Logo
Tijd Connect biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.

Vrouwelijke ingenieurs: sta op!

‘Dit beroep biedt waanzinnig veel mogelijkheden. En dat wordt veel te weinig benadrukt.’ - Lore Stevens, ingenieur bij het Vlaams Energieagentschap (VEA) ©Studio Dann

Vrouwen zijn de zeldzaamste ingenieurs van allemaal: met amper 25 procent van het totale aantal afgestudeerden en nog minder op de werkvloer. Hoe is het om te werken in een mannenwereld? En waarom kiezen zo weinig vrouwen voor dit carrièrepad?

Als vrouw in een mannenwereld

Lore Stevens coördineert als ingenieur het Team Methodieken bij het Vlaams Energieagentschap (VEA). Op haar afdeling zijn de vrouwelijke ingenieurs in de meerderheid. Een absolute zeldzaamheid.

In het zesde middelbaar besloot Lore Stevens om ingenieur te worden. Met een aangeboren interesse in wiskunde en wetenschappen, leek dit een logische studiekeuze. Al was het zeker geen vanzelfsprekende keuze. ‘Voor mijn opleiding ben ik met een paar bevriende ingenieurs gaan praten, om te weten hoe zij hun job beleven’, zegt Lore Stevens.

‘Ik wist toen nog niet zeker of dit iets voor mij was. Op aanraden van mijn omgeving ben ik begonnen met de opleiding burgerlijk ingenieur: omdat je daar achteraf alle richtingen mee uit kunt. Tijdens mijn studie werd me duidelijk wat ik wilde. En uiteindelijk ben ik afgestudeerd als ingenieur werktuigkunde met de specialisatie energietechnieken.’

Mannen in de minderheid

Vandaag werkt Lore Stevens voornamelijk rond EPB- en EPC-rekenmethodieken bij de cluster energie-efficiëntie van het Vlaams Energieagentschap, bij de Vlaamse overheid. In haar team zijn er minder mannelijke dan vrouwelijke ingenieurs: twee tegen vijf. Lore Stevens: ‘Mannen en vrouwen worden hier gelijk behandeld. Er heerst een heel leuke dynamiek onder de collega’s. Vrouw zijn is in mijn huidige functie helemaal geen nadeel. Integendeel: volgens mij kijken vrouwelijke ingenieurs iets empathischer naar leidinggeven, en houden ze meer rekening met de behoeftes van anderen.’

Alleen wanneer Lore Stevens met externen samenwerkt, wordt ze wel eens geconfronteerd met vooroordelen. Vooral bij mensen uit de bouwsector – een traditionele mannenwereld – moet ze zich soms extra bewijzen. ‘In het begin worden er wel eens grapjes gemaakt. Ik heb dan een beetje het gevoel dat mijn kunde ter discussie wordt gesteld, omdat ik een vrouw ben. Maar zodra ik mijn kennis en expertise deel, word ik wel meteen serieus genomen.’

Ook in haar vorige job op een R&D-afdeling werd Lore Stevens – als enige vrouwelijke ingenieur in de afdeling – in het begin soms geconfronteerd met vooroordelen. ‘Naar mijn gevoel kreeg ik daar de eenvoudige, weinig uitdagende opdrachten. Een klant noemde mij zelfs eens de secretaresse van het afdelingshoofd. Ik moest er wat extra pushen om complexere opdrachten te mogen uitvoeren. Maar uiteindelijk is dat ook allemaal goed gekomen.’

Gewoon doen

Waarom het ingenieursberoep zo weinig vrouwen aantrekt? Het schrikt onterecht af. Veel vrouwen denken dat dit beroep heel carrièregericht is en niet te combineren valt met een gezinsleven. Lore Stevens: ‘Dat hangt af van hoe je zelf het beroep invult. Voor wie wil, zijn er veeleisende en ambitieuze carrièrejobs. Maar je kunt als ingenieur ook perfect tijdens de kantooruren aan de slag. Er zijn waanzinnig veel mogelijkheden in dit beroep: dat wordt veel te weinig benadrukt. Durf gewoon de uitdaging aan te gaan. En je job is gegarandeerd.’

 

‘Maak weloverwogen carrièrekeuzes, en wees gelukkig met die keuzes: dat is het allerbelangrijkste.’ - Danielle Baetens, ingenieur bij Grant@vice ©Studio Dann

Tegen alle advies in

Toenmalige raadgevers - het PMS, de school en de ruimere omgeving–raadden Danielle Baetens eerder af de studies burgerlijk ingenieur aan te vatten. Dat advies heeft ze compleet genegeerd. En zonder spijt, zo blijkt. ‘Is onze huidige maatschappij er klaar voor om naast punten op een rapport ook naar de passies van meisjes te kijken en hen te ondersteunen in het maken van gerichte keuzes?’

Oorspronkelijk wilde Danielle Baetens piloot worden. Vandaag is ze burgerlijk scheikundig ingenieur en zaakvoerder van Grant@vice, een consultancybedrijf dat kmo’s en grote bedrijven begeleidt en inspireert rond subsidies en innovaties. ‘Voor piloten is een diploma burgerlijk ingenieur een mooie basis. Ik had oorspronkelijk dus niet de ambitie om ingenieur te worden. Uiteindelijk heb ik mijn pilotendroom opgeborgen, omdat de opleidingskosten onbetaalbaar werden.’

Verkeerd studieadvies

En daar is Danielle Baetens niet rouwig om. Vandaag blikt ze terug op een rijk gevulde ingenieurscarrière. Na haar doctoraatstudies werkte ze onder meer voor de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO), Deloitte en EY. In 2010 richtte ze haar eigen bedrijf op. ‘Deze carrière had ik gemist, als ik naar het studieadvies binnen mijn omgeving had geluisterd. Jongens worden via allerlei kanalen vaak gepusht in een ingenieursopleiding, terwijl dat bij meisjes niet gebeurt - zelfs al scoren ze uitstekend op wiskundevakken.’

Dat is volgens Danielle Baetens een van de redenen waarom er vandaag zo weinig vrouwelijke ingenieurs zijn. Ook op het werkveld heersen er nog te veel vooroordelen ten opzichte van vrouwelijke ingenieurs, vindt ze. ‘Toen ik voor Deloitte en EY werkte, had ik vaak mijn naamkaartje nodig om ernstig genomen te worden. Als ik bijvoorbeeld klanten uit de chemische sector ontmoette, drong het pas tot hen door dat ik niet de secretaresse was, zodra ze de titel “ir” voor mijn naam zagen staan.’

Talenten en passies

Een maatschappij die meer oog heeft voor de talenten en passies van iemand, en niet voor het geslacht en het bijhorende diploma: daar moeten we naartoe, meent Danielle Baetens. ‘Bedrijven die mensen op hun talenten inzetten, worden sterker. En dat kan al vanaf de sollicitatieprocedures. Daarbij moet je ook nauwkeuriger kijken naar de passies van de kandidaten. Want daaruit leren bedrijven wat mensen naar hun sterktes leidt. Wie bijvoorbeeld een passie heeft voor het analytische, is sterk in samenhang en verbanden vinden bij complexe projecten. Man of vrouw zijn, heeft daar niets mee te maken.’

Ingenieurs moeten ook leren om keuzes te maken. En elke keuze heeft voor- en nadelen, besluit Danielle Baetens. ‘Wie kiest voor een job in een productieomgeving, weet dat daar soms avond- en weekendwerk voor nodig is. Wie voor een gezin kiest, is misschien beter af met een functie binnen de kantooruren. Of kan naar zo’n functie evolueren, wanneer het nodig is. Gelukkig is er voor ingenieurs geen gebrek aan werk. Integendeel zelfs. Maak weloverwogen carrièrekeuzes, en wees gelukkig met die keuzes: dat is het allerbelangrijkste.’

M/v: de cijfers

In 2016 telde de EU 17 miljoen wetenschappers en ingenieurs: 60 procent mannen en 40 procent vrouwen. Maar liefst 83 procent van de wetenschappers en ingenieurs in de productiesector zijn mannen. De verhoudingen in de dienstensector zijn meer in evenwicht, met 55 procent mannen en 45 procent vrouwen. In Litouwen, Bulgarije en Letland zijn de meeste wetenschappers en ingenieurs vrouwen: respectievelijk 58, 54 en 52 procent. Maar aan de andere kant zijn minder dan een derde van de wetenschappers en ingenieurs vrouwelijk in Luxemburg (25%), Finland (25%), Hongarije (31%), Oostenrijk (32%) en Duitsland (33%).

(Bron: Eurostat)

Lees verder

Logo
Tijd Connect biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.