Advertentie

INET2011: Politiek, politiek, politiek

‘Toen iemand aan de econoom Joseph Schumpeter vroeg om welke drie dingen de economie draait, antwoordde hij: ‘Politiek, politiek en politiek’. Robert Johnson, gedelegeerd bestuurder van het Institute for New Economic Thinking maakt in zijn openingstoespraak meteen duidelijk waar het om gaat hier in Bretton Woods: Het moeizame samenleven tussen economie en de staat. Dit weekend verzamelen topeconomen, bewindslui en zakenlieden in Bretton Woods om het te hebben over internationale politieke economie.

Aan het begin van de eerste sessie weerklonk ‘Riders on the storm’ van The Doors door de majestueze Grand Ballroom van het Mount Washington Hotel. Op de achtergrond beelden van een losgeslagen olietanker tijdens de Japanse tsunami, de rokende kerncentrale van Fukushima en de protesten in het Midden-Oosten. ‘Deze sessie gaat over de nieuwe economische en politieke orde, maar momenteel spreken we over wanorde’, begon moderator en Times-journalist Anatole Kaletsky. Kaletsky publiceerde onlangs het boek Capitalism 4.0 waarin hij een toekomstbeeld schetst van de ‘mixed economy’, waar overheden en economie elkaar halverwege vinden. Dat houdt een erkenning in dat financiële markten het bij het foute eind kunnen hebben, zie de vastgoedzeepbel, net zoals overheden.

De Britse econoom en Keynes-biograaf Lord Robert Skidelsky is echter sceptisch. Vanuit de zaal stelde hij de vraag wat voor een overheid je krijgt, wanneer de financiële markten diezelfde overheid kunnen ‘shorten’ op de financiële markten? Hilariteit alom, maar geldschieter George Soros suste: Politici moeten de markten leiden en niet de markt volgen. Dat is wat hen tot staatsmannen maakt. En dan zullen de markten vanzelf volgen.’

Beangstigend

Princeton-econoom Harold James maakte de parallel tussen vandaag en de situatie ten tijde van het Bretton Woods-akkoord. Bewindslui uit verschillende hoeken van het politieke spectrum roepen immers te onpas om een nieuw Bretton Woods-akkoord om orde op zaken te stellen in het internationale monetaire systeem. James is echter weinig optimistisch.

‘Bretton Woods was gebouwd op optimisme over een nieuwe economische en politieke orde. Het einde van de oorlog was in zicht. Er was een sense of urgency. Die is er vandaag niet. De ‘sense of urgency’ die er net na de crisis was is volledig weg. Vandaag denken we in nationalistische termen. Het is de schuld van de Chinezen, van de Grieken of van de Amerikanen. Dat vind ik zeer beangstigend.’

Nog een aantal markante quotes die ik onthou van de eerste dag hier in Bretton Woods:

De Franse econoom Jean-Paul Fitoussi: ‘In verschillende Europese landen gaat het mes in de overheidsuitgaven, louter om de kredietagentschappen te plezieren.’

Kenneth Rogoff (Harvard): ‘Ik hoorde een Europese official onlangs verkondigen dat nu Portugal steun vraagt, het Europese schuldenprobleem van de baan is. Ik schoot in de lach. Ik wist echt niet wat ik moest zeggen.’

 

Graaf Dracula

De avond werd afgesloten met een bijwijlen hilarische confrontatie tussen de Britse journalist Martin Wolf en Larry Summers, de voormalige Amerikaanse minister van financiën en economisch adviseur van president Obama. De aanwezigheid van Summers werd niet door iedereen geapprecieerd. ‘Het is alsof je graaf Dracula loslaat in een zaal vol bloeddonoren’, gromde een Italiaanse econoom naast me. Summers hield zich kranig onder de provocaties van de rad van tong gesneden Wolf. Want ook Summers is niet gespeend van enige ironie. Gevraagd of hij het ‘nuts’ vindt van Europa om in te zetten op overheidsbesparingen en een verstrakking van het monetaire beleid, antwoordde Summers:

‘Ik ben nog niet lang genoeg vertrokken uit de politiek om het woord ‘nuts’ in de mond te nemen. Laat ik het zo stellen: De politiek van de ‘expansionary fiscal contraction’ lijkt mij zo ‘oxymoronic’ (contradictorisch) als het klinkt. Inzetten op begrotingshygiëne lijkt me op dit moment een gevaarlijke gok. Dat gezegd zijnde, hecht ik veel belang aan empirische studies. Mocht Europa het bij het rechte eind hebben, ben ik dus bereid om mijn mening te herzien over fundamentele basisbegrippen uit de macro-economie. Dat gezegd zijnde ben ik er vrij zeker van dat dit experiment niet zal lukken.’ 

Stijn Demeester

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud