Logo
Tijd Connect biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.

Storm van creativiteit blaast bedrijven uit het water

©Photo News

Nieuwe bedrijven en businessmodellen maken de oude manier van dingen doen overbodig. Dat creëert verliezers, maar vooral heel veel winnaars.

In zijn beroemde ‘Theorie der Wirtschaftlichen Entwicklung’ benadrukte de Oostenrijkse econoom Joseph Schumpeter in 1911 het belang van de vrije ondernemer. ‘Een uitvinder produceert gedachten, een ondernemer brengt iets tot stand.’ En dus hangt de groei van de economie uiteindelijk van hen af. Uitvindingen zijn mooi, maar onvoldoende.

Dat ondernemerschap komt niet iedereen ten goede, gaf Schumpeter toe. Hij omschreef het kapitalisme dan ook als ‘de eeuwige storm van creatieve destructie’. Een mooi voorbeeld daarvan is de evolutie van publiek transport. In 1880 telde New York meer dan 150.000 paarden, die elk dagelijks 10 kilo mest en 4 liter urine produceerden. Dat ontlokte een New Yorker de mopperende uitspraak dat ‘de straten letterlijk bedekt zijn met een warm, bruin tapijt... dat verschrikkelijk stinkt’.

Als de stad op dezelfde manier was blijven groeien, had Manhattan tegen 1930 tot aan de derde verdieping onder de mest gezeten. Dat dit slechts een vreemde voorspelling is gebleven, is te danken aan de plotselinge en sterke opkomst van de verbrandingsmotor waardoor de paardenkracht nu in mechanische vorm voor vervoer zorgde. Slecht nieuws voor paardenfokkers en koetsfabrikanten, maar duidelijk een maatschappelijke vooruitgang.

Alleen zorgden die auto’s, bussen en vrachtwagens decennia later voor hun eigen problemen. De uitstoot van broeikasgassen zorgt voor klimaatopwarming. De oplossing ligt niet bij een steeds efficiëntere verbrandingsmotor, maar wel bij nieuwe technologie. Zo ontwikkelt onder meer Tesla vandaag auto’s die volledig elektrisch aangedreven zijn. Slecht nieuws voor fabrikanten van vervuilende wagens, maar alweer positief voor de samenleving.

©Photo News

Hybris

De impact van de golven van creatieve destructie is niet min. Van de grootste honderd beursgenoteerde bedrijven uit 1917, blijven er vandaag maar vijf meer over. Van alle bedrijven die in 1955 in de Fortune500 stonden, een ranglijst van bedrijven uit de Verenigde Staten, geordend van groot naar klein op basis van hun jaaromzet, resteren er vandaag nog 61. Of neem de Nifty Fifty, een ranglijst uit de jaren 70 die bestond uit stabiele, grote bedrijven waarover beleggers zich geen zorgen hoefden te maken. Die aandelen kon je zogezegd met een gerust hart in een lade opbergen en vervolgens vergeten. Dat bleek hybris. Denk maar aan Kodak en Xerox, die in de daaropvolgende decennia verschroeiende concurrentie te verduren kregen.

Een laatste voorbeeld. Uit een studie van consultant Innosight blijkt dat de gemiddelde levensduur van een bedrijf uit de S&P500 in 50 jaar tijd is gezakt van 60 tot minder dan 15 jaar (zie grafiek). Van de bedrijven die in 1980 in de top 10 van de S&P500 zaten, blijven er nu maar drie meer over. Dat zijn General Electric en de ondertussen gefuseerde bedrijven Exxon en Mobil.

Welke lessen moeten beleggers hieruit trekken? Het is niet verstandig om al je eieren in één mand te leggen. Voorspellen welk businessmodel in de problemen zal geraken, is niet gemakkelijk. Maar dát het kan, valt nooit uit te sluiten. Wie had tien jaar geleden gedacht dat bedrijven als Uber en Airbnb traditionele taxibedrijven en hotels het vuur aan de schenen zouden leggen? Tegelijkertijd kunnen zij binnen een afzienbaar aantal jaar zelf de gevestigde orde zijn die aan het wankelen gaat. Misschien zijn binnen tien jaar de Uber-chauffeurs zelf de dupe van nieuwe, zelfrijdende wagens…

©AFP

Slachtoffers

Het mag duidelijk zijn: bedrijven worden niet alleen geboren, ze gaan ook dood. Als dat gebeurt omdat ze het slachtoffer zijn van creatieve destructie, doet dat denken aan een hoopvol zerkopschrift: 'De dood is niet de duisternis, het is de lamp die dooft omdat de dag begint.'

Maatschappijen die creatieve destructie toestaan, gedijen daar bij. In 1920 was landbouw bijvoorbeeld nog de broodwinning van een vijfde van de Belgen. Vandaag is dat minder dan 1 procent. Tegelijkertijd hadden we nooit meer keuze in voeding, en dat met een hoge kwaliteit. Dat het aantal gewerkte uren per week zo spectaculair gedaald is de voorbije honderd jaar, heeft veel te maken met betere machines die lastige, repetitieve taken hebben overgenomen. Dat we langer leven dan ooit te voren, danken we aan betere farmaceutische producten en medische behandelingen.

Dat mag zeker niet de indruk geven dat creatieve destructie altijd aangemoedigd wordt. Integendeel, omdat er altijd gevestigde belangen zijn die alleen te verliezen hebben bij nieuwe concurrenten, lukt het soms om die nieuwe businessmodellen een tijdlang tegen te houden. Bij de ondergang van een ‘oude’ sector gaan op korte termijn belastinginkomsten en banen verloren, terwijl de opbrengsten van de nieuwkomer nog grotendeels op zich laten wachten, ook al zullen ze op langere termijn groter zijn.

Robotadviseurs

Ook de beleggingsindustrie is niet immuun voor golven van creatieve destructie. De telegraaf maakte in 1850 postduiven overbodig voor traders om als eerste te kunnen handelen op basis van nieuws zoals Napoleons veldslag bij Waterloo. In 1875 gebruikten ze daarvoor de telefoon, en in 1986 keken ze naar computerschermen om elkaar de loef af te steken. Vandaag zijn ze in die haastrace voorbijgestoken door hogesnelheidstraders die werken met hypergesofisticeerde programma's om supersonisch snel winst te halen uit minieme koersverschillen.

De meest recente opmars van creatieve destructie lijkt die van de robotadviseurs. Deze 'geautomatiseerde’ vermogensbeheerders stellen hun klanten enkele vragen over hun voorkeuren en doelstellingen en houden daar vervolgens rekening mee voor de samenstelling van een gebalanceerde portefeuille, waarvoor ze ingewikkelde wiskundige formules gebruiken. Zo zullen voor jongeren eerder volatiele aandelen geschikt zijn, en voor ouderen veiligere obligaties. De beheerskosten van robotadviseurs als Wealthfront of Betterment bedragen tussen 0,25 en 0,50 procent van de belegde activa. Bij actief beheer van traditionele spelers ligt dat al snel tussen 1 à 3 procent.

Marketingverhaal

Jacques Berghmans, medeoprichter van TreeTop Asset Management, betwijfelt de destructieve kracht van deze nieuwe creaturen. Het is vooral een marketingverhaal, meent hij. ‘Ik zie niet in waarom robotadviseurs, die uiteindelijk ook maar geprogrammeerd zijn door mensen, systematisch beter zouden presteren dan de markt. In de VS slaagde sinds 1925 amper 3 procent van de beheerders van actief beheerde fondsen erin de markt langer dan tien jaar te kloppen. Het is onzinnig om te geloven dat robotadviseurs dat plots veel beter zouden doen.’

Beleggers doen er verstandiger aan om gewoon de index te volgen, vertelt Berghmans. ‘Je doet dan beter dan 97 procent van de mensen, en dat met minder risico. Het is wel cruciaal om voldoende spreiding aan te houden. Wie dertig jaar geleden alleen in de Japanse beursindex belegde, is vandaag de helft van dat belegd vermogen kwijt. Beleggers mogen niet de ene keer in de VS willen beleggen, en de andere keer in Europa, maar moeten overal tegelijk aanwezig zijn. Dat kan bijvoorbeeld via de MSCI All Country World Index, die aandelen omvat van 23 ontwikkelde economieën en 23 opkomende landen. De index dekt daarmee ongeveer 85 procent van het wereldwijde beleggingsuniversum.’

Logo
Tijd Connect biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.