen.

Citi-analist Peter Verdult zette prompt zijn geraamde piekverkoop van 1,3 miljard euro voor romosozumab/Evenity op nul. Het koersdoel gaat van 98 naar 65 euro.

Dat UCB stelde dat de Evenity-testresultaten geen impact zullen hebben op de vooruitzichten voor 2017, is bijna lachwekkend naast de kwestie.

Verdult schat de impact van de weggevallen toekomstige cashflow op 11 euro per aandeel. Dat het UCB-aandeel (60,73 euro, -20,7%) bijna 16 euro zakte, is logisch. De farmagroep benadrukte in het persbericht dat de mededeling geen impact heeft op de vooruitzichten voor 2017, een zinsnede die tegelijk misleidend en bijna lachwekkend naast de kwestie is.

Zelfs in het meest positieve scenario hielden analisten slechts vanaf 2018 rekening met de eerste verkopen van Evenity/romosozumab. Met het waarschijnlijk wegvallen van het middel staat er een levensgroot vraagteken achter de toekomstige strategie van UCB.

Estafetteloop zonder stokjes

In een gesprek met De Tijd in 2011 legde toenmalig CEO Roch Doliveux uit dat de groei voor heel het decennium verzekerd was dankzij een trio sterproducten met langlopende patenten: Cimzia (reuma), Vimpat (epilepsie) en Neupro (parkinson). Doliveux kreeg gelijk.

Het probleem is dat een farmaciemultinational beheren een estafetteloop is. En dat het doorgeven van de stokjes naadloos moet verlopen tegen dat de patenten van de huidige sterkhouders verstrijken - tussen 2021 en 2024. Bij UCB kletterden de stokjes op de grond.

Van het ‘BER’-trio bleef alleen brivaracetam (epilepsie) overeind, maar het middel komt niet in de buurt van een blockbuster. Het lupusmiddel epratuzumab en nu dus ook romosozumab geraakten er niet.

Eén middel, Cimzia, tekent nu voor bijna een derde van de omzet. Het patent op het reumamiddel loopt tot 2024, maar analisten waarschuwden al dat de verkoop potentieel vanaf 2019 kan plafonneren. Dat is een gevolg van de concurrentie van zowel ‘biosimilars’ (generische biotechmedicijnen) van Amgens blockbuster Enbrel als van de beloftevolle nieuwe categorie reumamiddelen die bij Galapagos en AbbVie op het einde van de pijplijn zitten.

Een farmabedrijf dat in de eerste helft van de jaren 20 de patenten op de huidige succesgeneratie ziet verstrijken en op dit ogenblik alleen producten heeft in een relatief vroege en dus risicovolle onderzoeksfase: geen wonder dat beleggers het aandeel dumpten. En geen wonder dat Citi net als andere beurshuizen zich afvraagt of UCB niet beter op overnamejacht trekt om de pijplijn te stofferen.

Met de binnenstromende cash uit de huidige succesproducten - de brutomarge van het CVN-trio ligt op 70 à 75 procent - én het feit dat de groep nu niet veel woorden noch kosten moet verspillen aan een geflopt romosozumab, is UCB tegen 2018 schuldenvrij. De groep bewees eerder al een neus te hebben voor miljardendeals en ze heeft er de huidige succesnummers aan te danken: Vimpat en Neupro via Schwarz Pharma, Cimzia via Celltech.

Lancashire

Wie ook een neus voor deals heeft, is de textielspecialist Sioen  (32,80 euro, +8,2%). Begin vorig jaar was de balans schuldenvrij. Dat was een signaal voor een reeks overnames (zie tabel), met nu de kroon op het werk in het VK.

©Mediafin

Door de tuimelperte van het pond sinds het brexitreferendum is het Britse bedrijfsleven in de ramsj gezet. De 44 miljoen pond die Sioen neertelt voor het Britse James Dewhurst, is omgerekend 51 miljoen euro. De grootste deal ooit, maar een jaar geleden zou die omgerekend 58 miljoen euro gekost hebben.

©Paragraaf 3.5.24 van het Sioen-jaarverslag

Sioen realiseert opnieuw een uitgekiende aanvulling van de eigen portefeuille. Het meer dan 80 jaar oude James Dewhurst stamt uit het graafschap Lancashire, de bakermat van de Europese textielsector. De Engelsen zijn Europees marktleider in openstructuurweefsels (‘laid scrims’), weefsels die met hun rasterstructuur sterkte combineren met een laag gewicht.

‘Kent u de onscheurbare enveloppen van DHL? Die zijn zo stevig dankzij die speciale weefsels’, zei financieel directeur Geert Asselman bij wijze van voorbeeld van een toepassing. Op de site van James Dewhurst staat nog een eindeloze reeks andere voorbeelden. Denk ook aan verstevigingsweefsels voor autozetels, om te vermijden dat die zoals vroeger na jaren beginnen in te zakken.

Met de vijf overnames kocht Sioen in vergelijking met 2015 19 miljoen of 35 procent extra brutobedrijfswinst (ebitda). En dat zonder rekening te houden met de synergievoordelen. Bij elke overname boort Sioen nieuwe producten en nieuwe regio’s aan.

Uiteraard betaalt het rente op de intussen voor bijna 140 miljoen euro overnames. Maar het rendement op de overnames zal een veelvoud zijn van de minieme rente op de aangegane schulden. Neem als voorbeeld de lening van 50 miljoen die Sioen al had uitstaan. Wie puntje 3.5.24 van het jongste jaarverslag goed leest, weet wat de huidige rentelast op die schuld is: een ronde nul procent.

©Mediafin

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content