<B>Tessenderlo</B> (uit: De Belegger)

2004 wordt wellicht het laatste beursjaar voor Tessenderlo. De Franse hoofdaandeelhouder Entreprise Minière et Chimique (EMC) wil zijn belang van 44% in de Belgische chemiegroep tegen eind 2004 afbouwen. EMC wordt namelijk per eind 2004 ontbonden.

Tessenderlo heeft vandaag een beurswaarde van 718 mln. euro. Dit bedrag komt zowat overeen met het eigen vermogen van de groep. Ondanks de cycliciteit van de activiteiten, slaagde Tessenderlo er steeds in winst te boeken. De hoofdvraag is dan ook hoeveel een koper bereid is te betalen voor deze rendabele groep.

Tessenderlo zal over 2003 een totale omzet boeken van zowat 1,95 mrd. euro. Hiermee is Tessenderlo een kleine speler op Europees vlak. Ter vergelijking, de Duitse chemiegiganten BASF en Bayer boeken 15 keer meer omzet. Het Nederlandse DSM genereert drie keer meer omzet. 'De grootste zijn' is bij Tessenderlo zeker geen doel op zich. Belangrijk is dat de groep een leiderspositie nastreeft in de nichemarkten waarin het actief is.

Bij Tessenderlo wordt de omzet over vijf afdelingen verdeeld. De twee grootste afdelingen op basis van omzet zijn de minerale chemie (31%) en de kunststofverwerking (25%). De fijnchemie vertegenwoordigt 13% van de omzet. In deze afdeling werd de jongste maanden geïnvesteerd. Ook de divisie natuurlijke organische producten is goed voor 13% van de omzet. Tot slot is Tessenderlo ook actief in de pvc-business. Deze divisie is verantwoordelijk voor de cycliciteit van de jaarresultaten. Na het recordjaar 2000 was de pvc-divisie namelijk de grootste boosdoener voor de zwakke resultaten in 2001 (zie tabel 1). Belangrijk is dat al deze afdelingen met elkaar verbonden zijn. Zo zijn de belangrijkste grondstoffen voor MVC (en ook voor pvc) ethyleen, chloor en zoutzuur. Deze twee laatste grondstoffen worden door de divisie 'minerale chemie' geproduceerd. Deze 'verbondenheid' tempert dan weer de conjunctuurgevoeligheid. De gelatineactiviteiten van Tessenderlo zijn de enige activiteiten die als het ware afzonderlijk kunnen worden verkocht. Zoals u uit tabel 1 kan afleiden, zijn niet alle activiteiten van Tessenderlo even conjunctuurgevoelig. Pvc, dat niet meteen de belangrijkste omzetbijdrage levert, was in het recordjaar 2000 goed voor een bedrijfscashflow van 70 miljoen euro . Een jaar later was dit bedrag negatief voor 20 miljoen euro. Dit is een verschil van 90 miljoen euro! Niet mis als u weet dat de bedrijfscashflow vorig jaar op 259 mln. euro uitkwam.

Tessenderlo is een internationaal bedrijf. Zo is slechts 8% van de omzet bestemd voor de Belgische markt. Toch wordt een belangrijk deel van de omzet in eigen land gegenereerd. België, Frankrijk en het VK zijn goed voor driekwart van de productie. Tessenderlo is niet rechtstreeks dollargevoelig. Dit neemt niet weg dat een sterke euro onrechtstreeks voor een competitief nadeel zorgt tegenover Amerikaanse of Aziatische sectorgenoten.

Het overnameverhaal rond Tessenderlo is niet uniek binnen de Europese chemiesector. Zo tracht Aventis zich te ontdoen van zijn belang in het Franse Rhodia en in het Zwitserse Clariant. Voorlopig kunnen we niet echt spreken van een 'stormloop' van kandidaat-kopers. Op 2 mei 2003 verkocht Aventis een deel van zijn belang in Rhodia aan de Franse bankgroep Crédit Lyonnais. Deze laatste zal later trachten door te verkopen aan een derde partij. De verkoop van de participatie in Tessenderlo aan een financiële instelling lijkt vooralsnog het meest waarschijnlijke scenario voor de Belgische chemiegroep. Het belang van 44% is trouwens 'slechts' 320 mln. euro waard.

EMC had er goed aan gedaan zijn belang te verkopen in 2000. De zaken liggen vandaag helemaal anders. Als gevolg van de moeilijkere economische omstandigheden en de sterke euro moet Tessenderlo zich tevreden stellen met lagere (bedrijfs)marges. Terwijl deze marge in 2000 nog 7,4% bedroeg, zal deze dit jaar rond 4,3% uitkomen. We merken wel meteen op dat de bedrijfsmarge de voorbije tien jaar nooit hoger uitkwam dan 9,2%.

Tessenderlo beschikt anders wel over een aantal troeven. Eind 2002 bedroeg de schuldgraad of gearing minder dan 40%. Deze is nu lichtjes toegenomen, maar blijft beneden de 50%. Belangrijk is ook dat de cashflow van Tessenderlo bijzonder hoog is. Vorig jaar bedroeg deze nog 207 mln. euro. De financiële schulden waren eind 2002 goed voor 350 mln. euro. Indien de cashflow volledig zou worden aangewend voor de afbouw van de schulden, kunnen de schulden als het ware op minder dan 18 maanden herleid worden tot nul.

De prijs die de potentiële koper zal betalen, is afhankelijk van de timing van het bod. Aangezien EMC eind 2004 wordt ontbonden, is de economische situatie volgend jaar van kapitaal belang. De waarde van het bod is moeilijk in te schatten. In tabel 3 hebben we de belangrijkste ratio's opgenomen en hieruit kunnen we wel afleiden dat Tessenderlo momenteel aantrekkelijk geprijsd is. De koers noteert lager dan de boekwaarde (of minimumwaarde) van het bedrijf. Een bedrijf (of aandeel) koopt men voor de toekomstige winsten die het zal genereren. Tellen we bij de boekwaarde ruwweg 5 jaarwinsten bij, dan komen we snel uit op zowat 39 euro.

Met een mogelijk bod op Tessenderlo zou in 2004 een aandeel uit de Brusselse beursindex verdwijnen. De prijs die de bieder zal betalen, zal grotendeels afhangen van het economische herstel in 2004. De belegger die het aandeel in 1998 kocht tegen topkoersen van zowat 70 euro, zal zijn volledige inleg wellicht nooit meer terugzien. Diegene die het aandeel vandaag echter koopt, doet ons inziens een goede zaak. Op Euronext Brussel hoort Tessenderlo tot onze favorieten voor 2004.

uit De Belegger van 9 december 2003. Klik hier voor een kennismaking met De Belegger.

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud