Beursbarometer: 'Inhaalbeweging is achter de rug'

(tijd) - In tegenstelling tot de Grote Crash van 1929, precies 75 jaar geleden, verliep oktober 2004 op de Brusselse beurs voorspoedig. De Bel20 ging met een winst van 3,4 procent voor de derde maand op rij stevig vooruit; De analisten die in opdracht van De Tijd worden gepolst door het onderzoeksbureau TNS-Dimarso vrezen dat voor Belgische aandelen nu het beste achter de rug is. Ze verwachten dat de Bel20 over drie maanden een fractie lager noteert. Allerminst een Grote Crash, maar toch de eerste keer in jaren dat het doorgaans optimistische analistenheir een daling voorspelt.

Oktober 2004 deed hard zijn best om de kwalijke reputatie als gevaarlijkste beursmaand uit de wereld te helpen. Ondanks de 75ste verjaardag van de Grote Crash van 1929 en de herinnering aan 'Zwarte Maandag', toen de Dow Jones op 19 oktober 1987 in één dag 22 procent kelderde, ging het gros van de aandelenmarkten vorige maand vlot hoger.

1929 en 1987 bezorgden oktober onverdiend een slechte naam in beurskringen. Oktober is doorgaans een vrij goede beursmaand. Vaak geven beleggers in die periode het startschot voor een eindejaarsrally. Statistisch gezien levert de periode van oktober tot april, na de zomers kalme periode van mei tot september, veruit de beste rendementen op.

Wenen en Oslo

Ook oktober 2004 mocht er wezen, zeker voor de Belgische beleggers die hun aandelenbeleggingen dicht bij huis zoeken. De Bel20 trok voor de derde maand op rij fors hoger. Ditmaal was er 3,4 procent winst, wat de Belgische beursgraadmeter naar het hoogste peil sinds mei 2002 bracht. Anders gesteld: Belgische aandelen hebben de opeenvolgende verkoopgolven die hun beurskoersen van de zomer van 2002 tot het voorjaar van 2003 onderuithaalden, het voorbije anderhalf jaar goedgemaakt.

Over de voorbije twaalf maanden boden Belgische aandelen gemiddeld een return van 35,9 procent. Daarmee moest Brussel enkel de beurzen van Wenen en Oslo laten voorgaan, nog twee aandelenmarkten die door een bijna totaal gebrek aan steraandelen jarenlang door grote beleggers genegeerd werden. Dat leert het overzicht van de drie grote beleggingscategorieën (aandelen, obligaties en cash) in 17 landen dat de studiedienst van ING België maandelijks opstelt. Belgische aandelen presteerden sinds begin dit jaar zo'n 25 procentpunt beter dan het gros van de andere Europese beurzen.

'Met de spectaculaire prestatie sinds begin 2004 heeft Brussel de onderwaardering ten opzichte van de andere Europese markten grotendeels weggewerkt', vindt Patrick Millecam, analist bij Bank Corluy. 'De beurs voorspellen is altijd moeilijk omdat je onmogelijk met alle mogelijke factoren rekening kunt houden. Maar ik denk dat voor Brussel de inhaalbeweging achter de rug is. Als er nog een verdere stijging komt, zal dat in tandem met de andere Europese beurzen zijn.'

Ook de andere door het onderzoeksbureau TNS-Dimarso geraadpleegde analisten delen doorgaans die mening. Ze verwachten gemiddeld dat de Bel20 over drie maanden 0,2 procent onder het huidige peil noteert. Een verwaarloosbaar kleine daling, maar niettemin opmerkelijk aangezien het analistenheir doorgaans niet van overdreven pessimisme kan worden verdacht. Over de komende twaalf maanden moeten beleggers in Belgische aandelen zich tevreden stellen met een rendement van 5 procent, menen ze.

Dat is nog altijd beter dan Wall Street. Voor de Dow Jones rekenen analisten op slechts 2 procent winst. Een minieme stijging die door de verwachte verdere daling van de dollar wordt tenietgedaan, zodat voor de Belgische belegger in New York bitter weinig geld te verdienen valt.

Het bekoelde enthousiasme van analisten voor de beurzen wordt weerspiegeld in de modelportefeuille. Die mag nog voor 48,6 procent met aandelen worden gestoffeerd. Dat is 3,5 procentpunt minder dan een maand geleden. Analisten zoeken vooral heil in obligaties, die hun belang in de modelportefeuille zien toenemen van 35,8 naar 39,4 procent.

Obligaties profiteren van de minder gunstige economische vooruitzichten voor 2005. Die maken een snelle reeks renteverhogingen door de Europese Centrale Bank en de Amerikaanse Federal Reserve onwaarschijnlijk, en vergroten de kans op een afbrokkeling van de langetermijnrente. En dat zou de obligatiekoersen de hoogte injagen.

Het groeiende pessimisme over de economie, en dus optimisme over obligaties, geldt zeker voor het Verenigd Koninkrijk. Britse obligaties maken verrassend hun entree in het lijstje favoriete regio's, na de eurozone. 'Obligaties in pond profiteren van het positieve renteverschil met de eurozone', stelt Steve Van Dyck, obligatieanalist bij Bank Corluy. 'De gisterenmorgen gepubliceerde cijfers over de industriële productie onderstrepen nog eens de vertraging van de economie. Ook de huizenmarkt in het Verenigd Koninkrijk heeft het moeilijk, wat de consumptie onder druk kan zetten. Het is niet onmogelijk dat de Bank of England volgend jaar de rente weer verlaagt, na de reeks renteverhogingen over de voorbije twaalf maanden.'

Op de aandelenmarkt vervangt farmacie de banken en verzekeringen als favoriete sector. Blijkbaar achten de analisten de farma-aandelen voldoende afgestraft na de erg slechte prestatie in oktober. Merck zag zijn beurskoers begin oktober zwaar onderuit gaan, nadat de Amerikaanse farmaceuticareus de pijnstiller Vioxx van de markt had moeten halen. De rest van de branche deelde in de klappen.

Beter nieuws was er voor de Belgische farmagroepen. De chemie- en farmaciegroep Solvay (79 euro, +6% op maandbasis) kroont zich na de publicatie van sterke resultaten over het derde kwartaal tot favoriet aandeel van de Belgische beursanalisten en fondsbeheerders. UCB (41,42 euro, -3,4%) verkocht op de eerste dag van oktober zijn chemieafdeling voor 1,5 miljard euro aan het Amerikaanse Cytec Industries en rondde zo de gedaantewissel tot een biotechnologiegroep 'pur sang' af. Het gevolg was dat UCB niet in de remonte van de chemiesector deelde, maar wel in de terugval van de biotechnologiesector.

Opvallend is ook de intrede van Deceuninck. De fabrikant van pvc-raamprofielen werd vorige maand bekroond tot 'Onderneming van het jaar 2004' en is na Solvay het favoriete Belgische aandeel. Nochtans verloor Deceuninck na een teleurstellende 'trading update' over het derde kwartaal 3,9 procent tot 21 euro.

'Deceuninck is volgens ons een van de weinige Belgische aandelen die vanuit een langetermijnperspectief nog echt koopwaardig zijn', stelt Millecam. 'Daarbij past wel de kanttekening dat we strenge criteria hanteren voor we bij Corluy een aandeel als koopwaardig bestempelen. Het moet aan hoogstens 70 procent van de intrinsieke waarde noteren. Deceuninck is dit jaar een beetje uit de gratie door de hoge pvc-prijzen. En, afgaand op wat er op de telefonische conferentie van Solvay te horen viel, blijven de pvc-prijzen nog wel een tijdje hoog. Maar voor wie iets verder durft vooruit te blikken, biedt de huidige koers een instapgelegenheid.'

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud