Bakens uitzetten in woelig water

Olivier Macq en Karel Tanghe, Partners KPMG

Het is niet omdat de ontwikkelingen in de bank- en verzekeringswereld complexer dan ooit zijn, dat men alle hoop moet laten varen om er inzicht in te krijgen. Enkele goed gemikte vaststellingen en conclusies helpen bedrijven een heel eind op weg. Twee deskundigen zetten lichtbakens uit: Olivier Macq, partner en hoofd Financial Services, en Karel Tanghe, partner en hoofd verzekeringen bij KPMG.

Hoe moeten we de ernst van de crisis in de bankwereld uiteindelijk inschatten?

KPMG: De zeer penibele crisis van 2007/2008, met onder meer het Lehmann-debacle in een tragische hoofdrol, heeft eerst geleid tot een groot wantrouwen ten gevolge van een onzekerheidsgevoel wat zich heeft geuit in een opdroging van de liquiditeiten voor de banken. Dat zette het traditionele financieringsmodel van die sector onder zware druk. Bovendien versterkt de eurocrisis het gevoel van onzekerheid. Niet onlogisch dus dat er een vloedgolf aan verstrengde en/of nieuwe reglementen op gang is gekomen, die tot doel hebben voortaan de liquiditeit, de solvabiliteit en de bescherming van de consument strak op te volgen.

De verzekeringswereld wordt wat minder hard getroffen dan de bankwereld. Hoe komt dat?

KPMG: Levensverzekeraars kennen globaal genomen een veel langere tijdshorizon dankzij hun lopende contracten. Indien de duurtijd en het rendement van hun beleggingen goed afgestemd zijn op hun verplichtingen zijn ze beter gewapend om op korte termijn stormen op de kapitaalmarkten te overbruggen. Ook werken ze in vergelijking met een commerciële onderneming volgens een omgekeerde productiecyclus: zij innen eerst de premie en verlenen pas later hun diensten. Daarom kampen ze veel minder snel met liquiditeitsproblemen. De risicoappetijt van verzekeraars is door hun businessmodel ook verschillend wat leidt tot een verschillende samenstelling van hun beleggingsportefeuille in vergelijking met bankiers.

Voor welke concrete uitdagingen staan de bank- en verzekeringswereld? Ligt de nadruk niet op de effecten in de marktomgeving?

KPMG: Wij groeperen de uitdagingen in vijf kernthema’s: marktomgeving, politieke en economische omgeving, de context van nieuwe regelgeving, de evolutie van gedragingen en andere externe factoren (zie figuur). In het bijzonder blijft, door het klimaat van onzekerheid, de liquiditeitscyclus een uitdaging. Er is dan ook een grotere rol weggelegd voor de centrale banken. Banken desinvesteren ook. Ze stappen uit activiteiten die veel eigen vermogen en liquiditeiten opslorpten en riskant waren. Er worden ook activa verplaatst om zich in te dekken tegen verdere mogelijke evoluties bij de euro-overheden.

De zeer lage intrestvoeten zijn niet altijd een voordeel. Welke maatregelen nemen verzekeraars in dit verband?

KPMG: Levensverzekeraars beschermen zich door hun toekomstige intrestgarantie in tak 21 aan te passen aan de rente-omgeving en de samenstelling van hun beleggingsportefeuille bij te stellen. De risicovrije rentevoeten zijn momenteel zo laag dat verzekeraars bijvoorbeeld met hun beleggingen de wettelijke intrestgarantie bij groepsverzekeringen, namelijk 3,25% en 3,75%, voorzien door de Wet op de Aanvullende Pensioenen, niet meer kunnen terugverdienen.

Zij willen die afgeschaft of verlaagd zien. Hierdoor willen de meeste verzekeraars de WAP-garantie niet meer in nieuwe contracten opnemen. Als de overheid niet toegeeft, riskeert de werkgever op te draaien voor het verschil tussen wat de verzekeraar uitkeert en wat de wet voorschrijft. Werkgevers zullen hierdoor geneigd zijn minder snel groepsverzekeringen af te sluiten. Dat vergt een hervorming.

Zowat alle westerse landen boeken zware begrotingsdeficits. Tegelijk willen overheden hun burgers-consumenten almaar beter beschermen. Dat verhoogt toch de regelgevende druk?

KPMG: België heeft in korte tijd de fiscale druk opgevoerd met een directe impact op de bevolking en op de financiële sectoren. Maar de grootste weerslag zit inderdaad in de fors verstrengde reglementeringen. Zowel nationaal, als Europees en internationaal moeten de nieuwe vereisten banken en verzekeringsmaatschappijen veiliger maken, zodat mensen hun spaartegoeden niet kwijtraken. De Europese regelgeving voor banken is vervat in de CRD reglementeringen en gebaseerd op de Bazelakkoorden, die voor de verzekeraars in Solvency-regelgeving. Zij worden aangescherpt, respectievelijk in Bazel III-CRD iv en Solvency II.

Voor banken verstrengden vooral de regels voor solvabiliteit, liquiditeit en de ‘leverage ratio’. Het eigen vermogen moet groot en gezond genoeg zijn om schokken op te vangen. Banken drijven hun eigen vermogen op en herzien de samenstelling ervan. Zij ontwikkelen daarvoor nieuwe activiteiten en spreken investeerders aan. Maar die krijgen niet meer de vroegere rendementen van 12 tot 15 procent. Een merkelijk lagere return maakt het niet vanzelfsprekend om kapitaal aan te trekken.

Voert de verzekeringsbranche op het vlak van regels en standaarden geen inhaalmanoeuvre uit tegenover de bankwereld?

KPMG: Dat klopt, de nieuwe Solvency II-regelgeving, die begin 2014 van kracht zou moeten worden, voert in tegenstelling tot het forfaitair stelsel in Solvency I een nieuw solvabiliteitssysteem in, met kapitaalvereisten in functie van het risicoprofiel. In essentie heeft de nieuwe standaard dezelfde pijlers als in de bankwereld: kwantitatieve kapitaalsvereisten, degelijke governance en een pakket informatieverplichtingen voor de toezichthouder en het publiek. Anderzijds wil de toezichthouder de regels inzake klantenbescherming en informatieverplichting die reeds gelden voor de banken (MiFiD-regels) ook invoeren voor bepaalde levensverzekeringsproducten.

Worden de diensten van banken en verzekeraars hierdoor niet duurder?

KMPG: Betere consumentenbescherming door strengere regelgeving heeft onmiskenbaar een hogere kostprijs. Het is een hele uitdaging voor de financiële sector om zijn businessmodel aan te passen, te verbeteren en om de kostprijs van de door de overheid beoogde bescherming niet door te rekenen aan de consument. Beide sectoren zijn zich maar al te goed bewust van de erosie van het klantenvertrouwen de voorbije jaren. Zij willen dan ook zelf heel graag aantonen dat ze bijzonder zorgzaam omspringen met het spaargeld van hun klanten. Dat kan zelfs tot een nieuwe ‘duty of care’ merkprofilering leiden.

Ondertussen breken nieuwe technologieën door en moet ook hier veiligheid vooropstaan.

KPMG: Mobiele technologie voor betalingen, cloudcomputing en sociale media bieden heel wat opportuniteiten voor banken en verzekeraars om sneller en efficiënter met klanten te communiceren, maar bieden tegelijk heel wat uitdagingen inzake beveiliging en fraudepreventie. Vooral verzekeraars zullen hun IT-systemen grondig moeten updaten.

Hebben uitdagingen zoals vergrijzing, klimaatopwarming en de talentenoorlog duidelijke gevolgen voor de financiële branches?

KPMG: De steeds langere levensverwachting en langere loopbanen leiden in sommige landen nu al tot nieuwe producten. De klimaatkwestie liet zich in 2011 al heel concreet voelen. Het was een recordjaar voor natuurrampen in de wereld, wat de verzekeringspremies omhoog jaagt. De schaarste aan talent riskeert nog nijpender te worden omdat er steeds meer kennis van complexere regelgeving en technologie vereist is. Zowel specialisten als allrounders zijn nodig.

Welke rol ziet KPMG voor zichzelf weggelegd?

KPMG: Inzicht geven in de onderlinge samenhang van de uitdagingen is de boodschap. En van daaruit bedrijven helpen om waarde te creëren door hun strategie en business model te herdefiniëren en hun processen en technologie te verbeteren. We tonen bedrijven hoe ze eraan kunnen beginnen en we stippelen samen een traject uit.

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud