Advertentie
Advertentie

Zwalpend Evergrande voedt onrust over China’s nieuwe doelwit, de vastgoedmarkt

Reclame voor een vastgoedproject van Evergrande in Hongkong. ©REUTERS

Terwijl beleggers tobben over China’s omknelling van zijn techsector, negeren ze volgens het beurshuis Nomura de ‘olifant in de kamer’: de vastgoedmarkt. China lijkt vastbesloten de huizenprijzen af te koelen. Zelfs als daarbij brokken vallen, met Evergrande als exemplarisch slachtoffer.

De lijdensweg van de Chinese vastgoedontwikkelaar Evergrande Group sleept aan. Zowel de aandelen- als de obligatiekoersen van de onder schulden bedolven vastgoedgroep kreeg dinsdag andermaal een stevige tik.

Moody’s verlaagde de rating van Evergrande in een keer met drie trappen, nadat de kredietbeoordelaar sinds juni al tweemaal een ratingverlaging had doorgevoerd. Volgens Moody’s kan de vastgoedgroep waarschijnlijk haar schulden niet meer aflossen. Intussen noteren veel van Evergrandes dollarobligaties tegen amper 30 procent of minder van hun nominale waarde. Ook het aandeel moest een motie van wantrouwen slikken nadat het beurshuis Goldman Sachs zijn advies had verlaagd van neutraal naar verkopen. Evergrandes aandelenkoers dook in Hongkong 7,8 procent lager, wat het jaarverlies op 76 procent brengt.

De essentie

  • Moody's verlaagde andermaal de kredietrating van de Chinese vastgoedontwikkelaar Evergrande, terwijl Goldman Sachs zijn advies voor het aandeel verlaagde.
  • De Chinese vastgoedsector staat onder druk sinds de overheid vorig jaar de duimschroeven aandraaide in een poging een oververhitting - en groeiende ongelijkheid - tegen te gaan.
  • Volgens het beurshuis Nomura is het Peking menens om de stijgende huizenprijzen onder controle te houden en daarbij economische groei op korte termijn op te offeren.

Sinds de Chinese overheid de vastgoedsector vorig jaar de duimschroeven aandraaide, gaat het van kwaad naar erger met Evergrande. Om een oververhitting van de Chinese huizenmarkt tegen te gaan zette de Communistische Partij een rem op de kredietverlening van banken aan de vastgoedsector. Daarnaast kregen de grootste vastgoedontwikkelaars schuldbeperkingen opgelegd.

Intussen is duidelijk dat Evergrande, het Chinese bedrijf met de grootste schuldenberg, niet langer in staat lijkt zijn schuldverplichtingen na te komen. Het alludeerde daar vorige week zelf op. Een poging om massaal woonprojecten te gelde te maken om cash voor schuldaflossingen te genereren dreigt onvoldoende op te brengen. Zeker nu de woningprijzen onder druk staan. De prijzen van nieuwe woningen in 30 grote Chinese steden lagen in augustus 23 procent lager dan een jaar geleden. Ook de verkoop van andere activa in Evergrandes portefeuille, zoals het belang in een fabrikant van elektrische wagens die zijn eerste voertuig nog moet verkopen, lijkt onvoldoende te zullen opbrengen.

Alarmbellen

Moody’s viseert niet alleen Evergrande, maar de hele Chinese vastgoedsector. Het ratingbureau verlaagde vorige week zijn vooruitzichten naar negatief, omdat vooral zwakkere spelers het risico lopen hun schulden niet te kunnen herfinancieren. De rating van Guangzhou R & F ging een trapje naar beneden. Maar Evergrande doet de meeste alarmbellen afgaan, ook omdat gevreesd wordt dat een implosie ervan de financiële stabiliteit kan bedreigen. Sommigen rekenen erop dat de overheid redder in nood zal spelen, maar het is goed mogelijk dat de Communistische Partij met Evergrande een voorbeeld wil stellen.

Het is Peking immers menens de stijgende huizenprijzen onder controle te houden om de groeiende ongelijkheid in China tegen te gaan. President Xi Jinping hamerde onlangs op het belang van ‘gedeelde welvaart’. De huizenmarkt speelt daarin een belangrijke rol. Eind 2016 zei hij al dat huizen ‘om in te wonen zijn, niet om te speculeren’, een mantra dat almaar luider klinkt.

De markten moeten zich schrap zetten voor een veel groter dan verwachte groeivertraging, een toename van de probleemkredieten en potentiële turbulentie op de aandelenmarkten.
Nomura

In een rapport heeft het beurshuis Nomura het dan ook over de ‘olifant in de kamer’ die beleggers in China negeren omdat ze gefocust zijn op het overheidsoptreden tegen nationale techgiganten. Die olifant is de beknotting van de Chinese vastgoedmarkt, die goed is voor een kwart van het Chinese bruto binnenlands product (bbp). De overheid creëert op die manier een extra tegenwind voor de economie, die sowieso al leek af te koelen. ‘De markten moeten zich schrap zetten voor een veel groter dan verwachte groeivertraging, een toename van de probleemkredieten en potentiële turbulentie op de aandelenmarkten’, zegt Nomura.

Het beurshuis heeft het over een mogelijk ‘Volcker-moment’ voor China, een verwijzing naar de Amerikaanse centraal bankier Paul Volcker. Die voerde vanaf 1979 een serieuze monetaire verstrakking door om de ontsporende inflatie te bezweren, waarbij een pijnlijke recessie de prijs was om op langere termijn welvaart te creëren. Evengoed lijkt Peking vastbesloten de huizenprijsstijgingen te bezweren, zegt Nomura, en daarbij 'bereid te zijn wat groei op te offeren voor het realiseren van langetermijndoelstellingen', zoals het inperken van de ongelijkheid.

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud