Midden-Oosten: Israël valt Palestijnse gebieden aan

Bij de doelwitten was een politiekantoor in de buurt van het hoofdkwartier van de Palestijnse leider Yasser Arafat, die zelf ongedeerd bleef. Eerder vernielde het Israëlische leger de landingsbaan van de luchthaven van Gaza. De Israëlische radio meldt intussen dat het leger zijn aanvallen in de komende dagen nog zal opvoeren.

Bij de eerste aanval op Gaza werden twee Palestijnen, onder wie een 14-jarige schooljongen, gedood. Onder de gewonden waren volgens de Palestijnen 40 kinderen die hun school hadden verlaten. In Tulkarem op de Westelijke Jordaanoever vielen Israëlische Apache-gevechtshelikopters een gebouw van de Palestijnse elite-eenheid "Force 17" aan.

De Israëlische regering verklaarde dinsdagochtend de Palestijnse Autoriteit tot een "eenheid die het terrorisme ondersteunt. Twee Palestijnse organisaties, waaronder "Force 17" werden als terreurorganisaties gebrandmerkt.

Deze beslissing lokte meteen een regeringscrisis uit. De ministers van de Arbeiderspartij van minister van Buitenlandse Zaken Shimon Peres verlieten na de stemming de vergadering. Peres zei dat de partij woensdag zal beslissen of ze in de rechtse regeringscoalitie van Ariël Sharon blijft. Waarnemers verwachten niet meteen dat de Arbeiderspartij opstapt.

Een woordvoerder van de Palestijnse Autoriteit noemde de aanvalsgolf een "oorlogsverklaring". Arafat verweet Israël in een interview op CNN zijn inspanningen in de strijd tegen Palestijnse terroristen bewust te ondergraven.

Premier Sharon kreeg dinsdag niettemin Amerikaanse rugdekking van zijn offensief. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell drukte in de Roemeense hoofdstad Boekarest begrip uit voor de aanvallen als vergelding voor Palestijnse zelfmoordaanslagen en riep Arafat op iets aan het terrorisme te doen.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud